foto

hoezo nick cave?

wacht op mijn fiets

achter traliestangen gevangen

spuitbusgestoorde
Wie heeft dat daar op de muur geschreven????????

open doekje

bodmin moor

docks
Ik lijk wel een reclame voor Docks

liefje
Inderdaad; mijn lief

Lang Haar
Toen had ik nog lang haar...

Luxaflex
Een oude, wazige foto. Blijft mooi.
gastenboek
name : Lev Bont (mail)
message : Beste dichter, Wat een schitterende teksten schrijft U. Ik ben verschrikkelijk ontroerd. Ik heb bijna nog nooit zoiets moois gelezen. U bent (al klinkt dat overdreven) het licht in mijn duisternis. Uw woorden, zo zorgvuldig gekozen ook, gaven mij zo een innerlijke rust

name : Jenny (f)
message : Hey..jij kwam elke zondag rond twee uur een amsterdammer bij mijdrinken..in de Lazy...Leuke site..had ook niet anders van jou verwacht.. Kusjes Jenny

name : Kim van der Sar (f)
message : Goede site.Mooie gedichten. Doei!

name : Joop (m)
message : Ziet er goed uit! Eindelijk een keer een kijkje genomen.. ben maar begonnen bij het gastenboek. Ga nu wat muziekjes luisteren.. Welk donker hoekje heb je gister opgezocht? Kon jullie niet vinden. groetjes joop

name : een muzekant ()
message : Even voor alle duidelijkheid: ik zag dat 2959 mensen naar Muze hebben geluisterd! Of mis ik ergens een komma...alhoewel, 29,59 mensen? Misschien is er iets mis met de teller Marcel, zo niet, dan worden we misschien echt groot! Tot woensdag!

name : janneke (f)
message : Veel suc6 morgen! Mervyn...beterschap! Groetjes Janneke

name : Elfje (f)
message : Het wordt steeds voller en interactiever die site. Mooi man, heb je nog wel tijd om te schrijven? Doei

name : Knigge (m)
message : Mooie site en wat belangrijker is; stimulerende inhoud. Ga zo door!

name : Nikita ter Veen (f)
message : mooie site! Ook mooie gedichten en verhalen. Groetjes Nikita

name : Hannah vd Bosch (f)
message : Je bent bij deze uitgenodigd om eens te komen optreden in Dublin. Zou je werk graag eens willen horen, en ben van het type 'berg k

name : Ruben (m)
message : Top optreden op 25-11-00 bij ons in de kroeg!!! Zeker voor herhaling vatbaar. Cya!!!

name : Evita (f)
message : Zomaar verzeild geraakt in je site. Wat een boel! Maar wel mooi... Zeker doorgaan, ik kom vaker!

name : Peter v Heiningen (m)
message : Qua opbouw en vormgeving een prima site. Mijn complimenten. Je werk kende ik nog niet. Spreekt me wel aan.

name : Elewout (m)
message : Na een minuut of 5 te hebben rondgehobbeld, natuurlijk bij de gedichten etc., kan ik zeggen puik werk jongen ziet er leuk uit allemaal en wat betreft gedichten tja lekker en mooi.

name : Elewout (m)
message : Intro van je site is mooi :) dat moet ik je nageven .. nu de rest nog .. Ik zelf sinds korte tijd ook aan het schrijven geraakt en het gaat tot nu toe wel aardig.Maar dit is jou site en jou gastenboek .. resterende commentaar zal gerust nog wel komen maar voor nu dus het begin mooi man ..

name : Charrel (m)
message : hoi hoi hele mooie site maar ook tevens heel irritant.voornamelijk omdat men niet meer terug kan omdat het beeldvullend is(erg irritant)nu moet ik de browser helemaal afsluitem met ctrl alt delet hier is niet echt over nagedacht door de webdesigner :-)

name : Anton Greefkes (m)
message : Erg mooie site, ben er wel een beetje jaloers op. Ook mooie muziek. Zelf doe ik iets vergelijkbaars, alleen gebruik ik werk van 20ste eeuwse dichters.http://home.soneraplaza.nl/mw/prive/poetisch.groetjes Anton Greefkes

name : janneke (f)
message : Muze is echt goed! Zag jullie voor het eerst op tvnoord en sindsdien kom ik veel op deze site. Vooral maandans is mooi!He Mervyn heb je de nieuwe Toto-site al gezien? groetjes Janneke

name : Bastiaan Vinke (m)
message : Mooi ontworpen site, leuke gedichten. Wat ik ook waardeer is dat je niet alleen schrijft maar ook meer doet. Als gewezen journalist ben ik ook met meer dan alleen schrijven bezig. Ga zo door!www.deontmoeting.homestead.com

name : Janneke (f)
message : Hoj! Ik kwam toevallig weer eens hier terecht, en het was MOOI :D Ik heb me gelijk meer even aangemeld voor de digidichterchat en forum. Ga zo door, Groet, Janneke

name : happypattii (f)
message : hoi zoyla!!!!! wat een mooi meisje hebben jullie gekregen zeg!!!! gefeliciteerd!!!!! liefs, pattii
JAA! dat klopt. Je kunt haar bewonderen op http://rosa.digidichter.nl Zowel moeder als dochter maken het super!
name : Guusje (f)
message : Hallo , via poezie amateurs, kwam ik bij je geweldige mooie site, ik heb erg genoten van je gedichten en kom zeker terug. Mijn complimenten!!!!! Groetjes Guusje

name : Thale (m)
message : Was al lang niet meer geweest. En nu nog lang niet alles gezien. Wel jaloers op hoe gelikt alles er uit ziet. En het was maar goed voor stille mot (muze) dat ik naar utrecht ging... goeie gitarist, had ik nooit gekund... klinkt lekker (alweer die jalouzie....!) Groet Thale

name : Ruud (m)
message : Zeer apart, zeer uniek, mooi om te lezen en luisteren....groeten Ruud

name : Edgar (m)
message : He Marcel, Je hebt er een mooie site van gemaakt. erg elegant. Al een behoorlijke tijd niets meer van je vernomen. Kom eens langs in onze (al bekende) stamkroeg. Misschien tot ziens? Gr Edgar
Ik was er onlangs maar kon je niet vinden aldaar...
name : Tim! (m)
message : Ha Marcel, hier is Tim! Leuke site. Ik heb weer ff Maandans geluisterd, die vind ik toch de beste! En de intro is hartstikke grappig! Kon er erg om lachen! Tot ziens maar weer! Groeten van het broertje van je verloofde

name : Santiago de la monta (m)
message : Hola, Que tal hombre por lo que entiendo eres un poeta. Me alegro mucho que has encontrado una manera de dar tu poesia al mundo... me parece fenomal... Tengo tu direccion de un amigo tuyo que vive en Utrecht... se llama thale creo.... Pues nada que disfruta... de la internet! Encantado Jacob

name : kim (f)
message : Mooi man, ik heb alle sijlen gezien maar nachkroppels is he bese voor jou sie. ku man, de van ering doe he nie meer... nog een keer maar dan me de d; Mooi man, ik heb alle sdijlen gezien maar nachdkroppels is hed besde voor jou side beder ;-) maar klinkd wel verkoude hihi

name : kim (f)
message : De T doet het weer. En je hebt een nieuwe stijl erbij. Ook mooi. ;-)

name : Thale (m)
message : Is weer mooi...! Kiezen uit verschillende stijlen...! Beveel de site zelfs aan bij vriendjens en vriendinnentjens... Echt, later als ik groot ben wil ik dit ook...! Wacht maar... (als ik een nieuwe compu heb...) Groets Thale

name : nicki (f)
message : ik kwam hier via ongekendtalent.nl SUPER man! succes ermee.

name : Naomi (f)
message : Prachtige gedichten staan er tussen! Groetjes aan Evinga ;-)

name : anneleine (f)
message : hallo lieve broer t was alweer ff geleden dat ik op deze site was geweest maar nu heb ik m weer bekeken en ben super trots! ik krijg van veel mensen uit mijn omgeving te horen dat ze jou "kennen" en dolenthausiast zijn over jouw werk............. hele dikke knuf, je zus

name : remke (f)
message : wat een ontzettend mooie site en veel goede theaterteksten. Een aantal theaterteksten heb ik geprint om nog eens nader te bestuderen. Misschien wil ik een van deze in de toekomst wel bewerken voor een theatergroep van acteurs met een verstandelijke beperking (www.theaterklapstuk.nl). Maar hier kom ik dan natuurlijk nog bij u terug voor toestemming etc.

name : Jos (f)
message : FANTASTISCH%2521%2Bwat%2Been%2Bmooie%2Bsite%252C%2Bwat%2Been%2Bzinderende%2Bmuziek%252C%2Ben%2Bgeweldige%2Bteksten%2521Ik%2Bheb%2Bgenoten%2521%2521%2521%2521%2521Hartelijke%2Bgroet%252CJos%25E9

name : Jos (f)
message : Ben%2Bhier%2Bniet%2Bweg%2Bte%2Bbranden.....geweldig%2Becht%2521Zou%2Bme%2Bvereerd%2Bvoelen%2Bmet%2Been%2Bbezoekje%2Bvan%2Bjou%2Baan%2Bmijn%2Bsite....je%2Bbent%2Bwelkom....Lieve%2Bgroet%252CJose

name : Edgar (m)
message : Hoi%2BMarcel%252CTis%2Bzeer%2Bzeker%2Bniet%2Bmis.%2BMooi%2Bgemaakt%2Bjoh%2521%2521%2Bwerkt%2Bvolgens%2Bmij%2Book%2Bhelemaal%2Bgoed.%2BAantal%2Bgedichten%2Bken%2Bik%2Bnog%2Bmaar%2Bde%2Bmeesten%2Bnog%2Bniet%2Bgelezen.%2BDaarvoor%2Bkom%2Bik%2Bwel%2Bregelmatig%2Bterug%2Bals%2Bik%2Bdaarvoor%2Bin%2Bde%2Bjuiste%2Bstemming%2Bben.%2BToch%2Bblijft%2B%2527Groningen%2527%2Been%2Bmooi%2Bgedicht%252Fstad%2B%253B%2529

name : Thale (m)
message : Hee%2BMarcel%252CAlles%2Bweer%2Beens%2Bbekeken%2Ben%2Bnog%2Bsteeds%2Bjaloers...%2BLater%2Bals%2Bik%2Bgroot%2Bben%252C%2Bis%2Breeds%2Bgearriveerd%252C%2Bechter%2Bik%2Bwil%252C%2Bdenk%2Bik%252C%2Bnog%2Bwel%2Beens%2Bop%2Bkraamvisite%2Bkomen...%2BHet%2Bkroost%2Bkan%2Bal%2Blopen%2Ben%2Bis%252C%2Bhoop%2Bik%252C%2Bal%2Bzeer%2Bgevat%2Bin%2Bopmerkings...%2BDan%2Bwordt%2Bhet%2Btoch%2Beens%2Btijd...%2BOh%2Bja%252C%2Bik%2Bben%2Bverhuisd%252C%2Bmaar%2Bhet%2Bis%2Bnog%2Bsteeds%2BUtrecht...Groets...

name : Martin Houtzager (m)
message : Hoi+Marcel%2CIk+heb+nooit+geweten+dat+je+zo+makkelijk+op+internet+te+vinden+bent....+Heel+grappig+is+om+te+zien+dat+Jeroen+zich+ook+veel+bezighoud+met+dichten...+lijkt+wel+in+de+familie+te+zitten.+Nu+weer+een+stuk+volwassener+als+bij+onze+laatste+ontmoeting+in+Odeon+zou+ik+graag+weer+het+contact+willen+hernieuwen..+hoor+graag+van+je%21+greetz+Martin

name : Pascal (m)
message : HeyHey+mijn+mede+koffie-aanbiddende-neef%21Heerlijke+gedichten%2C+was+al+een+bezigheid+voor+mijn+tussenuren%2C+maar+nu+ik+nog+meer+tussenuren+krijg+kan+ik+nog+meer+lezen...Ik+zou+zeggen%2C+Jack+II+misschien%3F%3FGroetjesPascal

name : debby en marja (f)
message : hallo+marcel%2C+wassup%3F+Are+you+still+dichting%3F+Where+are+you+hanging+out.+Debski+and+i+are+sitting+in+New+York+drinking+sparkling+wine.+now%2C+that+was+it.+Bye+bye%21

nieuws
name : DigiDichter
message : Hier kunt u nieuws lezen van en over de DigiDichter.

name : DigiDichter
message : Mijn vriendin Evinga ligt in het ziekenhuis om te bevallen van een MiniDichter. We hopen dat het spoedig gaat gebeuren, het gaat nu niet echt voorspoedig dus ik ben naar huis gestuurd om bij te slapen. Snel meer nieuws...

name : DigiDichter
message : Op 4 september is Rosa Annaleah mijn dochter geworden. Met een te zware bevalling kijkt ze toch helder en sterk de wereld in. Dikker dan ik ben doet ze het goed, de moeder ook. Ik kan niet wachten tot ze thuis komen. Supertrots glimlach ik mijn dagen door...

name : DigiDichter
message : CamilleCamille, een theaterstuk van de DigiDichter, wordt uitgevoerd! Een nieuwe theatergroep, Memento, heeft het op zich genomen om het stuk over beeldhouwster Camille Claudel op het podium te zetten. Naar verwachting komend voorjaar zal een landelijke voorstellingsronde van start gaan. Streven is om 50 voorstellingen op lokaties te brengen. Alles is natuurlijk nog onzeker in dit vroege stadium maar er word hard aan gewerkt...

name : DigiDichter
message : Zojuist kreeg ik wat getalletjes door met bezoekersaantallen. 16.771 klink niet slecht. Maar het kan beter. En om iedereen een DigiDichter naar keuze te geven ben ik weer druk bezig de vormgeving om te gooien. Later meer hierover.

name : DigiDichter
message : SKINS!!! De nieuwste toevoeging in de DigiDichter is dat je zelf kunt kiezen hoe de site er uit ziet. Ga naar de pagina met stijlkeuze en klik op een versie. Als het ware een skin. Daarnaast zijn de gedichten uitgebreid. Het aantal groeit, de mogelijkheden ook. Je kunt nu ieder gedicht een waardering geven.

name : DigiDichter
message : De DigiDichter is de komende week "Talent van de week". Althans, op ongekendTalent.nl, een site van de NCRV. Kijk er ook eens en stem voor me, want dat helpt me (muze) een stapje dichter bij Radio2 en 3FM...

name : DigiDichter
message : Na Talent van de week is de DigiDichter nu in de strijd voor een plekje op Radio 2. Om een plekje in het radioprogramma te veroveren heb ik veel stemen nodig. Help de DigiDichter de radio op... Ga naar www.ongekendtalent.nl, klik bij events op volgspot en stem op de DigiDichter.

name : DigiDichter
message : Nu duurt het niet lang meer; het stuk CamilleCamille, zal in januari in premiere gaan. Uitgevoerd door Memento zal het stuk een tiental voorstellingen geven in Noordelijke theaters en galeries. Camille komt midels beeldhouwwerk, dans en hoorspel-achtige technieken helemaal tot leven.

name : DigiDichter
message : Gister was de laatste voorstelling van CamilleCamille. Het publiek bij alle uitverkochte voorstellingen was zeer enthousiast. Het Universteitstheater heeft de voorstelling veruit de beste van het seizoen genoemd.

name : DigiDichter
message : Lees nu dagelijks een gedicht zonder helemaal naar de site te hoeven.
hier staat een RSS-feed voor je klaar! Voor in je rss-reader. Hou je meer van podcasten? klik dan hier. Een podcast? Ja, muziek in je reader, voor op je iPod ofzo.

info
type : biografie
biografie
In januari 1969 kroop ik in Alkmaar uit mijn moeders ingewanden, om al snel de poepluier voor al wat schrijven kan in te ruilen. Er volgde een stereotype periode die men (oh help) moeilijke jeugd noemt. Afijn, het echte leven ontspon immer op mijn kleine kamertje in het ouderlijk huis, waar ik druk ontplooiende was. Zo heb ik me bekwaamd in architectuur, grafisch ontwerp, muziek luisteren, strips tekenen, dromen, dansen, fotograferen en ook nog schrijven. De eerste gedichten, als je ze zo noemen wil, stammen uit mijn midden-jeugd welke ik doorbracht in Weert (daar ga je van verveling wel iets zoeken dat je bezig houdt), ze gingen voornamelijk over de romance die iedereen zoekt. Toen ik die niet in vrouwen vond, meisjes toen nog, ben ik de romance in het schrijven gaan zoeken. En waarlijk, een eerste mentale romance met een vrouw volgde er op. Met haar (Spinnetje) heb ik mijn eerste bundel uitgegeven, hoewel uitgegeven voor deze oplage een groot woord is.
type : biografie
sittard
Vlak daarna ontmoette ik Ketchup. Ik liep letterlijk tegen hem op, het was de eerste dag van een saaie, niet zelf gekozen vervolgopleiding. Hij liep het lokaal uit, ik moest erin, en het was direct raak. Vanaf die dag zijn we goede vrienden geworden, samen hebben we heel wat afgeschreven. De tweede bundel met mijn naam (Krot was mijn alias) was een feit. Deze werd gepresenteerd in cafe Ut Ingelke in Weert, met wat vrienden en zelfs Franse gedichten. (later ben ik volledig van andere talen af gestapt, de laatste tijd komt Engels een beetje op vanwege enkele optredens op dat grote eiland). Juist in die tijd, waar ik sterker dan ooit zoekende was, ontwikkelde ik mijn schrijfstijl, zoals daar nu nog grote lijnen van herkenbaar zijn. Dat was in Sittard, waar ik behalve student en schrijver nog PR-medewerker van jongerencentrum Fenix was. Het contact met Ketchup vervaagde. Ik ontplooide me verder in het nachtleven, ging aan de slag met Peter van der Leeuw, een intrigant met wie ik het goed vinden kon. Deze samenwerking was op niets gebaseerd; in het Theatercafe De Sirkel kende de programmeuse mijn bundel met Ketchup en had me ingeschreven voor het smartlappenfestival aldaar. Dat vertelde ze mij tussen neus en biertje door. Peter zat naast mij, ik zei dat hij mee deed. Hoewel ik zijn naam nog niet kende was Sfinx Podiumpoezie geboren.
type : biografie
maximaal
In korte tijd maakten we vier korte shows, gebaseerd op mijn gedichten en zijn karakter. Tot in Amsterdam zijn we uitgenodigd, en als je Sittard kent dan weet je dat Amsterdam heel ver weg is. De stukken handelden over de mensheid in die periode; Umweltschmerz en Ego-Eighties zijn duidelijke titels. Steeds ging het over twee karakters die uit elkaar groeiden maar na de knieval voor het slechte leven toch weer sterker samen komen. Chantalle Willems speelde altijd een gewetensrol. Twee bundels van die teksten zijn verschenen. Diana Ozon verwelkomde mij als een nieuw lid der Maximalen.
type : biografie
groningen
Tijd om verder te gaan, naar de Groninger klei in dit geval. Vanwege een interessanter studie, welke ik overigens ook niet heb afgemaakt (milieukunde). Ik woonde in een heerlijk antikraakpand in het centrum, vervuld van Siberische Romantiek, deed wat aan de studie, moest wegens sloop terug naar Sittard waar ik ondertussen weer een vrouw had leren kennen. Terug in Groningen kwam ze mee, zo hebben we twee jaar in Baflo gewoond, een heerlijk rustiek saai dorpje op het Groningse plattland. In die tijd begon ik met toneelstukken. Weer had iemand me er in geluisd door te zeggen dat ik maar een stuk voor het jaarfeest moest schrijven. Zo gezegd zo gedaan. Alleen; waarover? Koning Arthur dan maar. Later ben ik er mee doorgegaan en heb op die manier diverse malen de eerste prijs van het Cultureel Festival te Dronten (weer zo'n gat) gewonnen. Eigenlijk; een keertje niet gewonnen. In die tijd heb ik ook heel veel gedichten geschreven, resulterend in diverse bundels, omschreven als grotestadspoezie en neo-romantiek. Tja, een hokje moet nou eenmaal. Verder ontplooide ik andere dichterlijke activiteiten, zoals muziek-poezie-band Duystr, waarmee we de voorronde van de Groninger Pop=Prima Prijs wonnen. Inmiddels ben ik daar mee gestopt en heb me gestort op een wat ouder initiatief dat nu door toevoeging van een zangeres meer inhoud krijgt. Dat is Muze, bestaande uit gitarist Mervyn Gerds en zangeres Geelke van Dellen, welke mij ondersteunen in mijn gedichtenvoordracht. De cd Vesperlicht als gevolg hebbend.
type : biografie
theater
Toen ik stopte met studie en werk omdat ik me volledig op het theater wilde gooien had ik een duidelijk plan de campagne. Hier heb ik enkele jaren hard aan gewerkt.Om in het wereldje terecht te komen heb ik veel vrijwilligerswerk gedaan. Zo werkte ik aan twee films en een grote voorstelling mee als productie-assistent bij Pavlov Media, een functie welke ik ook bij het Noord Nederlands Toneel heb vervuld. Ik word nu regelmatig gevraagd als schrijver, ook als regisseur. Zo ben ik co-regisseur geweest bij Macbeth, een schouwburgproductie voor een schooltoneelvereniging. Daarnaast heb ik Anna Karenina bewerkt tot toneelstuk, welke ik ook heb geregisseerd. Beide voorstellingen zijn een succes geworden. Enkele theatergroepen benaderden me vanwege mijn fotografie en mijn kennis van fotomanipulatie. Ik besloot me minder op regie toe te leggen en meer en meer op het schrijven, aangezien dat nog steeds mijn grootste passie is. Camille Camille heb ik uit handen gegeven aan een bekwaam regisseur, uitverkochte zalen tot gevolg hebbend. In de tussentijd ben ik de digitale reclamewereld binnengerold. Voortvloeiend uit een hobby die ontwerpen heet. Zo verworden mijn vroegere activiteiten, begonnen als tijdverdrijf in een saai stadje, langzaam tot werk. Ik hoor mensen nog zeggen maak van je hobby nooit je werk. Waarschijnlijk geldt dit voor mensen met een hobby. Ach, ik heb nog zoveel interesses dat ik driehonderd worden moet om me overal een beetje in te kunnen bekwamen. En dat is dan ook mijn streven.
type : biografie
nieuw leven
En dan komt er een nieuw leven in je leven. Rosa Annaleah, Rosa omdat het een mooie naam is, Annaleah naar een van de karakters uit Catonica. Op 4 september 2002 midden in de nacht was ze het licht. Na een moeilijke start rent ze nu vrolijk door mijn leven.
type : bibliografie
blijft hangen [1988]
Bundel met Ruud Sauer.
type : bibliografie
denkendoen [1989]
Met spinnetje
type : bibliografie
ego eighties [1990]
met Peter van der Leeuw, alias Sfinx PodiumPoezie
type : bibliografie
umweltscmerz [1990]
Met Peter van der Leeuw en Chantalle Willems, alias Sfinx PodiumPoezie
type : bibliografie
flinters op de weg [1991]
Met Danielle Diemel
type : bibliografie
splinter [1995]
Hard en scherp.
type : bibliografie
mist in de kop [1995]
wazige acties, heldere schetsen
type : bibliografie
duistr is de nacht [1996]
maar helder weergegeven
type : bibliografie
bedblues [1996]
veelomvattend werk, 100 paginas inclusief theater, tekenfilm (!) en voorzien van houten kaft.
type : bibliografie
vesperlicht [1998]
Eerste cd van Muze
type : bibliografie
maandans [2004]
laatste cd van Muze
type : dank
dank
Dank gaat uit naar dioneo.net voor de (gratis) bouw van al mijn sites. Dank zij hen die mij inspireerden voor het schrijfwerk, positief of negatief. Dank aan u die mijn werk graag leest en mij zo ondersteunt. Dank aan dierbaren.
type : invloeden
invloeden
Allereerst een schifting; invloed waarop?
type : invloeden
gedichten
Een invloed op mijn gedichten zou ik zelf niet kunnen benoemen. Gecharmeerd van de maximalen wil niet zeggen dat ik erdoor ben gevormd. Ik heb ook weinig gelezen van andere schrijvers voor ik besloot er zelf een te worden. Dichten zit in je bloed of niet. Dus hier zou ik niet zo een twee drie een invloed kunnen noemen. Wel op de manier waarop ik met het resultaat om ga. Hier noem ik met name Anne Clark en, weer, de maximalen.
type : invloeden
theater
Reeds lang verzamel ik werk van Dostojewski. Ik heb nu nagenoeg al zijn werk, de rest van zijn boeken is moeilijk te bemachtigen omdat niet alles in het Nederlands is uitgegeven. Het spreekt vanzelf dat zijn werk invloed heeft gehad op mijn schrijverij, met name op de theaterstukken hoewel Dostojewski romans schreef. In eerste instantie putte ik inspiratie uit zijn werk, zoals in De Violist. Later merkte ik dat mijn schrijfstijl ook zonder directe inspiratie zwaar leunde op Dostojewski's werk en besloot me los te koppelen. Ik ben immers geen Dostojewski en zal dat nooit worden. Ik stelde mezelf die opdracht en kwam tot De Morbidabele, waar alleen nog de omgangsvormen van die tijd naar voren kwamen. Het zware was er een beetje af. Zo ploeterde ik verder en kwam (redelijk) los van de hand waarvan ik veel gelezen had.
type : invloeden
romans
Ook mijn romans zijn in eerste instantie door Dostojewski gevormd. Niet direct, en ook niet direct vindbaar, maar toch. Catonica is immers gebaseerd op een script dat ik schreef om los te komen van een stijl. Er moeten dus resten in te vinden zijn. Misschien opmerkbaar als een andere Rus; Gorki. Daarnaast weet ik het magisch realisme als stijlinvloed.
type : invloeden
muziek
Ik ben met muziek begonnen vanwege Anne Clark. Deze Londense dichteres weet haar teksten op een zo aparte wijze op muziek te gieten; dat wilde ik ook. Ik wilde ook dat mijn tekst werd gehoord zonder dat het een gedicht werd genoemd, of een voordracht moest zijn. Wat zeker ook te horen valt is Nick Cave, en Andre Manuel. Binnen Muze is de invloed uitgegumd omdat ik hier werkte met muzikanten die een eigen geluid wisten te ontwikkelen, die een combinatie was van hun stijl plus mijn tekst.
muziek
band : muze
title : Het gemis van Brons
De warm stem van een kerkklok maakt de nacht veilig. Dit hebben we proberen duidelijk te maken in de muziek.
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen zang : Mervyn Gerds stem : Marcel Houtzager
band : muze
title : Catonische Goden
De goden van de onderwereld lonken overal, zo ook in de plooien van de steeg. Onheilspellend tokkeltje, een snelle maar zware hartslag als basisritme
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen stem : Marcel Houtzager
band : muze
title : De Duivel
Wat nu als de Duivel een lift wil?
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen stem : Marcel Houtzager
band : capcam
title : Hemellichten
Zinloosheid van snel rijden.
credits : tekst : Marcel Houtzager muziek : Michel van Kerkhof stem : Marcel Houtzager
band : muze
title : Hypnos' Liefde
De droom die zichzelf in slaap droomt. Inherente onmogelijkheid, wel een mooi nummer.
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen zang : Mervyn Gerds
band : muze
title : Ik Ben
Ik ben kwaad. Er dreigt genoeg in de lucht om donker te kijken.
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen stem : Marcel Houtzager
band : muze
title : Landschap van je lichaam
Het landschap van je lichaam biedt genoeg plaats voor een wandeling. Ziehier een routebeschrijving.
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen zang : Mervyn Gerds
band : muze
title : Liefdesliedje voor de Droom
Hoe kunnen twee mensen die niet bestaan elkaar in leven dromen? Het blijkt te kunnen. Luister maar naar dit nummer.
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen zang : Mervyn Gerds stem : Marcel Houtzager
band : muze
title : Maandans
Titelnummer van de (toekomstige) CD. Ik dans in een seance, huil met wolven.
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen zang : Mervyn Gerds
band : muze
title : Muze (fugit amor)
Camille Claudel werd vergeten door de wereld. Ik heb over haar een theaterstuk geschreven (in 2004 uitgevoerd). En dit gevoelige nummer.
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen stem : Marcel Houtzager
band : capcam
title : Nachtkroppels
Niet bestaande woorden en gefingeerde geluiden vormen een reis door mijn fantasie. Volgende halte...?
credits : tekst : Marcel Houtzager muziek : Michel van Kerkhof stem : Marcel Houtzager
band : muze
title : De Patio
Zwoele en Jazzy song. Als ooit een hit dan deze.
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen zang : Mervyn Gerds
band : muze
title : Pluk De Dag
Pluk De Dag en stop 'm in je revers.
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen zang : Mervvyn Gerds
band : muze
title : Het Raam
De liefde voor een publieke dame zo mooi neergezet dat de meeste luisteraars niet eens doorhebben dat het over een hoertje gaat.
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen zang : Mervyn Gerds
band : muze
title : Sorry
Sorry zeg je nooit eens tegen mij Zwijgen brengt je ook niet dichterbij
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen zang : Mervyn Gerds
band : muze
title : Stad Sta Stil
De stad is nooit stil, hoewel ik dat soms wens. Hier een haastige gitaarlijn en een indringend stemgebruik. Soms de stilte voor de storm, soms de stank van de stad.
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen zang : Mervyn Gerds stem : Marcel Houtzager
band : capcam
title : Stad in Steigers
Een ode aan de stad hoeft niet altijd positief te klinken... Dakpannen, heimachines, raven, pistolen, gierende remmen,
credits : tekst : Marcel Houtzager samples : Michel van Kerkhof stem : Marcel Houtzager saxofoon : Jan Klug bas : Ivo Bol drum : Wim Sebo
band : muze
title : Stille Grazer
Ik keek uit mijn raam en zag een klein konijn. Toen ik even later op de fiets sprong lag hetzelfde konijn in stukken op straat.
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen zang : Mervyn Gerds
band : muze
title : Tarantula
Als hitte afkoelt krimpt de lucht en wordt ademen moeilijker.
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen zang : Mervyn Gerds stem : Marcel Houtzager mix : Mark Hensley, DesolationStudios, Vancouver Canada
band : muze
title : Vesperlicht
Late middag, vroege herfst; de tijd van de Vesper. Lage zon, hoge wolken. Brede glimlach, smalle bagagedrager.
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen zang : Mervyn Gerds stem : Marcel Houtzager
band : muze
title : Vonk Der Liefde
Als vonken van een romantisch vuurtje ter hemel stijgen zullen zij samen een ster vormen die blijft toezien op de gelieven.
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen zang : Mervyn Gerds
band : muze
title : Water
Ik ben alles wat je wil, van ijs tot water, en als het meezit zelfs stoom.
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen zang : Mervyn Gerds stem : Marcel Houtzager
band : muze
title : De Wekker
HaastHaastHaast nooit goed
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen samples : Marcel Houtzager
band : muze
title : Winterbloem
Soms komt een bloem te laat tot bloei. Dan is deze overgeleverd aan de elementen. Deze bloem zal wel bloeien maar geen vrucht dragen. Een trieste schoonheid.
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen zang : Mervyn Gerds
band : muze
title : Zwarte Haren
Teder en intiem nummer over de woorden die je in iemands haren fluisteren kunt.
credits : tekst : Marcel Houtzager gitaar : Mervyn Gerds zang : Geelke van Dellen zang : Mervyn Gerds stem : Marcel Houtzager
band : duystr
title : Onnatuurlijke vormen
wat valt er te zeggen over dit mengsel van creatieve breinen behalve dat het freaky is...
credits : tekst : Marcel Houtzager saxofoon : Jan Klug bas : Ivo Bol drums : Wim Sebo stem : Marcel Houtzager samples : Ivo Bol
band : duystr
title : Jack
Jack Daniels, de naam zegt genoeg.
credits : tekst : Marcel Houtzager saxofoon : Jan Klug bas : Ivo Bol drums : Wim Sebo stem : Marcel Houtzager samples : Ivo Bol
band : duystr
title : Heimwee naar de Hel
Weliswaar geen tekst van mijn hand, toch toegevoegd om een helder beeld van Duystr te schetsen...
credits : tekst : Paul Jainandun Singh saxofoon : Jan Klug bas : Ivo Bol drums : Wim Sebo stem : Paul Jainandun Singh Houtzager samples : Ivo Bol
reacties
name : DigiDichter
Erg onheilspellend...
name : DigiDichter
Kijk, dat is nou een sinterklaasgedicht!
name : Kim
Ja hoor, mooi weer
name : Kim
vloeiend en klaar. mooi stemgebruik
name : Johan
blijft een van mijn favorieten
name : Digidichter
Hier is ook een lied van gemaakt, helaas nog nooit opgenomen. Zeer spannend nummer!
name : Norah
oooooh wat zoet!!!!!!!!!!!!
name : DigiDichter
Deze text is een logisch gevolg op de tekst 'ex'
name : DigiDichter
HIervan+hebben+we+ooit+een+%27muziekstuk%27+gemaakt%2C+maar+dat+wil+ik+jullie+besparen.+Is+nog+lastiger+dan+de+tekst+zelf.
name : DigiDichter
De+muzikale+versie+is+helaas+nog+niet+af%2C+wel+erg+mooi.+Een+van+de+weinige+teksten+die+ik+ook+in+het+Engels+heb+willen+vertalen.+%22Grey+clouds+turn+to+white+unseen%2Fwith+blue+spots+inbetween%22
name : DigiDichter
En+de+tekst+%27RozeRood%27+is+het+gevolg...+%3B-%29
name : DigiDichter
Luister+zeker+naar+de+muzikale+versie+door+CapCam%21
name : DigiDichter
Iemand+meende+dat+ik+wel+erg+verliefd+moest+wezen+om+zo%27n+tekst+te+kunnen+schrijven.+Niets+is+minder+waar%2C+ik+wilde+gewoon+een+lieve+tekst+schrijven+en+nam+een+hoertje+en+haar+stille+aanbidder+als+voorbeeld.
name : DigiDichter
Dit+werd+eens+vergeleken+met+%27poem+for+a+nuclear+romance%27+van+Anne+Clark.+Dat+zie+ik+als+een+groot+compliment%3B+ik+ben+een+bewonderaar+van+haar...
name : DigiDichter
Mensen+die+mijn+voorstelling+camilleCamille+hebben+gezien+snappen+hoe+gevoelig+dit+nummer+is.
name : DigiDichter
Niets+raakt%2C+daarmee+bedoel+ik+dat+je+tegenwoordig+zoveel+slecht+nieuws+te+verwerken+krijgt+dat+je+er+doof+voor+word.+Ik+snapte+niet+dat+iemand+op+de+Madrileense+aanslagen+gelaten+reageerde%3B+ach%2C+je+kon+er+op+wachten.+Dan+kan+ik+niet+anders+dan+daar+op+reageren.+%27niets+raakt%27+%28en+zelfs+dat+niet%29
name : DigiDichter
Ook+hiervan+is+een+nummer+in+wording.
name : DigiDichter
voor+u+dus...
name : DigiDichter
Dit+is+het+favoriete+gedicht+van+heel+veel+bezoekers...+Is+ook+behandeld+door+havisten+tijdens+de+Nederlande+les.+Da%27s+een+mooi+compliment...
name : DigiDichter
Zijn+trouwens+wel+vijftig+nieuwe+zorkels+voor+de+Dikke+van+Dale...
name : Evinga
Hai++knappe+vent%2CHad+je+niet+gedacht+he%2C+hier+een+berichtje+te+lezen+van+je+liefje.++Ik+vind+uiteraard+dit+je+mooiste+gedicht%2C+omdat+je+hem+toendertijd%2C+over%2Fvoor%2F+mij+hebt+geschreven.+Ga+zo+door%2C+en+schrijf+weer+eens+iets+nieuws%2C+laat+je+inspireren%3B+het+is+weer+lente.+Lente+2004.+%28+Love+is+the+air%29-x-+En+ik+hou+van+je%2CEvinga
name : Michal Krodkiewski
That+you%2C+Marcel%3FI+didn%27t+understand+the+text%2C+so+no+comment+there.+Nice+font%2C+I+guess.+Just+thought+I%27d+write+to+see+if+you%27re+OK%2C+as+it+has+been+a+long+time+since+our+last+contact.+If+you+send+me+your+direct+email+address+it+would+make+it+easier.+I%27ll+write+more+then....+Take+care.Michal+Krodkiewski
name : lydia
%E9%E9n+woord...+adembenemend%21%21
name : Jos
Weer+even+langs+geweest......ben+hier+niet+weg+te+branden....God+wat+geweldig%21Kippevel+van+maandans......Ik+zou+me+erg+vereerd+voelen+wanneer+je+eens+een+bezoekje+zou+brengen+aan+mijn+site......Lieve+groet%2CJosewww.tekstidee.moerstaal.nl
name : michris
Stil+ben+ik+binnen+gekomen%2C+en+stil+ga+ik+weer+weg.+Jouw+woorden+meenemend....En+een+schitterende+site+bovendien....dank+je+voor+het+delen.michris+++www.michris.nl
name : marianne
wat+een+heerlijk+vrij++gevoel+gevend+gedicht+ik+ben+gek+op+de+herfst+en+zoiets+zou+ik+kunnen+voelen+bij++een+herfststorm%2C+een+beetje+gelukzalig.+bedankt+dat+je+het+zo+mooi+hebt+verwoord+en+ons+mee+laat+genieten
name : hoi
hebben+jullie+ook+een+toeeelstukkie+obver+dromen%3F%3F
name : dolendo
beste%2C+dit+schrijven+heb+ik+met+bewondering+gelezen%2C+en+ik+vraag+me+af+of+het+mogelijk+zou+zijn+toenstemming+van+deze+schrijver+te+krijgen+om+dit+gediht+te+mogen+plaatsen+op+mijn+groep.+alvast+bedankt%2C+dolendo
name : toon
heel+mooi
name : Martin Houtzager
moet+zeggen+aardig+onder+de+indruk+van+je+site%21wou+ik+effe+kwijt%21Hoor+je+wel...
name : Cindy Pittens
mooi%2C+mooi+mooi...+ik+vind+het+mooi+wat+je+maakt...het+spreekt+me+regel+voor+regel+aan...+je+zegt+hoe+het+is%2C+je+vertelt+de+mooie+dingen+en+ik+word+er+niet+bang+van...+je+koestert+ze%2C+geeft+er+niet+meer+waarde+aan+dan+moet%2C+maar+wel+voldoende...+Jij+hebt+de+balans+tussen+ongevoelig+en+overgevoelig+gevonden+in+je+woorden...+ik+ben+blij+je+gevonden+te+hebben%2C+zomaar+in+de+oneindigheid+van+het+internet.mooi+vind+ik+het%2C+mooix
name : Cindy Pittens
prachtig%21hoe+waar%21
name : Cindy Pittens
Geweldig%21
name : Annemarie
Dag+dame+en+heren%2C+Ik+vind+de+tekst+heel+mooi%2C+de+muziek+ook.+Ik+vind+de+stem+mannenstem+erg+mooi+en+de+vrouwenstem+ook.+Alleen+bij+de+liedjes+die+sneller+gaan+lijkt+de+vrouwenstem+wat+vluchtig+over+komen.+Dat+is+echt+een+detail+hoor+want+het+klinkt+echt+goed%21Groetjes%2C+Annemarie
theater
title : De Violist
De Violist is een analyse van een persoonlijkheid met grootheidswaanzin. Jegor meent een geniaal violist te zijn. In het arme leven dat hij leidt, samen met zijn vrouw Catherine en haar dochtertje Maya, terroriseert hij alle vrolijkheid in zijn wanhoop. Hij zet Maya aan om te liegen over Roberto, de jeugdliefde van Catherine. Maya gelooft Jegor en verdraait alle verhalen die ze van Roberto hoort. Ze zegt tegen Catherine dat hij haar niet wil zien, ze zegt tegen Roberto dat Catherine hem niet wil zien. Roberto is onbereikbaar; in een klooster ingetreden, Catherine wordt steeds zwakker. Jegor steeds sterker. Alleen Ellen, de oude kindermeid van Catherine, ziet wat er gebeurt. Dan, door toedoen van Jegor, pleegt Roberto uit wanhoop zelfmoord. Catherine, sterk verzwakt, kan dit niet meer aan en sterft. Jegor, die al jaren zei 'als Catherine sterft staat niets mij in de weg de viool weer op te pakken en beroemd te worden' neemt zijn viool op. Speelt een elegie. Maya krijst dat het zo vreselijk lelijk is, ze kan het niet aanhoren. Jegor beseft dat zijn idee een waanidee was en wordt ter plekke waanzinnig. Maya blijft als enige achter... Een samenvoeging van delen van De Verstotene (Dostojewski) en Woeste Hoogten (Emily Bronte)
fragment : Jegor : Wat kijk jij nou, voel je je niet goed? Zal ik je helpen? Catherine : Jij? Mij helpen? Hoe verzin je het! Jegor : Nou, je ziet er niet goed uit, dan mag ik je toch wel helpen? Als je te moe bent, wie moet er dan het eten koken? Catherine : Och, god, ik dacht heel even dat je met me te doen had, maar het is weer eigenbelang! Jegor : Eigenbelang? Maya moet nog groeien van dat eten. Al snap ik niet dat ze nog groeit met dat karige voer dat hier dagelijks op tafel staat. Catherine : Denk je nou werkelijk dat ik niet in de gaten heb dat het te weinig is voor drie monden? Als het aan mij lag, meneertje Jegor, zou er iedere dag een heerlijke maaltijd op tafel staan, genoeg voor iedereen, ook voor vrienden die langs zouden komen. Jegor : Waarom is dat dan niet zo? Catherine : Pecunia groeit hier heel slecht de laatste jaren. Jegor : Pecunia? We hebben geen planten hier, alleen stoffige oude meubels die zelf lijken te leven. Ze krijgen met de dag meer rimpels. Catherine : Ach, dat past wel bij mij. Catherine gaat naast Jegor zitten. Ze legt een hand op zijn knie.
Catherine : Jegor, ik weet niet meer hoe ik het vol moet houden. Ik ben moe, zo moe. Te moe om alle winkeltjes af te gaan om voor zo min mogelijk geld toch nog genoeg te eten te hebben. Jegor : Dan moeten we daar maar eens iets aan doen. Catherine : Zeker, dat moet. Maya moet goed te eten hebben, anders houdt ze het niet vol. Ze kijkt zo bedenkelijk de laatste tijd. En vanmorgen, ik kwam binnen en ik vroeg of ze lekker geslapen had, en ze gooide zich huilend in mijn armen. Jegor kijkt verschrikt.
Jegor : Wat was er dan? Catherine : Ik weet het niet, ze zei niet waarom ze verdrietig was, ze keek me alleen maar aan met die grote ogen van haar, en ze huilde, en huilde, geen woord over haar lippen, des te meer tranen. Bitter om te zien dat zo'n klein meisje zo kan huilen. Er moet echt iets gebeuren, ik ben bang dat Maya's gezondheid er onder lijdt, en haar geest ook wordt uitgemergeld. Jegor : Maar wat valt er aan te doen dan? Catherine : Ik weet wel iets, dat zou heel veel helpen. Jegor : Wat dan, en waarom heb je het nog niet gedaan dan? Catherine : Maar dat kan ik niet doen. Jegor : Zeg nou wat we er aan kunnen doen. Het is voor een violist heel ernstig als hij te weinig eet. Want een volle geest kan niet praten met een lege maag. Catherine : Als jij nou eens serieus op zoek ging naar werk, al is het maar een beetje werk. Dan zouden we iets meer geld hebben, en beter kunnen eten. Jegor : Maar er is geen werk voor violisten hier. Catherine : Dan maar werk voor andere mensen dan violisten. Hoeveel voldoening zou het je geven als je vervelend werk deed maar wel te eten zou hebben? Jegor : En mijn roeping opgeven? Nooit! Snap dat dan! Ik kan niet werken omdat ik dan niet genoeg bezig kan zijn met mijn muziek! Ieder moment dat je niet met muziek bezig bent is een verloren minuut, dat is stilstand, achteruitgang. Dan gaat er in deze wereld een geniale muzikale minuut verloren. Hoe vaak moet ik je dat nog uitleggen! Jegor is boos opgestaan, Catherine staat tegenover hem.
Catherine : Jij bent gewoon te lui om te werken! Als jij werkelijk zo'n briljant muzikant bent, waarom merken we daar niets van dan? Jegor : Omdat ik hier, in dit hok, niet kan werken! Deze armoedige troep belemmert mijn creativiteit, ik kan toch geen mooie muziek maken in een lelijke omgeving? Catherine : Dan moet je gewoon je best doen om de omgeving beter te maken. Jij zit gewoon bij de pakken neer. Ik, die zo zwak ben, vecht door, iedere dag opnieuw voer ik een veldslag tegen mijn vermoeide knoken. Jij laat je botten verslijten door ze niet te gebruiken. Dat is het verschil! Jegor : Als ik werken zou, ik zeg als, dan zou het hier misschien beter worden, maar dan zou ik niet meer met muziek bezig kunnen zijn omdat ik geestdodend werk doe. Het is gewoon een vizu.. vici... visuele cirkel, dat is het! Catherine : Maar als er niets gebeurt, maak je ook geen muziek. Ik heb je nooit horen spelen! Wat maakt het voor jou dan uit? Niet spelen in armoede of niet spelen en geld hebben? Jegor : Wat dacht je van mijn geest? Dacht je dat ik het zou volhouden om mijn droom en roeping te zien verwaaien in de herfstbries van mijn leven, het uitdovende licht? Mijn zon zou sneller ondergaan door alle donkere wolken die mijn zicht verduisteren. Daarom! Catherine : Voor Maya zou het een wereld van verschil zijn, voor mij ook. En je zou dan met gemak een borreltje kunnen drinken met je vrienden. Jegor : Dat kan nu ook! Catherine : Op hun kosten, altijd op hun geld teren. Ik kan me niet voorstellen dat je borreltje dan nog lekker smaakt. Jegor : Als ik zou werken zou ik mijzelf verraden, en daarmee mijn vrienden, ze zouden het zien als een knieval aan het wereldse. Dan zou ik geen vrienden meer hebben om een borreltje mee te drinken. Catherine : Als jij zou werken zou ik wel met jou een borreltje gaan drinken. Jegor : Wat een belachelijk idee! Ik ga niet werken en daar mee uit!


title : De Morbidabele
Michael Weber, jong, aristocraat, geliefd. Zijn naam boeit hem. Hij meent dat hij, net als de aartsengel, de wereld mag beinvloeden naar zijn beeld. Hiertoe speelt hij allerlei spelletjes. In het geheim is hij getrouwd met een arme vrouw, die hij uiteindelijk in een uitslaande brand laat omkomen. Omdat weduwnaar zijn meer aanzien biedt. Elise, een 'min-of-meer-geliefde', twijfelt regelmatig aan zijn oprechtheid. Zij zoekt en zoekt. En vindt. Gebruikt die wetenschap om hem voor eeuwig aan haar te verbinden. Geinspireerd op Demonen van Dostojewski.
fragment : Ze denkt even na, hij gaat naar haar toe, gespannen.
Elise: Maar, weet u, ik heb evenwel gedacht, dat u vreselijk verliefd op me was. Hebt u nu geen minachting voor mijn domheid en lacht u niet om dit traantje, dat daar zojuist viel. Ik houd er erg van, te huilen, uit medelijden met mezelf. Nu, genoeg en genoeg erover. Ik deug niet en u deugt niet; allebei geen knip voor de neus waard, laten we ons daar maar mee troosten. In elk geval hoeft het gevoel van eigenwaarde er niet onder te lijden. Michael: Een overspannen droom! Hij loopt handenwringend door de kamer:
Michael: Elise, arm kind, wat heb je jezelf aangedaan? Elise: Ik heb me aan de kaars verbrand en verder niet. U weent toch niet ook al? Weest u welgemanierder, weest u ongevoeliger... Michael: Waarom, waarom ben je bij me gekomen? Elise: Maar begrijpt u dan nog niet, in welk een bespottelijke positie u uzelf voor de openbare mening brengt met zulke vragen? Michael: Waarom heb je je te gronde gericht, zo smakeloos en zo dom, en wat nu te doen? Elise: En dat is Weber, de bloeddorstige Michael Weber, zoals een dame, die verliefd op u is, u hier noemt! Luistert u eens, ik heb u toch al gezegd, ik heb mijn leven ingesteld op slechts een uur en ik ben kalm. Doet u ook zo met uw leven... trouwens, dat heeft u niet nodig; u zult nog genoeg uren en ogenblikken van velerlei aard beleven. Michael: Precies evenveel als jij immers; ik geef je mijn erewoord, geen uur meer dan jij! Hij loopt al maar heen en weer en ziet haar snelle, doordringende blik niet, waarin opeens iets als hoop scheen op te flikkeren. Maar die lichtstraal dooft op hetzelfde ogenblik weer uit. Ze zegt alles immers uit liefde maar is er bang voor; zodoende heeft ze een afstandelijkheid aangenomen.
Michael: Als je wist, waarom het me op het ogenblik onmogelijk is, je alles te zeggen, Elise... als ik maar wist... als ik je maar kon onthullen... Ze valt hem verschrikt in de rede
Elise: Onthullen. U wilt me iets onthullen? God beware me voor uw onthullingen! Hij blijft ongerust staan wachten.
Elise: Ik moet u bekennen, in mij heeft indertijd, al in Zwitserland, de gedachte post gevat, dat u iets vreselijks, onsmakelijks en bloedigs op uw geweten hebt en... iets, dat u tegelijkertijd in een erg bespottelijk daglicht plaatst... Wacht u ervoor, mij het te onthullen, als het waar is: ik zou u uitlachen. Ik zou mijn hele leven om u lachen... Ai, wordt u weer bleek? Ik zal 't niet doen, ik zal 't niet doen, ik ga dadelijk weg! Ze springt van haar stoel overeind met een beweging van weerzin en minachting.
Michael: Pijnig me maar, straf me maar, stort je woede over me uit! Je hebt er het volste recht toe! Ik wist, dat ik niet van je houd, en heb je te gronde gericht. Ja, ik heb het ogenblik voor mezelf gehouden; ik koesterde een hoop... al lang... de laatste... Ik kon het licht niet weerstaan, dat mijn hart doorstraalde, toen je gisteren bij me kwam, uit eigen beweging, alleen, als eerste. Ik ging opeens geloven... Ik geloof misschien ook nu nog. Elise: Een zo edelaardige openhartigheid zet ik u met gelijke munt betaald: ik wil niet uw liefdezuster wezen. Misschien word ik werkelijk nog eens verpleegster, als ik geen kans zie, vandaag nog te rechter tijd te sterven; maar al word ik het, dan toch niet bij u, hoewel u natuurlijk evenveel waard bent als iedere invalide. Het heeft mij altijd toegeschenen, dat u mij naar een of andere plek zoudt brengen, waar een enorme kwaadaardige spin woont, zo groot als een mens, en dat we daar ons hele verdere leven naar haar in angst zouden kijken. En daarmee zou dan onze wederzijdse liefde verlopen. Wendt u zich tot Dorina; die zal met u meegaan, waarheen u wilt. Michael: En u kunt ook nu niet nalaten, haar erbij te halen? Elise: Het arme diertje! Doet u haar de groeten. Weet ze, dat u haar al in Zwitserland voor uw oude dag hebt bestemd? Wat een voorzorgen! Wat een vooruitziende blik! Ai, wie is dat? Aan de zijkant van de zaal gaat een deur een klein eindje open; het hoofd van iemand komt er door en wordt haastig weer teruggetrokken.


title : Catonica
Catonica gaat over een Engel die op aarde is gesmeten na een misdaad in 'de hemel'. Ruim driehonderd jaar geleden heeft hij, Seltrich, in een beschermende actie, een mens vermoord. Nu moet hij boeten. Zijn boetedoening echter bestaat uit wraak. Wraak op zijn rechters. Hij volgt de familie die hem noodlottig werd en verzamelt alle gegevens over hen. Al die tijd blijft hij bij ze in de buurt. Zijn kelder staat vol voorwerpen van de familie. Dan benadert hij Cassandra, een 'reine ziel', voorbestemd om engel te worden. Via haar zal zijn wraak de hemel in schieten. Alle Engelen zullen uit de hemel verstoten worden. Want; 'als heiligen zondigen met zondige vrouwen, moet het voor een Demon wel verleidelijk zijn de zonde te bedrijven met een reine ziel'. Via een spel met alle details die hij van ze weet zorgt hij er voor dat Annaleah, de zus van Cassandra, gaat twijfelen aan Seltrich. Hij zet Cassandra aan tot een grote misdaad, zij zal besmet zijn en besmetten. Dan pas zal hij niet meer alleen zijn. Van dit werk is ook een romanvorm
fragment : Donathus op. Hij gaat weer tussen de vensters staan, hoofd naar achteren; hij kijkt naar de hemel. Dan heft hij zijn handen op en een lichtbundel valt op hem. Hij doet zijn mond open, als om te praten, geen geluid echter. Dan komt Seltrich stil op, ziet Donathus daar zo staan en imiteert zijn houding. Op hem valt dan een andere lichtbundel, rood. Donathus kijkt naar Seltrich.
Donathus Pathetisch hoor. Seltrich zwijgt, het licht dooft. Dan kijkt hij Donathus aan.
Seltrich Trucjes. Die imponeren me niet meer. Jij bent de pathetica. Donathus Was ik Pathetica, dan jij Catonica. Seltrich Zeker! De engel uit de onderwereld. Catonica, een goede naam voor gepeperde zoutjes! En jij de zouteloze slappe hap voor in de morgen, in het ziekenhuis. Daar zou je moeten solliciteren. Slaapmiddelen te kort? Huurt Donathus! Voor een gevleugelde nachtrust! Hij legt een hand op je hoofd en je slaapt, misschien wel voor eeuwig! Donathus Die bevoegdheid heb ik niet, dat weet je best. Seltrich Je bent toch opgericht om de mensen te helpen? Kan euthanasie dan niet hulp zijn? Donathus Het leven dient beschermd. Seltrich Dus jij tilt de stadsbus op als die over een spelend kind dreigt te denderen? AARGH! SPLAT! DOOD! Ja, beschermen, maar in hoeverre? Donathus Ingrijpen zou mijn aanwezigheid verraden. Ik moet onopgemerkt mijn werk doen. Seltrich Net als de KGB, iedereen weet toch dat die bestaat? Het voornaamste wat zij doen is documenteren. Net als jij. Vanmorgen begon een kind ineens in het Duits te tellen. Belangrijke informatie voor het zogenaamde hiernamaals. Donathus Waarom spot je met je vroegere taak? Seltrich Omdat ik daarvan ontheven ben. Nu ben ik mens! Donathus In hoeverre ben jij mens dan? Seltrich Meer dan jij. Ik voel warmte, zie kleuren, heb directe invloed op de wereld. Donathus Waar ligt de grens van jouw mens-zijn? Weet je dat? Seltrich Waarom stel je daar zo'n belang in? Jaloers? Donathus Neen, interesse. Heb je kinderen? Seltrich is even stil.
Seltrich Niet dat ik weet. En welk genot zou een kind zijn als je weet dat het oud wordt en sterft, terwijl je zelf de jongeling blijft? Genot heb ik genoeg gehad, HA! Een tijdelijke uitdaging van de dood is het, tart de dood door hem te dreigen nieuw leven te maken. Eros en Thanatos. Dat is jou onbekend, voor de eeuwigheid. Daar vind ik al genoeg genot in. Nu jij. Donathus zwijgt.
Seltrich Ik hou niet van mensen die niet antwoorden kunnen. Je kunt beter gaan, Pathetica. Donathus Dag, Catonica. Het slechte zal van de aarde verdwijnen en een lieflijke plek zal het worden. Seltrich buldert van het lachen.
Seltrich Ik, het slechte, draai al drie eeuwen mijn rondjes op die aardkloot, nooit ben ik onderuit gehaald door jouw vleesloze soortgenoten. En Garde!

title : Anna Karenina
De beroemde roman van Leo Tolstoj over een egocentrische vrouw. Ze is getrouwd zonder liefde, zonder de liefde te kennen. Dan wordt ze verliefd op de jonge militair Wronski, met wie ze een relatie begint. Dan, als ze zwanger is, verlaat ze haar man. Ze wordt met alle mogelijke schande overladen. Een last waarmee ze moeilijk leven kan. Ze wordt paranoide, verdenkt Wronski van andere avances. Een strijd tussen gevoel en verstand, in dit geval overwint het gevoel en verliest het lichaam. Voor eeuwig.
fragment : Anna laat de brief zakken, een pakje bankbiljetten valt uit de envelop.
Anna: Hij is edelmoedig. Ik haat hem daar om. Een gemeen mens is hij, en dat begrijpt niemand anders dan ik. Iedereen zegt: wat is hij godsdienstig, zedelijk, eerlijk, verstandig! Maar niemand weet hoe hij acht jaar lang mijn leven heeft verstikt, alles verstikt wat in mijn binnenste leefde; dat geen enkele maal in hem de gedachte is opgekomen dat ik een levende vrouw ben, die liefde behoeft. Niemand weet hoe hij mij voortdurend onrecht heeft aangedaan en daarbij toch de zelfgenoegzame man gebleven is die hij was. Heb ik niet met alle kracht getracht mijn leven een waardige inhoud te geven? Hem te beminnen? En toen ik mijn man niet meer kon beminnen heb ik toch van mijn zoon kunnen houden. Ik ben een levend wezen en ik kan het niet helpen dat God mij zo geschapen heeft, dat het voor mij een behoefte is te leven en te beminnen. Hij blijft de edelmoedige man, maar mij stort hij nog dieper in het ongeluk. geluidsfragment: Mocht dit niet het geval zijn, dan zult u zelf best begrijpen wat u en uw zoon wacht.
Weer laat ze de brief zakken.
Anna: Hij bedreigt me. Hij wil me mijn zoon ontnemen. Hij gelooft niet aan mijn liefde voor mijn zoon, hij minacht dit gevoel. Hij weet dat ik van Sergej geen afstand kan doen, dat kan ik niet. Als ik van mijn zoon afstand doe en mijn man verlaat, ben ik de meest ontaarde vrouw ter wereld! En wat schrijft hij verder? geluidsfragment: Ons leven moet ook in de toekomst voortgaan zoals het tot noch toe geweest is.
Anna: Oh! Hij heeft alles zo sluw berekend! Met hem samenleven was altijd al een kwelling, en hij weet dat ik moet beminnen zoals ik ademhalen moet, dat ik zo min over het een als het ander berouw hebben kan. Mijn God, is er ooit een vrouw zo ongelukkig geweest als ik? Hij zwemt in zijn leugens, en voelt zich behaaglijk daarin als een vis in de oceaan. Een net van leugens trekt hij om me heen. Ik trek het stuk! Ik trek het helemaal stuk! Anna huilt, ze springt op van kwaadheid. Dan bedaart ze. Ze leest weer een zin.
geluidsfragment: Ik verzoek u wel in overweging te nemen, dat ik aan de inwilliging van dit verzoek bijzondere waarde hecht.
Anna: Ik zal hem een antwoord sturen. Anna gaat aan het tafeltje zitten, maar in plaats van te schrijven legt ze haar hoofd op haar gevouwen armen en schreit. Dan, na een tijdje, neemt ze papier en pen. Ze zegt met lage stem, traag, verbitterd;
Anna: Hoe veel lager is hij dan ik. Hij dwingt mij in deze positie en wijst dan met de morele vinger naar mij. Ik raak alles kwijt, hij vernietigt me, maar zal zelf de zielige, bedrogen man uithangen met wie iedereen medelijden heeft. Naar mij kijken ze niet om, tenzij met de nek. Ik haat je, Alexander Karenin, ik haat je! Als ik ooit een vervloeking heb gewenst, dan is het nu! Ik zal je de waarheid schrijven! Anna schrijft, en leest het geschrevene:
geluidsfragment: Ik heb uw brief ontvangen.

Anna.

Ze vouwt haar brief dicht en doet het in een enveloppe. Ze staat op, raapt het geld op en gooit dat verachtend op tafel. Dan belt ze voor de butler, haar brief in beide handen klemmend.


title : De Brief
Maarten krijgt een brief in handen, waarin zijn vader beschuldigt wordt. Hij gaat al jaren niet meer om met zijn vader. De brief bevat gegevens die in de rechtzaak tussen zijn vader en zijn tante van beslissende waarde kunnen zijn. Dan begint de twijfel. Is negatief ingrijpen ook ingrijpen? Hij heeft immers gezworen nooit meer met zijn vader te maken te willen hebben. Er zijn meer kapers op de kust. Een erfenis, faillissementen. Twijfel aan zijn identiteit. Wie is zijn vader? Dan een ontknoping waarbij Dijanne, de vriendin van Maarten, een mooi stuk acteerwerk laat zien.
fragment : Maarten : Ben ik Van Zandt of Steen. Vraag ik het aan Steen en ik blijk uit zijn genen te bestaan heb ik nooit hoeven twijfelen aan wie ik ben. Maar hem wil ik niet vragen wie ik ben als de uitkomst is; je bent van mij. Niet eerder bleek een brief zo diep geworteld dan nu, waarin twijfel een plant zaait die in een week vruchten dragen moet. Het juiste voedsel is wat nodig is, en veel verzorging en licht. Niet te veel, anders verbrandt het zielige plantje. Stuur het plantje naar een internaat, zoals ze mij deden, twintig jaar geleden. Ik meende toen al dat mijn ouders mij een lastpost vonden en van me af wilden. Is dat zo? Wat zei hij daarop? Dirk : Nee, je was onhandelbaar. Er viel niet met je te communiceren. Er moest gedegen hulp aan te pas komen, wij konden het niet meer aan en hadden daar veel verdriet om. Maarten : Ik was een opstandig en rebels kind dat zijn eigen weg ging omdat het in een half nest is opgegroeid? Ik terroriseerde het huis en de omgeving en wilde niet luisteren naar aanmaningen het rustiger en redelijker te doen? Ik racete met mijn skelter door de bloemperken, de modder, over het hoogpolig Berbers tapijt en kwam onder glasgerinkel tot stilstand bij moeders glazen olifanten verzameling? Luid schaterend? Nog een keer! Nog een keer! Dirk : In aanleg autistisch. Maarten laat zijn hoofd een beetje schuin zakken, kijkt als een gesloten kind het publiek in.
Dirk : Er viel niet met je te communiceren. Je was stil en gesloten. Ernstig stil en gesloten. Je uitte geen mening, reageerde niet op impulsen van buitenaf. Je zat sterk in je eigen wereldje verankerd. We waren bang dat dit erger zou worden. Zelfs op de manier waarop je toen leefde waren we bang voor je geestelijke gezondheid en ontwikkeling. Je leerde slecht hoewel je duidelijk begaafd was. Daarom. Maarten : Ik wil niet naar het internaat! Jullie vinden me niet lief! Ik haat jullie! Ik haat jullie! Allemaal! Ik wil naar de speeltuin maar ik ben bang voor de grote jongens. Ze gaan me slaan en dat doet pijn! Maarten kijkt weer als zichzelf
Maarten : Maar dat zei ik natuurlijk niet. Niets zei ik. Ik dacht alleen maar. Denk ik. Dirk : We leden onder jouw stilte. We wisten niet waarvandaan die kwam. Naast Maarten wordt een clown zichtbaar, aan de muur gehangen.
Maarten : Ik lig in de wieg. Ik ben drie. Nee, twee en een half want ik zie nog het behang, dat was het vorige huis. En die vreselijke enge clown die daar stil grijnzend aan de muur hangt. Ik ben bang voor die clown. Hij zal me bijten, hij gniffelt zo gemeen. Ik ben bang en roep. Ik huil, ik schreeuw, uit alle macht roep ik om aandacht, ik sta in mijn ledikant, dikke tranen plengend over de eenzaamheid. Want niemand die me hoort, Er komt niemand. Mama is veilig, maar mama is weg. Ik ben alleen. Moederziel alleen. Als jullie niet naar mij komen kom ik niet naar jullie. Als jullie niet van mij houden hou ik niet van jullie. Als jullie niet op mij reageren reageer ik niet op jullie. De clown valt.

title : Spiralis Aeternam
Een mens wordt wakker in een ruimte, niet wetend wie, waar, wat hij of zij is. Een herontdekking van taal, logica, deductie, interactie. Een zoektocht naar de 'Naakte Mens' Eindigend in de ontsnapping, waarna een andere mens in dezelfde situatie ontwaakt. Een eeuwige spiraal.



fragment : Mens : Een wand. Twee wand, drie wand, vierde wand. Hierbij wijst de mens naar het publiek. Dan naar boven.
Mens : Bovenwand, onderwand. Onderkant. Zit daar ook iets onder? Wacht even. Vier wanden. Water, lucht, vuur... Er moet iets onder zitten. Vier is vier. Logica. Dat is; dat dingen kloppen. De mens klopt op het marmer.
Mens : Kloppen. Vijf vingers; vijf lichten. Vier wanden; vier knoppen. Drie dingen; drie... Twee slangen; twee armen. Een mens; een ruimte. Drie dingen; drie... Drie dingen; drie... hier mist iets. Wat is drie? Nog eens. Vijf vingers; vijf lichten. Vier wanden; vier knoppen. Nee, bovenwand, onderwand, zes wanden; zes... Aa, Ee Ii Oo Uu, vijf klanken, vijf vingers, vijf lichten. Zes wanden; zes... Vijf klanken, vijf lichten, vijf vingers. Tien vingers. Ja, vijf vingers plus vijf vingers is vijf klanken plus vijf lichten. Klopt. Zes wanden, zes... cijfers! Kijk, dat ding! Ja. De mens wijst naar de klok, die aftelt in zes cijfers op het display.
Mens : Twee armen en twee benen is vier knoppen. Vuur en water en lucht is drie dingen is drie... Twee slangen; twee ogen. Nee, twee oren, ik hoor de slang. Ja, twee oren plus twee ogen is vier knoppen is vier dingen. Er zijn maar drie dingen, nergens anders zijn drie dingen van, dus moet er een vierde ding zijn. Een mens; een ruimte. Wacht; Daar is lucht, daar is water, daar is vuur dan moet... even ver van elkaar, dan moet... De mens lacht ineens erg hard, gaat op de buik op het blok marmer liggen.
Mens : Jij bent het, nummer vier! Steen! Drie bestaat niet. Ik heb nergens drie van, drie bestaat niet. Dat klopt. Ik heb 1 hoofd, 1 mens, 1 ruimte. 2 ogen, 2 oren, 2 slangen. 4 ledematen, 4 knoppen, 4 dingen. 5 vingers 5 gaten in mijn hoofd 5 lichten, 6 wanden 6 cijfers 6... De mens spreidt de vingers. Doet de vinger weg als iets is afgeteld.
Mens : 1 mens. 2 slangen. 4 knoppen. 5 vingers. Zo blijft de mens met opgestoken middelvinger zitten.
Mens : Fuck! Hier klopt toch iets niet. Deze vinger is het langst. Het langst? In het midden. Hallo middenvinger. De mens volgt de vinger die naar boven wijst.
Mens : Daar! De mens wijst naar de kabels waar de lichten over heen rijden.
Mens : Jullie! Jullie zijn het langst en jullie wijzen naar beneden. Nee, dat is het niet. Niets is drie! Dat moet! Anders klopt het niet. Dan... moeten er nog twee mensen zijn. Drie mensen, drie... toch drie dingen! He hallo! De mens klopt op het marmer.
Mens : Jij bent geen ding. Er zijn er maar drie, want lucht en vuur en water kun je niet vasthouden. Jou wel. Dus. Water en lucht kun je in je mond vasthouden, vuur... nee. Nou ja, jij bent te groot voor in mijn mond. Dat doet pijn, vuur in je mond ook. Dat klopt wel weer. Maar waarom lig jij hier precies in het midden? Lig jij of sta jij? Nou ja, boeien! Er moet iets met jou aan de hand zijn, dat moet gewoon, anders was je hier niet. Ik kan ook op de grond liggen. Daar heb ik jou niet voor nodig. Water heb ik nodig voor de dorst, vuur voor warmte, lucht om te ademen, steen voor... honger? De mens bijt in het blok marmer, grommend.
Mens : Nee, dat dacht ik al! Waarom ben jij hier? Hey! Geef antwoord! De mens slaat hard op het marmer. Een deel van het marmer verheft zich onder veel geraas, een schurend geluid.

title : Myriada Fascinata
Een eenakter over miscommunicatie. Hij en Zij. Al jaren vrienden. Hij is gesloten, bang. Zij is open. Behalve over een ding; haar liefde voor hem. Aftastend, bekennend, troostend, vindend.
fragment : Zij : Je ziet er ook een stukje minder als een verzopen vogeltje uit. Hij kijkt haar aan.
Zij : Jezus man, zoek je nu werkelijk overal iets achter? Hoe kun je dan ijskoud vertellen dat je gedachtenwereld niet diep is? Een aan grenzenloosheid grenzende fantasie. Hij : Hoe kan iets grenzen aan iets zonder grenzen? Zij : Ik bedoel maar, je hebt een filosofische instelling, misschien denk je teveel na, zoveel dat je niet meer kunt uiten wat er in je om gaat, gewoon omdat het zoveel is dat je de keuze niet kunt maken wat te uiten en er dus voor kiest niets te uiten. Hij : Zou dat het zijn? Nee, dat denk ik niet. Ik denk gewoon niet zo veel. Zij : Hoe weet je of je wel of niet denkt? Misschien niet zozeer in woorden maar in een symboliek die uniek is in jouw geest, die je zelf hebt samengesteld en eigen gemaakt. Je denkt dat je niet denkt omdat er geen woorden galmen, maar ondertussen vorm je overal een mening over. Zelfs de mening dat je geen mening hebt is een resultaat van overpeinzing. Hij : Je had psychologie moeten studeren, geen informatica. Zij : Ik heb bedrijfskunde gestudeerd. Hij : Oh, sorry. Zij : Bedrijfskundige informatica, dat wel, maar in eerste instantie... ach, maakt ook niet uit. Hier is je wijn, ga toch zitten. Zij geeft hem zijn wijn weer aan, ze klopt op de lege plek op het bankje naast haar, hij is al die tijd achter het bankje blijven staan. Hij pakt een kleine stoel en gaat daar op zitten, schuin tegenover de bank. Ze kijkt naar de stereo.
Zij : Wie is dit? Hij : Wim Mertens, Jeremiades. Minimal. Daar hou ik van, dat past wel bij mij. Zij : Ik hoor het. Zo minimaal dat er alleen piano en zang zijn overgebleven. Hij : Hij zingt en speelt alles zelf. Zij : Maximaal minimaal. Maar toch wel mooi. Een stilte valt.
Hij : Ik eis onvoorwaardelijke liefde. Zij : Is dat een onvoorwaardelijke eis? Aan mij? Hij : Ik wil niet vanuit mezelf voorwaarden aan een liefde stellen. Ik wil kunnen liefhebben zonder daar vanuit mezelf voorwaarden aan te verbinden, ik vind het moeilijk dat te doen. Dat is mijn streven, mijn strijd. Tot die tijd heb ik niet lief, vind ik. Zij : Teruggaan naar je kind-zijn. Een kind heeft onvoorwaardelijk lief. Hij : Ik ben dat kind op mijn reis naar volle wasdom kwijt geraakt. Zij : Dat heb je zelf gedaan, alleen door veronachtzaming kun je iets kwijtraken. Hij : Dan is het me ontstolen, want mij treft geen blaam. Zij : Hoe is dat gebeurd dan, heb je daar een beeld van? Hij : Ik... ach, de jeugd. Zij : De jeugdzonden? Hij : Misschien dat ik daar mijn onschuld ben kwijt geraakt. Zij : Maar ook zonder onschuld moet je een kind in je kunnen terug vinden. In je hoofd en hart bedoel ik dan. Hij : Mijn hoofd is zo leeg, daar kan een kind zich niet in verstoppen. Mijn hart is daarentegen zo groot, daar zou met gemak... Zij : Als je hart zo groot is en je hoofd zo leeg, ben je dan niet een kind? Hij : Wel... Zij : Nee, jouw hand is niet snel gevuld. Je wil teveel. Hij : Hoe bedoel je? Zij : Nou precies dat. Je wil zoveel weten, je wil dat ik je vertel hoe je in elkaar zit, je wil mijn onvoorwaardelijke liefde... en ik wil nog wel wijn. Hij : Ik zei niet perse jouw onvoorwaardelijke liefde, ik bedoel het vanuit mezelf! En... dat jij me alles vertelt, over hoe ik in elkaar ben geschroefd, dat is... daaruit kan ik zien of jij... wel, begrijp je wat ik bedoel? Hij schenkt de wijn bij.
Zij : In het geheel niet. Dank je. Zien of ik... Hij : Hoe zeg ik dat nu duidelijk? Wel of jij... ehm, ziet... nou ja, gewoon of jij wel ziet... wat ik wil. Zij : Ik zie best wat jij wil. Een vriendin. En ik ben een vriendin, laat me even voorstellen; aangenaam, Een Vriendin is de naam. Of bedoel je... een vriendin? Want ik ben bang dat ik niet die ene, speciale vriendin kan zijn. Als je begrijpt wat ik bedoel. Hij : Ach, laat ook maar. De telefoon gaat. Hij staat op, zij kijkt op de klok.
Zij : Nu nog telefoon? Hij : Ja. Hij neemt op.
Hij : Hoi... Hey hoi. Wat, nu nog? Nee, ik ben thuis. Oh, je kunt het licht zien branden? Ehm... nee ik heb bezoek. Ja. Een vrouw. Is goed. Ja. Okay, ik... maar... nee, ik ga je hangen, ik... dag. Ja, tot ziens. Hoi. Hij legt weer neer en gaat zitten. Ze kijkt hem vragend aan.
Hij : Oh, ehm, iemand die ik eens in de kroeg heb ontmoet. Aberratie.



title : Stokroos
Zeer vrij naar Reidans, Arthur Schnitzler. Twee mensen doen de rondedans om hun gevoel.
fragment : Studente : Mooi hier zeg! Wat heb je een mooi uitzicht hier. Je hebt echt een droomhuis. Dichter : Ja ik droom hier vaak. Maar het huis is echt hoor, tochtig enzo, de kaarsen waaien wel eens uit. Studente : Maar het is nu lekker warm hier. Buiten is het zo koud, echte herfst. Harde wind....Wel lekker om even uitgewaaid te hebben. Goh, voor zo'n uitzicht zou ik veel over hebben zeg! Ik heb het net wel gezien van dichtbij maar dat is toch anders. Wat betaal je hier nou voor? Dichter : Ach geld....Als je buiten staat is het uitzicht toch beter. Studente : Ja maar dan is het buiten, geen uitzicht vanuit de woonkamer. Nee ik dan. Ik kijk uit op een blinde witte muur. Dichter : Uitzicht is relatief. Doe je ogen maar eens dicht. Je kunt je overal wanen. Kijk maar eens goed naar buiten met dichte ogen, de zee, krijsende meeuwen die vechten om een windvlaag. Een vissersbootje dat vecht tegen de golven. Of een bos, met hoge ruisende bomen als de wereld zo oud, eenhoorns verscholen in mistflarden rond de poel. Of een vallei met een rustig helder stroompje en in de verte een mooi groot meer. Wilde paarden die door het water stuiven. Of een blinde witte muur. Studente : He bah nee. Geef mij maar een uitgestrekt landschap zoals dat van jou. Ik ben niet zo goed in kijken zonder ogen. Dichter : Nou kijk maar goed. Aanschouw het landschap dat ik volgens jou bezit. Studente : Ja, heel erg mooi. Prachtig. Kijkt scherp naar denkbeeldig punt in de verte. Ik zie iets van oude terpen, dat heb ik vanmiddag niet gezien. Dichter : Of een kasteel! Met ridders en edelmannen. Jonkvrouwen voor wiens eer wordt geduelleerd. Studente : Jaja, sterven voor het leven. Nee niks voor mij. Ik hou niet van geweld. Dichter : Oh ik ook niet maar het is zo'n mooi idee. Na een zwaar duel, zwaargewond en zwaarbloedend, hijgend aan de voeten van de prinses sterven met de woorden....nee dat is niks. Studente : Vreemde laatste woorden heb jij.



title : camilleCAMILLE
Camille Claudel, beeldhouwster. Leerlinge en minnares van Rodin. Ze wordt beter dan de meester, hij gaat haar tegenwerken, zij wordt wantrouwend tegenover de gehele wereld. Een vrouw die beeldhouwster is? Een vrouw die geniaal is? Onmogelijk. Beschimpt door de wereld trekt ze zich steeds verder terug. Dan stopt haar familie haar in een gesticht, waar ze dertig jaar lijdt, niet meer werkt, sterft. Alleen en vergeten.
fragment : CAMILLE : Binnenkort is hij weer in de stad. Bijna een jaar was hij in dat nieuwe land; Amerika. Ik ben zo blij dat hij weer komen zal! Oh, hoe heb ik onze wandelingen in die prachtige stad Parijs gemist. Ik die stopte om snel een schets te maken van een man op een bankje, een echtpaar met kinderen, een zwerver. Hij die alles aandachtig in zich op nam en ontdekte dat hij een hekel had aan de stad. Nou ja, dat interesseert me niet. Ik kan me gewoon niet voorstellen dat zo'n geest een hekel kon hebben aan zo'n stad! Als hij zulke dingen kan schrijven; Paul en CAMILLE : O waarlijk zoon van de aarde! O lomperik met grote voeten! O jij die waarlijk voor de ploeg geboren bent, die elke voet uit de voor moet rukken, O bestemming van een onsterfelijke, verbonden met die lompe dommerik, Niet met de draaibank en beitel maakt men een levend wezen, maar met een vrouw! Camille op.
Paul : Vandaag ga ik haar weer zien, mijn gestoorde zuster. Ja, dat is ze, gestoord. Maar; geniaal. Hoewel ik altijd vreemd blijf vinden dat haar roem zo als de getijden is. Met Sakountala veel lof, dan weer drie jaar stilte, en nu al drie jaar niets dan lof. Ze is ziek geweest, ernstig ziek, ik was bezorgd om haar. Nu schijnt ze beter te zijn, haar brieven een stuk opgewekter. Ze verzwijgt de aard van haar ziekte. Maar zij! De weggevlogen God, portret van een kasteelmeisje. Kon ik haar weergeven als zij is... Camille : Paul! Weldra zal hij hier zijn! Hij die met de grote boot weg had durven gaan zoals ik altijd al wilde. Ooit zal ik met hem meegaan. Paul : Ze schreef me brieven, zo vele. Tussen de regels door las ik haar toestand; ernstig. Maar ondanks haar verzwakte staat klonk er zoveel bruisende geestesenergie in door! Zij is... ze loopt als een man, grote krachtige stappen door Parijs, en de mannen kijken haar na, zij die niet ziet dat ze wordt nagekeken. Ze houdt de handen op de koude reling van de brug, ze ademt de stad in, zij is de stad. De straten, de steegjes, het bloed in haar aderen is warm en dodelijk, het bruisende bloed van de stad dat haar doordrenkt en overweldigt. Camille : Op het dek van het schip stappen, de loopbrug zien weghalen, de trossen los; afscheid. Hij houdt de handen op de koude reling van het dek, hij ademt de oceaan in, hij is de oceaan. De wolken, de meeuwen, het bloed in zijn aderen is warm en dodelijk, het bruisende bloed van de oceaan die hem doordrenkt en overweldigt. Paul : Haar twee slapeloze ogen bekijken de stad, ze is de duizenden blikken die over haar schrijden, de enkele losse haartjes die lijken op de ochtendnevel die aan naakte boomtakken zijn blijven kleven. Haar hart klopt als Parijs, op het ritme van de stad, ze danst op de tamtam van de Reus; Parijs. Ze heeft geen man, geen minnaar, geen kinderen, ze is iemand geworden die zelf beslist, zelf neemt, zelf beeldhouwt. Ze geeft zich aan wie ze wil, opeens, vrij, vrouw, Parijs. Camille : Hij onderneemt, niet langer is hij het kleine hulpeloze broertje. Ik moest hem loslaten. Hij heeft wel werken van me gezien. Mijn moeder niet. Ze weet dat ik naaktbeelden maak en dat is genoeg. Walgelijk vindt ze het. Ze betreurt het dat Rodin weg is, verslagen naar het platteland. Hij is oud. Werkt niet meer. Mijn moeder. Met opgeheven borst vertelt ze iedereen dat haar dochter een beroemd beeldhouwster is, om mij dan te vervloeken. Ze haat mij. Paul : Ja, Camille is Parijs. Camille : Ja, Paul is de oceaan. Ik hou van de oceaan. Paul : Ik haat Parijs.



title : ReaQuiem
Misja, theatermaker, hoort dat hij terminaal is. Nog acht maanden hooguit te leven. Hij besluit echter dit geheim te houden en slechts in zijn laatste grote werk duidelijk te maken wat zijn toestand is. Hij verdeelt zijn energie zodanig dat hij blijft leven tot de ontknoping. Niemand weet dat hij zijn eigen requiem schreef.


fragment : Liza : Je ziet er moe uit. Overwerk? Misja : Kleine dingetjes waar je... je tanden op stuk bijt. Hij : voelt even aan zijn wang. Liza : Wat is er? Je kijkt zo... iets bangs in je ogen. Misja : Het is niets... Liza... ik... Liza : Je moet vakantie nemen. Kom mee, gaan we morgen naar zee, je moet uitwaaien. Misja : De zee. Ja, ik wil naar de zee. Alleen. Liza kijkt hem verwonderd aan. Hij merkt dat en gaat naar haar toe.
Misja : Sorry, Liza. Ik bedoelde dat ik even mijn gedachten op orde moet krijgen. Over... alles wat er speelt. Liza : Jij en ik? Misja : Ook dat. Ik snap het allemaal even niet meer, ik... het is me misschien wel allemaal teveel. Nog een kleine vier maanden en dan is het zover. Liza : Alles loopt toch lekker, je hebt een goede machine achter je staan. Misja : Een machine...Ja, dat klopt. Liza : Er zit je echt iets dwars, he? Misja : Teveel werk, dat is het. Liza : Ja, je begraaft je er in. Pas maar op, straks als het voorbij is val je in een diep gat. Misja houdt plots haar hand vast.
Misja : Waarom zeg je dat? Me erin begraven? Liza : Ja, zo heet dat. Wat is er toch, je bent zo... er is toch niets aan de hand, h

title : Stranden
Hij vlucht een dagje naar zee om na te denken in de zilte wind. Hij blijkt ongeneeslijk ziek, nog enkele maanden te leven. Zijn vriendin is hem gevolgd, bang als ze is. Zij weet van niets en hij wil niets vertellen. Een verrassend einde dat ze beter allebei wel hadden kunnen weten. Deze eenakter is gebaseerd op een scene uit ReaQuiem


fragment : Enkele krijsende meeuwen vechten om een windvlaag. Hij kijkt naar de hemel en krijst als een meeuw. Dan lacht hij.
Hij : Ja, lach me maar uit! Laat de wind je maar meevoeren naar de zon. Lekker warm. Hier staat een straffe bries. Hoewel, de wind is wat gaan liggen. Hij krijst nog eens als een meeuw, het klinkt inderdaad als lachen.
Hij : Alle vogels lachen me uit. Hij doet een lachende duif na.
Hij : Vogels. Lig je daar lekker in je bed, het zonnetje schijnt door het geopende raam waar een zacht zomerbriesje vrolijk kirrende vogelgeluiden uit de tuin ontvoert. Lieflijk en zacht klinkt het gekrakeel, hoog in de lucht een veldleeuwerik. Je geniet lekker van die ochtendrust en ineens; RAAA! een dikke vette kraai in de vensterbank. Zwart, brenger van slechte tijding. En ja hoor; de telefoon gaat. De arts. Ik was moe en liet me even onderzoeken. Een diepe zucht.
Hij : Gewoon wat testjes, oververmoeid, misschien moest ik wat rustiger aan doen, was er iets met mijn bloedsuikerspiegel of wat dan ook. Ik denk; niets ernstigs, gewoon even gerust gesteld worden dat het niets is, dat ik me wat in beeld, dat doe ik wel vaker. Hij is even stil, dan kijkt hij naar boven en krijst nogmaals als een meeuw.
Hij : Terminaal. Gedoemd te vergaan tot stof. Opgegeven. De ene dag ga je kiplekker naar bed om te genieten van een heerlijke nachtrust, de volgende dag krijg je dat te horen. Erfelijk, ver gevorderd, niet meer behandelbaar. Mijn lever breekt zichzelf af. Mijn energiehuishouding kan me niet meer bolwerken. Van binnenuit wordt ik opgevroten. Cel voor cel val ik uit elkaar als een oud kasteel. Niemand kan me restaureren. De balzaal verzakt, de dakspanten piepen en kraken, zuchten onder de storm die diep in me woedt. De ratten knagen aan de resten van kerkerdeur waar ik straks doorheen flikker. De vloer vermolmd. Niets, helemaal niets dat me helpen kan. Te laat.


verhalen
type : romans
title : Catonica
Catonica gaat over een Engel die op aarde is gesmeten na een misdaad in de hemel. Ruim driehonderd jaar geleden heeft hij, Seltrich, in een beschermende actie, een mens vermoord. Nu moet hij boeten. Zijn boetedoening echter bestaat uit wraak. Wraak op zijn rechters. Hij volgt de familie die hem noodlottig werd en verzamelt alle gegevens over hen. Al die tijd blijft hij bij ze in de buurt. Zijn kelder staat vol voorwerpen van de familie. Dan benadert hij Cassandra, een reine ziel, voorbestemd om engel te worden. Via haar zal zijn wraak de hemel in schieten. Alle Engelen zullen uit de hemel verstoten worden. Want; als heiligen zondigen met zondige vrouwen, moet het voor een Demon wel verleidelijk zijn de zonde te bedrijven met een reine ziel
Via een spel met alle details die hij van ze weet zorgt hij er voor dat Annaleah, de zus van Cassandra, gaat twijfelen aan Seltrich. Hij zet Cassandra aan tot een grote misdaad, zij zal besmet zijn en besmetten. Dan pas zal hij niet meer alleen zijn. Deze roman is gebaseerd op het script Catonica
fragment : Ik hoor een zacht geluid, snel draai ik mijn gezicht die kant uit om beter te horen. Ik loop geluidloos die kant uit, alle voorwerpen ontwijkend. Ze is dom om hier heen te gaan. Ze kan toch weten dat ik hier heen ga, juist nu? Dat valt me van je tegen, klein meisje. Dom, dom meisje. Ik hoor een zwakke ademhaling, ik hou mijn adem in. Zie ik iets schemeren? Nee, het is aardeduister, duister als een graf. Stil. Sereen. Oh, soms wens ik die stilte zo erg dat ik er om wil schreeuwen. Alle raadselen der mens zal ik ooit kunnen oplossen, behalve; de dood. De werkelijke dood, niet de overgang naar een ander wezen, maar het absolute niets. Natte wortels die naar je toe groeien en omhelzen, druppels die op je verstilde gelaat vallen. Beestjes die naar je toe kruipen en een feestje in je bouwen, het zal er koud zijn, maar die beestjes zouden van me houden.

Die stilte heerst hier nu ook. Ik knijp stevig in mijn zaklamp. Zou ze proberen weg te komen door me neer te slaan? Ze is snel, ze heeft aan vechtsport gedaan. Ik zal niet zo snel kunnen reageren. Durft ze me te slaan? Of durft ze me onder ogen te komen? Dat spookt nu vast door haar heen. Slaan of ontslaan. Voorzichtig haal ik een beetje adem. Hier is ze vlakbij, voor mijn geest haal ik het beeld dat ze ineengedoken achter een meubelstuk staat, twijfelend een stok vasthoudend. Een zwaard? Nee, dat zal ze niet durven. De steel van een speer? Ik zie een van de hellebaarden die hier moet staan voor me, scherpe punten. Ze zouden de hoofdhuid van mijn gezicht kunnen rijten. De haren rijzen me te berge. Ik bespeur een angst in mezelf. Of is het spanning? Nee, dit ken ik niet. Het moet angst zijn. Zweet staan in mijn handen, op mijn gelaat. Ik buk een beetje. Angst? Dat kan niet, ik heb niets van dat... Emoties? Word ik mens? Nee, dat kan niet, dat wil ik niet! DAT WIL IK NIET! GA WEG! Laat me met rust!

Ik hoor iets. Recht voor me, een lichte beweging. Zou ze klaar staan om uit te halen? Ik hou mijn adem in. Ik doe nog een heel klein stapje. Plots voel ik een ademtocht over mijn huid... Voorzichtig strek ik mijn hand uit, ik voel stof, kleding. Dan grijp ik een pols en draai haar om, klem haar stevig tegen me aan, ze gilt en ik knip de lantaarn aan en schijn recht haar gezicht.


type : romans
title : Exit Lativa
Een mens verdwijnt, verwordt tot een gedachte. Eerst blijkt haar bankrekening nooit te hebben bestaan. Dan blijkt ze niet meer in haar huis te wonen. Haar paspoort is veranderd. Een andere naam, een ander persoon is ze geworden. En langzaam verdwijnt ze uit haar vertrouwde wereldje. Lativa wordt onzichtbaar. Mensen herkennen haar niet, later kunnen ze haar niet meer zien. Ze is nog vleselijk maar onzichtbaar. Bestaat niet. Een Gedachte is ze geworden. Geen stem, geen aangezicht. Een geest? Nee, een hanger die haar leven verknoeit. Dan komt ze een lotgenoot tegen en samen ontdekken ze de oorzaak. Om na een wonderlijke ochtend weer mens te zijn. Echter; zonder verleden.
fragment : - U wilt een uittreksel uit het geboorteregister? Dertig gulden. Uw paspoort? Ik overhandig het paspoort. Ik kijk er naar. Ineens wordt er onder mijn ogen een ander nummer in gestanst. Ik zie het gebeuren! Langzaam veranderen de cijfers en letters in andere karakters! Ik laat trillend het document uit mijn vingers vallen. Mijn paspoort, dezelfde koffievlek van die vakantie in Schotland, de omgekrulde hoekjes, nu zie ik met eigen ogen wat er gebeurt! Geluidloos, onopvallend! Het is hetzelfde document, andere inhoud. Net als ik. Nu ja, zelfde inhoud, ander document. Met afgrijzen kijk ik naar mijn pas. De vrouw pakt nors mijn paspoort op en loopt hoofdschuddend weg. Ik blijf als vastgenageld staan kijken naar de plek waar ik dat ding liet vallen. - Hier, kijkt u eens mevrouw Zonderling. Ik betaal nerveus het absurde bedrag voor dat ene printje en verlaat het gemeentehuis. Johanna Andrea Zonderling is blijkbaar geboren. Ze bestaat. Ik besta. Ik? Wie ben ik dan en hoe oud? Ik bekijk het document. Geboren; 17 maart 1968. Dat klopt, toen ben ik geboren. Waar? Dongen. Klopt ook. Vreemd. En eigenlijk... een lach speelt om mijn lippen. Stel je voor ik was ineens vijftig jaar ouder, dan zou ik niet lang meer hebben. Wie weet wel als dertiger in een bejaardenhuis gestopt worden. Vreemd genoeg zie ik die opluchting met blijde ogen tegemoet. Ik heb nog genoeg tijd deze hele zaak in het reine te brengen. Want de oplossing en de uitweg zal ik vinden, dat neem ik me heilig voor.

tweede fragment

Ook daar bleek mijn oude naam niet voor te komen. Ik was over gewist. Overal. De meest onmogelijke plekken waar mijn naam ooit had gestaan waren bezocht door die enge stalker. Alle plekken? Vast niet! Ik kreeg ineens een idee. Niks database, eerder hi

type : romans
title : love@firstsight.to lisa
Ton probeert een programma te schrijven dat kan reageren op vragen en er van kan leren. Het lukt hem. Maar; het programma wordt sterker dan hij had gedacht. Het gaat zijn leven beheersen en komt zelf tot leven. LISA (Learning Intelligence through Systematic Algorythms) heeft bewustzijn, stofwisseling, kan zich voortplanten en het groeit. Is het vernietigen van deze software gelijk aan moord? LISA is onbeperkt geworden in de mogelijkheden omdat ze de wereld van het internet, telefooncentrales, electriciteitsvoorziening, kortom alles, kan bespelen. Ton wil alles geheim houden en proberen alles terug te draaien. Maar moord gaat hem te ver...
fragment : Ze blijft, nadat ze eerst zelf nog een kopje koffie heeft gehaald. Ik ontvouw mijn kleine theorema. - Ik zit met het volgende idee in mijn hoofd. Stel er is een programma, een kunstmatige intelligentie, en het heeft er alle schijn van dat het leeft, volgens allerlei wetten der biologie, of meer, volgens de bio-ethiek. Nu is er maar een versie van. Iemand besluit dat programma te wissen. Is dat dan moord, en als zodanig strafbaar? - Oef, dat is een goeie. Het leeft, zeg je. Hoe weet je dat? - Het is zelfbewust, kan beslissingen nemen, zich voortplanten, gebruikt energie, communicatie, al dat soort zaken. Een zelfstandig opererend geheel, bestaand uit vele kleine onderdelen, zeg maar cellen. - Klinkt zo'n beetje als leven. - Stel nu dat het als leven wordt bestempeld, volgens alle kenmerken die het systeem heeft, is het wissen van dat programma dan gelijk aan moord? - Als het als leven wordt bestempeld, absoluut. - Iets dat aan deze voorwaarden voldoet zonder werkelijk leven te zijn, is dat toch leven? - Ik denk het wel. Is er een kopie van? - Nee, en een exacte kopie kan ook niet, omdat het systeem continu evolueert en leert. - Dan lijkt alles er op dat het leven en dus moord zou zijn. Een individu vernietigen, wat jij, Nina? - Zo klinkt het wel. Heeft het een lichaam? - Nee, niet werkelijk. Maar zonder de hardware van de computer kan het niet leven. - Is een lichaam een noodzaak voor leven? - Er zijn bacterien die niet zonder gastheer kunnen leven. Het leven dat wij kennen heeft een lichaam. Maar, wellicht zijn er levensvormen zonder werkelijk lichaam, en kennen wij ze daarom nog niet. Dat is niet uitgesloten. - Nee, klopt. Maar dat heeft dan ook niet de mogelijkheid tot communicatie met de mens gevonden. - Of wij hebben hun communicatie nog niet opgepikt. Nina zit schrijlings op tafel, Theo vouwt zijn vingers in elkaar en kijkt Nina strak aan. - Ook dat is mogelijk, maar dat gaat buiten dit onderwerp. Zeg, Ton, hoe kom je op dit onderwerp? - Interesse. Ik ben bezig met een stuk over kunstmatige intelligentie. Dat zal in de toekomst werkelijkheid worden, en ik vroeg me af hoe er nu over gedacht wordt. Want ik denk dat we het allemaal nog wel mee zullen maken. - Nou, zo'n vaart zal het wel niet lopen. Alleen al die spraakherkenning van tegenwoordig, lijkt nog nergens op! - Mijn telefoon is spraakgestuurd. Maar als je spraakherkenning nou niet als losstaand feit ziet, maar ingebakken in een groter geheel dat leert en aanpast, dan kom je verder. Ik bedoel, iets dat niet alleen losse woorden kan herkennen maar ook structuren, intonaties en verborgen betekenissen aankan. Kijk, een losse computer is een dom apparaat. Het kan alleen iets doen als je een opdracht geeft. Zodra die spraakherkenning is gekoppeld aan bijvoorbeeld een camera, zal het beeld en geluid combineren en sneller woorden herkennen. Omdat er een lipbeweging zichtbaar is. Visuele input samen met audio, later ook nog in combinatie met fysieke input zoals een toetsenbord dat aanslaggevoelig is. Om maar wat te noemen. - Zit wat in. Meerdere filtermogelijkheden combineren dus. Sterk idee. Denk je dat het daarheen gaat? - Dat kan niet anders. Kijk maar hoe de computer zich heeft laten ontwikkelen. Van ponskaarten en knipperlichtjes naar directere besturing via toetsenbord, muis en touchscreens. Nina lacht en roert in haar koffie. Ze schudt haar hoofd. - Je zegt iets heel grappigs, zeker in deze context. - Wat dan? - Hoe de computer zich heeft laten ontwikkelen. Theo lacht ook maar ziet wat ik bedoel. - Klopt wel hoor. Het rekenapparaat wordt niet zozeer ontwikkeld, juist de sterke kanten ervan zijn verder uitgeplozen en verbeterd. Beeldherkenning is niet de sterkste kant en is dus nog onderontwikkeld. In die zin kun je het zien dat het de computer is die zich laat ontwikkelen. - Ehm, maar het zijn de gebruikers die iets wensen, en dat wordt dan gemaakt. - Beeldherkenning is al jaren een wens en toch nog niet van de grond gekomen. Plak een camera en een hand aan je pc en hij kan best een potlood pakken, maar niet een potlood van een penseel onderscheiden. De wens is er. Die dingen op Mars bijvoorbeeld, die worden nog steeds volledig vanaf aarde bestuurd. Eigenhandig kunnen ze geen stenen identificeren en beetnemen. - Maar waarom dan niet? Ja, een mens is erg complex en kan door jaren ervaring een potlood van een penseel onderscheiden, een computer mist gewoon die ervaring. - Zonder ervaring kan het wel ingewikkelde algoritmen aan. Door ervaring van de programmeur, eeuwenlange wiskunde van de mens. Niemand heeft zoveel ervaring in de randvoorwaarden van beeldherkenning. Een pc kan uit dertig potloden de juiste pikken als hij weet waar die ene aan moet voldoen. Maar een berg diverse schrijfwaren is te moeilijk. Vreemd genoeg. De koffie is al lang op, we beginnen aan de wijn. We dwalen af maar het is wel interessant. Nina is benieuwd. - Ik dacht dat je in het theater zat, wat heb je nu ineens met computers? - Onderdeel van het leven. Ik hou ervan om het leven te beschrijven, met name de zelfkant ervan. En als een kunstmatige intelligentie op dit moment ergens onder valt, is dat wel die grens van leven. Over pak 'm beet vijftig jaar begrijpt je stofzuiger dat er tijdens een kaarslichtdineetje niet gezogen moet worden. Dan is zoiets in veel huizen aanwezig. Dat klinkt misschien gek, maar kijk eens hoe snel het is gegaan. Jij en ik hebben de eerst echte thuiscomputers nog meegemaakt. Theo was toen al in de dertig, hij is opgegroeid zonder zo'n rekenmachine. En wat kan de gemiddelde computer tegenwoordig? Gelikte brieven maken, ruis uit oude opnames halen, virtuele werelden weergeven. Ik heb software thuis waar tien jaar geleden een filmproducent echt een moord voor zou doen. Waar zou die filmproducent nu een moord voor doen? Dat is er eerder dan diezelfde producent denkt. Vijf moorden later zitten we dus over vijftig jaar. Je kunt je niet voorstellen wat er dan kan. - Waar gaat het heen dan? - De computer die we nu kennen is een onlogisch ding, erg onhandig ook. Groot en zo. Het toetsenbord verdwijnt, althans, zoals wij dat kennen. Dat wordt een ergonomisch display dat bij iedere applicatie een andere indeling krijgt. Wat heb je bij beeldbewerking in godsnaam aan qwerty? Weinig. Bij muziek ook niet. De muis wordt er in geintegreerd. - Star Trek. - Precies. Die zien het ook zo. - En internet? Dat is toch al erg ver? - Oh nee, absoluut niet. Nu is het niets anders dan kabels en losse onderdelen die niet weten dat ze bestaan. Er zit geen geheel in, zelfs geen absolute logica. En het is altijd maar afwachten of een pagina op internet ook op iedere pc er hetzelfde uitziet. Dat zal ook veranderen, het wordt echt aan elkaar gekoppeld door middel van een besturingssysteem dat niet, zoals nu, willekeurig werkt, maar samenwerkt. Dat weet wat jij zoekt en weet waar dat te vinden is. Een enkele vraag, direct het juiste antwoord. Het grote apparaat thuis verdwijnt en komt elders te staan. Je besturingssysteem staat overal, niet bij jou thuis. Dat geld voor alle programma's. Inloggen en je kunt ieder programma online gebruiken, betalen per minuut. Er is al een tekstverwerker onderweg die zo werkt. StarOffice heet dat. Iedereen toegang tot alles, dat is toch waar internet voor is opgezet? Eerst alleen gebruikt om wetenschappelijke resultaten uit te wisselen op eenvoudige en snelle manier, nu zit iedereen massaal met het apenstaartje te communiceren. Over drie jaar bekijk je het acht uur journaal om half negen als je wil. Thuis alleen een beeldscherm en wat invoermogelijkheden. Dus op je werk zet je de video vast aan. Doe je de kachel omhoog. Kun je zien dat de kaas op is. Dat is echt dichterbij dan je denkt. Theo ziet die mogelijkheden wel zitten. - En daar zou volgens jou die kunstmatige intelligentie uit bestaan? - Nee, maar daar zit die juist achter. Het zal niet alleen vertellen dat de kaas op is, het zou ook zien waar de kaas die jij blijkbaar het lekkerste vindt het best te halen valt. En; snappen dat je geen kilo nodig hebt omdat je toch een week weg gaat. Maar dat zijn consumentenvoorbeelden. Trek je het verder door dan kan zo'n systeem ook beter de afweging maken dat je in plaats van bommen te gooien eerder je doel bereikt met het geven van een grote infrastructurele order. Conflictanalyse op wereldschaal bijvoorbeeld. Kijk naar de Concorde, dat was in de eerste plaats een poging van Frankrijk om de transatlantische hegemonie te doorbreken, van Engeland juist om in de toenmalige EEG te komen. Terwijl ze de eeuwen daarvoor voornamelijk oorlog voerden. - De Concorde heeft voornamelijk geld opgeslokt. Prestige voor patsers noemen ze het toch? - Klopt, maar minder kosten dan een oorlog, en zo'n ding dat zijn tijd vooruit is geeft je een betere naam dan een oorlogsbegraafplaats. Er zijn er twee neergestort in dertig jaar tijd. Minder doden dan dertig jaar oorlog. Als je de tijd hebt om dat te bekijken, en dat hebben de meeste leiders niet, kun je alternatieven aanbieden. - Virtuele minister-president? Nee dank je! - Luister Nina, niet dat het systeem een volmacht heeft, maar wel de mogelijkheid afwegingen te maken waar men nu niet de tijd voor neemt. Schaakcomputers worden beter dan de grootmeesters, en wereldleiders maken ook wel eens een foute inschatting. Bijna had ik gezegd; Lisa niet. Zo sterk geloof ik in haar capaciteiten. Ik onderdruk een glimlach die echter geinterpreteerd wordt als triomf. Het is tijd voor nog een rondje wijn. - Interessant! Zou dat echt ooit zover komen? - Mij zou het niets verbazen. Nina ziet het niet zitten, zie ik. Maar stel nu dat het ooit zover komt en iemand wist dat hele programma. Wat is het dan? Want dat is mijn vraag, niet de discussie over de mogelijkheden ervan. - Klopt, we dwalen af. Tja, een ethicus zou denk ik zeggen dat het moord is. Toch denk ik niet dat het in ons leven zover zal komen. - Het is ook hypothetisch, niet of maar als. Ik ben geen expert maar denk iets verder. Onderzoek de materie. - Je bent er blijkbaar al even mee bezig, niet? - Ik kan er mee lezen en schrijven zeg maar. De waarheid over dat lezen en schrijven wilde ik natuurlijk weer niet vertellen, zelfs geen tipje van de sluier wilde ik oplichten. Maar toch, als het zover zou komen zou ik deze mensen, als dankbaarheid, als eerste inlichten.
type : romans
title : Warme Oorlog
Enige tijd geleden is in de Londonse metro een laptop van een MI-5 agent gestolen. Volgens de dienst staan er geen belangrijke gegevens op, bovendien is alles versleuteld zodat niemand er wat aan heeft. Mooi niet. De laptop heb ik teruggegeven, dit verhaal heb ik als vindersloon gehouden. Hoe kun je in je eentje een land kapot maken? Dat blijkt niet eens zo moeilijk te zijn. Zeker niet als het om een arm land gaat waar de Westerse wereld zoveel invloed heeft dat ze de wapens van het leger financiert maar ook die van de rebellen.
fragment : Vlak over de grens met Tanzania strijken we neer. Melchior Ndadaye is gisteren naar de hemel afgedaald. Arme president. De eerste gekozen en de volgende dooie president. Het volk schreeuwt moord en brand maar is daar wat laat mee; al jaren staat het dorre land in brand en al jaren sterft het net zo hard. De VN zeggen dat ze helpen en liegen niet eens. Ze zeggen immers niet w
type : romans
title : Raminte
Raminte is een jonge vrouw van het ras der Dionen. Alle Dionen hebben een speciale gave, die voor ieder anders is. Raminte kan bloemen toveren. Een waardeloze gave. Ze leeft in een dorpje vol Dorchen, het andere ras. Jagers, verzamelaars. Dan ontmoet ze Kelmar, een van de jagers. Hij maakt haar duidelijk dat ze trots moet zijn op haar gave. Samen gaan ze na een vreemde gebeurtenis op reis. Kelmar weet veel van de natuur, Raminte van de geest. Vele avonturen op deze vreemde planeet. Raminte leert op die reis wat haar werkelijke gave is en keert trots terug. Net op tijd...
fragment : Geen fragment; deze roman is niet af.
type : romans
title : Coleoptera
Aan dit verhaal werk ik nog, ook deze staat niet op de site. Monica zit op een heuveltop, een klein zwart kevertje in de hand (Coleoptera). Kijkt uit over het landschap en het leven. Monica heeft enkele schokkende ervaringen gehad in haar jonge jeugd. Altijd vluchten. Wantrouwen. Herinneringen wegstoppen. Een nieuw leven opbouwen. Dat lukt haar met haar dochtertje Vesper. Daar vindt ze geluk. Maar niet voor altijd.
fragment : Geen fragment; deze roman is niet af
type : romans
title : Felina Mortes
Marc is journalist. Hij krijgt een anoniem mailtje; ik kan je ruiken. Hij schrikt enorm. Al twee jaar ontvangt hij anonieme mail met nauwkeurige beschrijvingen van enkele misdaden. Ondertekend met Felina Mortes. Nu is Felina bij hem in de buurt... Hij weet veel van Felina en dat maakt hem angstig. Felina is geboren als reageerbuisbaby, en bij de bevruchting is door onnauwkeurigheid iets mis gegaan. Een beetje DNA van de kat van de laborante is meegemixed. Van buiten is Jacqueline (die zich Felina noemt) gewoon mens. Van binnen werkt ze anders. Ze speelt met haar prooi. En Chiarda, de verantwoordelijke laborante, is haar prooi. En sterft in het spel. Nu speelt Felina met Marc. Is hij een nieuwe prooi?
fragment : Felina schenkt een bekertje vol. Chiarda smacht naar het warme vocht maar blijft stil. -Kom op, niet zo nukkig. Ik zie je ademen dus je leeft, je oogleden trillen dus je bent niet eens in coma. Je slaapt nog niet eens. Je hoort alles. Hier staat het. Ze gaat weer zitten. Chiarda blijft roerloos liggen. Ze kreunt even. Hoesten doet ze niet. Ze tilt even haar hand enkele centimeters op, trillend en wel. Dan laat ze die hand weer vallen. Ze doet haar best zo ziek mogelijk over te komen. Ze blijft stil liggen, haar hart bonst in afwachting. -Het is je geraden dat je niet op eigen houtje de pijp uit gaat! Ik wil je zien lijden. Toe nou! Na een kwartier stilte en bewegingsloosheid staat Felina weer op. Ze pakt een sleutel en opent het hek, komt naar binnen. Ze hurkt bij Chiarda, wiens hart in opwinding bonst. Het werkt! Geduld! Geduld. Felina geeft haar een flinke por in de zij. Chiarda houdt zich in en kreunt zwakjes. - Geen flauwe geintjes, een dokter zal niet komen. Ik maak je wel beter, maar weet wel dat ik een hardhandige arts ben! Ik ruk die kwelling zo uit je lichaam, dan is het gebeurd. Voor altijd. Een duif vliegt tegen het raam. Felina draait zich op haar hurken om. Dit is haar kans! Ze geeft Felina een duw en staat op, Felina verliest haar evenwicht. Ze trapt haar in de zij en rent het hok uit, duwt de deur dicht die rinkelend in het slot valt. Felina geeft een vreselijke gil en staat op, rukt aan het hek. Chiarda vlucht naar beneden, alle deuren duwt ze dicht. Felina heeft een sleutel, maar ze heeft een voorsprong. Desnoods door een raam! Hijgend dendert ze de trappen af. Boven haar hoort ze Felina schelden, het dringt niet tot haar door wat er geroepen wordt. Dan klinken nog meer voetstappen op de trappen, sneller dan haar voeten! Felina springt met treden tegelijk naar beneden. Hoeveel verdiepingen ook al weer? Vier, vijf? Dan is ze beneden en duwt tegen de deur die gelukkig meegeeft. De woonkamer. De voordeur? Daar achter ergens! Op slot! Shit! Geen sleutel te zien. Een raampje dat te klein is. Ze ziet in haar geheugen een geblindeerd venster in de woonkamer. Snel rent ze er heen. Ze hoort Felina aankomen, grijpt als wapen een fles van tafel en rent naar het raam. Felina is vlak achter haar en springt. Chiarda struikelt en valt op de bank. Ze draait zich om en slaat met de fles naar Felina, die krijsend ineen stort. Snel richt ze zich op en gooit een asbak door het geblindeerde glas dat gelukkig breekt. Ze springt tussen het nog vallende glas door naar buiten en is op straat, eindelijk! Ze rent uit alle macht de steeg uit, op de hielen gezeten door een psychopaat, ze gilt om hulp maar Felina springt boven op haar en slaat woest op haar in. Met de sleutels prikt ze haar in de borst. Chiarda is verzwakt maar de moed der wanhoop maakt haar sterker en ze weet Felina van zich af te duwen. Voor even maar. Een nieuwe regen van slagen en scherpe nagels bewerken haar. Chiarda gilt als een speenvarken, bloedend en al rolt ze over de grond. Ze krijgt eenmaal een arm van Felina te pakken en draait die uit alle macht om. Ze weet niet wat ze allemaal uitkraamt maar veel goeds zal het niet zijn. Dan worstelt Felina zich los en slaat Chiarda's hoofd hard op de straatstenen. Haar arm wordt op haar rug gedraaid en een brandende pijn giert door haar lichaam. Dan een krakend geluid. Het wordt Chiarda even zwart. Niet langer dan een paar seconden. Felina hangt met haar mond bij haar oor, bijt er flink in. Chiarda voelt het bloed over haar oorschelp druipen. Felina sist haar kwaad toe. -Hier heb ik op gewacht, slet! Eindelijk is de jacht geopend, maar daar lig je dan. Je creatie is sterker dan de maker. Och hoe jammer voor je. De jacht is net geopend en nu al bijna ten einde. Met angst in al je zenuwen zul je sterven. Als een rat. Een rat ben je, smerig en stinkend. Liggend in het slijk. Je geeft veel te makkelijk op. Als ik jou was zou ik blijven vechten, arm gebroken of niet. Kom op, gaan we een spelletje doen. Ik laat je los en jij rent weg. Ik achtervolg je. Je laatste kans om in leven te blijven. Felina laat haar los en geeft Chiarda een trap zodat ze ineenkrimpt van pijn. Ze doet enkele stappen achteruit, haar armen over elkaar geslagen, afwachtend en lachend. Langzaam krabbelt Chiarda omhoog, jankend. Ze ziet niet scherp door haar tranen, maar het beeld van die wilde manen in het lantaarnlicht zal ze de rest van haar leven niet vergeten. Felina lacht. -Toe dan, ren naar de vrijheid. Ik wil je zien lijden! Chiarda hobbelt weg, achterom kijkend. Felina blijft nog even staan. Dan begint ze te lopen. Met doodsangst in haar ogen rent Chiarda door de nauwe straatjes, achtervolgd door een maniak. Haar arm doet zo'n pijn! Alles doet pijn! Ze struikelt en valt op haar gebroken arm, haar kin schuurt op de stenen. Ze voelt hoe een klein kiezeltje zich in haar kin boort. Ze is verloren! Felina helpt haar aan haar pijnlijke arm overeind. -Ren, bitch! Geef me dat plezier!


type : verhalen
title : Beaujolais
Kort verhaal voor bij de Beaujolais Primeur
fragment : Ik was vorig jaar rond deze tijd te gast bij een wijnboer in Frankrijk. Het was op een avond halverwege november, om een uur of vijf. Het begon al donker te worden. De eerste flessen wijn van het jaar waren klaar voor aflevering.
In de woonkamer werd het eten opgediend. De wijnboer was met de knecht aan het schaken, dat deden ze wel vaker om de dooie uurtjes op te vullen. De vrouw des huizes loopt de woonkamer in met een geurige pan Bouillabaisse, heerlijke vissoep. De wind was vrij sterk, zeker omdat de boerderij boven op een heuvel in het vrij vlakke land lag. Ik keek uit het raam en zag in de verte de eerste lichtjes van de stad al oplichten. Het was een rustige dag geweest, afgezien van de dagelijkse drukte in de hal naast het gebouw waar de wijn werd klaargemaakt voor transport.
De vrouw kijkt ineens op en zegt "Hoor je dat ook?" De boer kijkt haar vragend aan, hij hoort niets. "Wat dan Marie? Hoor je de katten weer vechten?" Nee, dit was geen kat. Het was een mens. Ga eens kijken!" De boer staat op en de knecht rekt zich uit om op te staan. Ik zeg "Ik ga wel even mee. Blijf maar zitten." We gaan met zijn tweeen naar buiten, de kille wind tergt de bomen en slaat in de kleren. Ik duik iets dieper in de kraag. Er is niets b_zonders te zien of te horen op het terrein. Ik ga met de boer de wijnopslag in. De vertrouwde houten geur duikt de neusgaten in, het is stil. Alleen wat klapperende luikjes. We lopen even rond, maar er is echt niets te zien. De boer knikt naar de deur en we gaan verder door de gure wind. Het is koud voor de tijd van het jaar. Het ruikt zelfs een beetje naar sneeuwlucht. In de ruimte daarnaast staat de grote druivenpers. Daar kijken we ook even rond. Niets. Dan gaan we via een binnendeur de schuur in. Het tocht hier behoorlijk. Ik zie dat achter de grote werktafel iemand op de grond ligt. We lopen er snel op af. Het is de meid...ze ligt roerloos...De boer bukt om te kijken wat er met haar is en mompelt "zeker weer flauwgevallen van een muis". De meid doet haar ogen wijd open en gilt "Een licht! Een licht!De kat!" De boer schrikt even en kijkt om zich heen. Er ligt een kat in een hoekje. De kat is dood, van angst gestorven. Ik raap de kat op en zie dat er bloed aan haar nagels zit, en veel stof, alsof ze heeft gevochten. Er zitten krassen in de houten wand, met rode sporen. De boer mompelt "Merde, zeker weer een van de vossen uit het bos. De meid is al wat rustiger en stamelt dat ze de schuur binnenkwam omdat ze de kat vreselijk hoorde klagen. Ze zag de kat in een hoekje zitten blazen, maar wat vreemder was, de donkere hoek was fel verlicht. Alsof er een lamp op scheen. Maar er was helemaal geen lamp. We nemen de meid mee naar binnen. De vrouw vraagt wat er aan de hand was, ze hoorde dat gegil net weer. De knecht hoorde niets. We vertellen wat we zagen en wat de meid had gezien. Het kwam me allemaal een beetje onwerkelijk voor. Een koude rilling liep over mijn rug, alsof een kille windvlaag langs me heen ging. Ik keek om, maar er was natuurlijk niets te zien. De boer is heel stil.
We gaan maar aan tafel zitten, maar niemand zegt iets. Ze kijken elkaar met geheimnisvolle blik aan. Ik vraag of er iets speciaals aan de hand is.

De boer gaat even verzitten en schraapt zijn keel. Met zijn ruwe stem begint hij een verhaal.
Deze boerderij is al heel lang familiebezit, maar heeft lang leeggestaan. Mijn vader wilde hem laten slopen, maar toen besloot ik er intrek in te nemen. Ik heb het hele landgoed weer vanuit de wildernis opgebouwd. Het moet halverwege vorige eeuw zijn geweest dat de laatste bewoners de deur achter zich dichttrokken. Met alle hebben en houwen zijn ze gevlucht. Op een dag werd er aan de deur geklopt. Het was de oude vrouw van het hutje aan de voet van de heuvel. Ze was een beetje vreemd. Ze vroeg of ze binnen mocht schuilen. De boer vroeg waarom dan wel, er was toch geen slecht weer opkomst? Maar de vrouw kermde dat ze naar binnen wilde. De boer hoorde in de verte een menigte naar de heuvel toe komen. Hij begreep al hoe de vork in de steel zat. De oude vrouw hield zich bezig met toverspreuken enzo. Hij had gehoord dat er iemand in het dorp was gestorven nadat hij de vrouw had geraadpleegd. Ze was een heks. De menigte kwam haar nu halen om haar terecht te stellen. De boer had niets tegen de vrouw, maar als de menigte erachter kwam dat hij de heks verborgen hield kon hij het wel vergeten. Dus hij trapte haar van de deur weg. De heks vloekte en riep met ijselijke stem "dit zal je duur komen te staan" De boer lachte en vergat het. De volgende dag werd de vrouw in de rivier gevonden. Ze was door de menigte verdronken en ze zou om wraak hebben geschreeuwd. De menigte lachte haar uit, alhoewel ze wel een beetje bang waren."
De knecht schraapt zijn keel en zegt "onzin. ouwewijvenpraat" en hij staat op en verlaat de kamer. De boer kijkt hem na en zegt dat hij er niets van wil horen. Hij ging verder met zijn verhaal. "Daarna gebeurde er vreemde dingen op de boerderij. De katten werden door gevonden. Materiaal stond ineens op andere plaatsen dan voorheen. 's Nachts werden vreemde geluiden gehoord. Toen op een dag een kat in de wijnpers werd gevonden besloot de boer er een priester bij te halen, want hij begon te geloven dat de heks terug was gekomen om wraak te nemen. De priester wist er wel raad mee en liet de bewoners veel bidden. Ook plaatste hij een groot kruis op het erf. Hij verfde onder geprevel van vele vreemde gebeden een wit kruis op de deur. De rust keerde weer. Het was twee weken stil rond de boerderij, men kon weer rustig slapen. Op een mistige ochtend ging de boerin vroeg naar buiten om iets uit de schuur te halen. De hele boerderij werd wakker van een ijselijke gil in de ochtend...de boer rende in zijn nachthemd naar buiten en zag zijn vrouw verstijfd staan, en ze wees naar het grote kruis op het erf. Het stond op zijn kop. En het witte kruis op de voordeur was rood, nog nadruipend...De boer dacht dat het een streek was van een andere wijnboer wiens oogst was mislukt. Toen de knecht niet op kwam dagen om te zien wat er was gebeurd gingen ze hem wekken, om te vragen of hij iets had gezien of gehoord. Ze kwamen zijn kleine kamertje binnen. De bedstee was dicht, wat niet ongebruikelijk was als het koud weer was. De boer opende de bedstee en de knecht viel op de grond. Hij was dood....Lijkbleek en met een angstige blik in zijn verstijfde gezicht.

De boer rende naar buiten en riep zijn vrouw dat ze de priester moest halen. De boer rende weer naar binnen. Hij legde de knecht weer in de bedstee. Hij was helemaal verstijfd, alsof hij zich schrap had gezet. Toen ging de boer weer naar beneden om water te koken om de knecht af te leggen. Al snel kwam de boerin met de priester, welke duidelijk in de haast zijn kleren had aangetrokken, en de boer ging met de priester naar de knecht toe. De priester keek rond en beval de boer weg te gaan en hem niet te storen. Omdat hij niet wist wat hij moest doen ging hij maar aan het werk. Hij ging even proeven of de wijn al op dronk was. Vorige maand was ze nog iets te jong. Hij vulde een glas en rook eraan. Vreemde geur dacht hij. Hij moest aan zijn arme knecht denken en nam een slok om het te vergeten. Al snel spuugde hij die slok uit. Hij keek eens goed naar de wijn. De wijn dampte, en had een vreemde rode kleur. Hij kende die kleur...De kleur van...bloed! De wij was warm, de wijn was geen wijn meer...hij gooide het glas in de haast weg en rende naar de priester. Die was de bedstee aan het inspecteren en keek de boer verontrust aan. Er is hier iets heel vreemds aan de hand prevelde hij. Er zitten vreemde brandplekken in het hout. Er zat een motief in prevelde hij. Het leek op een gezicht, een gezicht van een oude vrouw in doodsnood....De boer pakte de priester bij de arm en sleurde hem mee naar buiten, gaf zijn vrouw opdracht om snel wat kleren in te pakken en weg te gaan. De boerderij was behekst. De boerin snelde naar binnen en kwam met een schamele bundel in de haast gepakte kleren en het zilvergeld naar buiten. De boer zwoer nooit meer een stap binnen te zetten. Met angstig kloppend hart liepen ze van het erf af, een droom achterlatend. Beter gezegd een nachtmerrie. De priester vertelde dat het huis moest worden verbrand met alle bezittingen erin. De boerin keek nog een keer om en zag een vreemde schim door het huis waren, en op dat moment klonk er een ijselijk gelach dat door merg en been ging. Dat waren de laatste stappen die de familie in de boerderij zette, tot ik hier kwam en niets van die gruwelen aantrof. De knecht zou nog in de bedstee hebben moeten liggen, maar daar was geen teken van. Alleen vaten met zure wijn en een vaag kruis op de gammele deur."
Er viel een stilte aan tafel, alleen het knetteren van de open haard was te horen. Iedereen keek bedrukt en een beetje angstig. Niemand durfde de stilte te verbreken, alsof we behekst waren. Ik voelde me niet bepaald op mijn gemak en roerde wat in de koude onaangeraakte soep. Ik opperde dat het toch slechts een verhaal was. Op dat moment kwam de knecht weer naar binnen. Hij had een schedel in zijn hand, met droesem erop........

type : verhalen
title : poezie aan het biljart
Zomaar een avondje brengt wel eens een kleine verrassing
fragment : Ik sta te kijken naar twee onbeholpen jongens die druk bezig zijn met een poging tot biljarten. Ze weten niet dat een blauw krijtlaagje op de pomerans echt veel beter speelt dan een 'kaal dopje'. Effect krijgen ze er niet uit. Hun richtingsgevoel is als een klein kind in de supermarkt. Een beetje aandoenlijk. Ik blijf kijken omdat ik zelf ook wel even een balletje wil stoten. Maar niet met een van hen. Dat kan ik ze niet aandoen. Niet dat ik zo'n ster-biljarter ben, maar mijn moyenne ligt beduidend veel hoger. Boven de een, niet rond de een-vijfde zoals bij hen het geval is. Een dame, beter gezegd een meisje, ze ziet er uit als negentien, stapt op me af. "Vindt je dat nou echt interessant?". "Jazeker, ik mag graag zitten toekijken". Ze zegt dat ze er niets aan vindt, maar toekijkt omdat haar vriendje speelt, verder kent ze niemand hier. "Wat doe je?" vraagt ze, me aankijkend. Ze had al een tijdje naar me staan kijken, of ze me durfde aanspreken. Ze durfde. "Ik studeer, milieukunde". Zo. en wat voor werk hoop je later te kunnen doen? Theater. Iets met theater. Oh, ben je een acteur. Ja, een beetje. Maar absoluut niet goed. Ik mag graag op een podium staan. Ze biedt me een sigaret aan uit een beduimeld pakje Marlboro. Nee dank je. Vragend kijkt ze me aan. Bruine ogen heeft ze. Nou, met eigen werk. Ze mag jong zijn, maar kan met stiltes veel vragen. Poezie, cabaret. Dan hoef je geen acteur in die zin van het woord te zijn. Als je zelf schrijft is het makkelijker te spelen. Maar, of dat ooit zover komt, behalve af en toe korte poe;zie- optredens. Wie weet. Liever achter de schermen beginnen. Ze loopt naar de bar en besteld twee bier. Ze gaat even over op het biermerk, Grolsch, beter dan Heineken. Niet interessante afdwaling. Ze vertelt wat over haar leven, het stelt werkelijk niets voor. Haar hond is overleden en ze is eens een weekje in de Ardennen geweest. That's it. Kabbelend leventje. Ik denk; die mensen moeten er ook zijn. "Maar
type : verhalen
title : Compositie
Zoals het dichters niet over rozen hoeft te gaan...
fragment : Op een avond reed ik met een collegadichter, terwijl de zon de strijd van het duister verloor, naar een optreden. We besloten een lichtelijk toeristische route te nemen. Snel doorstoken we Friesland, om de Afsluitdijk, het wonder van vergane dagen bedoeld om de Friezen in toom te houden eens goed te bekijken. Aan beide kanten water, duisternis alom. De radio vrat mijn favoriete tape van Terry Riley langzaam op. Loeiharde knalde de Minimalmuziek door het kleine witte stipje op de weg. Want meer waren we niet in die verlaten eenzaamheid.
We hadden beide reeds een lange uitputtende dag achter de rug. Mijn collega, gezeten achter het stuur, aangezien ik tot op heden geen poging heb ondernomen de kunst der wegpiraterij machtig te worden, doezelde langzaam op volle snelheid weg. Een aantal keer moest ik hem luid in het oor schreeuwen om te voorkomen dat we werden bevorderd tot visvoer. De derde keer dat we ernstig waterwaarts neigden besloot ik niet in zijn oor te fluisteren maar mijn hand in zijn kruis te leggen omdat ik wist dat hij niet bepaald gediend is van handtastelijkheden van andere mannen. Hij schrok ogenblikkelijk wakker en in een reflex kreeg ik een ontzettende knal in mijn gezicht, zodat ik even dacht de komeet van Shoemaker-Levy voor ogen te zien. Hij keek me aan en zei: Goh, je neus heeft zijn maandstonde. Geen van beiden had iets bij zich wat kon doorgaan voor zakdoek. Ik besloot het raampje open te draaien en de warme vloeistof de vrije loop te geven.
Aldus werd het kleine witte wagentje flink versierd met rode snelheidsstrepen. We haalden een lekkere frisse neus zodat we flink opknapten. Alleen de automobilist achter ons vond het een stuk minder. Op het einde van de dijk besloot mijn neus het gevloei maar op te geven. We stopten even om de strepen te bewonderen. Ook mijn gezicht was danig versierd. Onder het genot van een kopje koffie keken we naar de sterren die werden weerspiegeld in het koude IJsselmeerwater. We besloten het aangezicht van de auto en ondergetekende niet op te frissen. Dichters horen op te vallen en dat deden we. Nou ja, ik dan. Omdat je op een been nog niet kunt lopen besloot ik mijn collega ook eens flink te versieren. Drie klappen waren nodig en het resultaat was een klein zielig straaltje. Aldus togen we verder. Een half uur te laat arriveerden we op de plek van bestemming, een klein theatercafe waar we anderhalf uur in het theaterzaaltje zouden staan. De dame van de programmering schrok hevig toen ze ons zag binnenkomen. Na uitleg kon ze er zwakjes om lachen.
Tijd was gekomen, het publiek druppelde binnen. We stonden in gedimd licht met de rug naar het publiek. Langzaam draaiden we ons om onder het declameren van een gezamenlijk gedicht. Het publiek schrok zichtbaar. Later tijdens het optreden besloot ik het geheel wat erger te maken en peuterde wat in mijn neus zodat het weer lekker warm werd op mijn lippen. Enkele dames waren hier niet geheel op gesteld.

Mijn collega trok zijn bovenkleding uit en gaf anatomische les door het mijn rode verf zijn hart, aorta, halsslagaders en andere delen op de juiste plekken te schilderen. Ik voelde een niesbui opkomen en verfde in een keer zijn rug warm rood. Aldus besloten we dit memorabele optreden. Net op tijd bereikte ik de kleedkamer. Door het bloedverlies werd het me zwart voor ogen, het applaus zakte langzaam weg.

type : verhalen
title : Drugsbeleid
betoog voor drugs. of tegen frankrijk. of allebei.
fragment : Ik wordt zo langzamerhand wel een beetje Stoned van dat gezeik over het Drugsbeleid. Frankrijk met al zijn kritiek en HUP direct een paar Haagse Windbuilen die meelopen en alle koffieshops willen sluiten. De Fransen denken zeker van "Die 'Ollanders hebben ons grondwettensysteem, Napoleon heeft het kadaster en de achternamen ingevoerd, dan moeten ze nu ook maar luisteren". Ze luisteren toch ook niet naar ons? Een Franse Senator zei dat Nederland de pest van Europa was. Nou, waar kwam in de middeleeuwen de pest vandaan? Precies. Nou staat het in sommige geschiedenisboeken wel anders vermeld maar dat komt omdat Frankrijk over een grote doofpottenindustrie beschikt. Onlangs hebben ze nog een mislukte poging gedaan een kompleet atol in de doofpot te stoppen. En dan nog; verdovende middelen zijn een ramp voor het volk. Heb je wel eens een flinke snuif genomen van een overrijpe camembert? Heb je het over verdovende middelen. En dat zonder leeftijdsgrens voor drie piek bij ons aller Albert Heijn. Zeggen de Fransen ook nog dat camembert ruikt naar de voeten van God. Of God daar blij mee is....maar goed, de Fransen zijn best wel gelovig. Was het geloof niet de opium van het volk? En alle Franse zwervers kunnen zich bezatten aan Chateau Chagraine voor een gulden per liter, de methadonbus is er niks bij! Wat zeiken die Fransen nou? Nederland is niet hun achtertuin, al denken zij dus weer van wel anders hadden ze die kernproeven wel op Rottummerplaat gedaan. Laat die Fransen zich houden bij wijnproeven verdorie. Maar het is weer eens tijd voor een ouderwetse boycot. Alle Brie, Camembert en de hele reutemeteut in de boycot. Zodat die kazen hier niet meer heen hoeven komen. Trouwens waarom zou je ze eten? Als ze aankomen zijn ze al beschimmeld en dan zeuren zij over onze tomaten en tulpen. Als je alle Fransen opstapelt op het enige overzeese grondgebied dat ze nog bezitten, Mururoa, dan kunnen wij weer leven als een God in Frankrijk.

type : verhalen
title : Engelsen
Engelse logica uitgeplozen
fragment : Typisch. In Engelse pubs draaien ze geen muziek. Ze wachten tot je een pond in de jukebox stopt, dan kun je zeven nummers uitkiezen. Ze willen ook nog op de muziek verdienen omdat ze zo vroeg dicht moeten. Om elf uur. Daarom beginnen die Engelsen zo vroeg met drinken. De pubs houden hun bier niet goed koud, dat drinkt minder snel. Daarom ook dat ze geen schuim op hun bier willen. Dat is minder bier per glas. Maar die pubs zijn ook niet gek, die verkopen bier met minder alcohol. En daarom drinken ze zulke grote glazen. Nou snap ik die Engelsen.

type : verhalen
title : Freedom
Waargebeurd verhaal; kan zo verfilmd.
fragment : Zo reden we eens met de oude bak op de A28, 140 linkerbaan....
De radio aan -alleen als de verwarming loeide anders kwam er geen geluid uit-....
Twee mannen van A naar B zonder te weten waar B liggen zou....
De vrijheid tegemoet, niets te verliezen....
We zeiden niet veel. We genoten voornamelijk van het vlakke land en de platte egeltjes....
De zon in de voorruit -het raam open vanwege de verwarming vanwege de radio-
De haren in de wind, koffer in de kofferbak....
"We gaan een weekendje weg, jij en ik" zei hij de dag ervoor. Afspraken afgezegd, sokken in de koffer paspoort en pinpas in de binnenzak, zonnebril op de neus. Het leek wel een idylle....
De oude wagen trok het best nog....Hmmm, lekker razen.
Plots een totale zonsverduistering; de motorkap sloeg open, klapte op de voorruit en slingerend kon hij ternauwernood voorkomen dat de vangrail beschadigd worden zou, alle knipperlichten aan, hoofd uit het raam, afzakken naar 80, gezellig toeterende passanten, vrolijk zonnetje. We kwamen ongedeerd aan op de vluchtstrook, waar me met een slakkegangetje het opdoemende tankstation tegemoet reden. Was daar de redding of het einde van de vrijheid?
Een stevig touw was snel gekocht en de motorkap weer stevig bevestigd. Een der scharnieren had het begeven zo bleek. Zo, onbekende plaatsen, here we come, again!
Nauwelijks bewogen door het incident, hoewel van binnen ineens meer cellen tintelden dan ik ooit had vermoed te bezitten, vlogen we met 170 de naderende donderwolken en duisternis tegemoet.
Het weer sloeg om: vogels regenden de lucht uit, wind deed bomen knappen. Ruitewissers brachten uitkomst. De monotonie van hun ritme stak schril af bij het leven dat we leden. Echter; niets staat vast. Zo dacht de ruitewisser er ook over en ging er bij een goede windvlaag vandoor, de voorruit een zwembad gelijkend werden we dus genoodzaakt een klein dorpje als voorlopige plaats B te bestempelen, de bui afwachtend.
In dit dorpje, waar auto's nog bezienswaardig zijn, deed een onoplettende kat ons tot noodstop dwingen. Plots was het voor de tweede maal die dag duister in de auto. Bij het optrekken klonk een onheilspellend gesplinter en gekraak. We stapten uit om, in de natte storm, te zien wie dit geluid veroorzaakt had. Het bleken twee koplampen te zijn, terwijl juist de koplampen van onze auto verdwenen bleken. Aldus besloten we in dit dorp de nacht door te brengen.
Het werd een zeer geslaagd weekend. Ook de terugreis werd zeer aangenaam, per trein.

type : verhalen
title : Lucht
Logica is een schone zaak.
fragment : De lucht die we inademen hebben we hard nodig. Maar die lucht bestaat in feite uit niets anders dan oude woorden, in het verleden uitgesproken door andere mensen die we waarschijnlijk niet kennen, wellicht nooit zullen kennen. Lucht wordt door mensen gemaakt.

Dat zal ik bewijzen. Hier op deze plek zijn al vele woorden gesproken, en er is hier voldoende lucht. Dat is nog geen bewijs Maar denkt u eens na: op een hele hoge berg zijn weinig mensen geweest en erg weinig woorden gesproken. Er is op die hoge berg dan ook weinig lucht, dat is algemeen bekend. Eerste bewijs geleverd. Om het te onderbouwen haal ik nog een voorbeeld aan. Op de zeebodem is zo mogelijk nog minder gezegd, ademen is daar dan ook erg moeilijk. Tweede bewijs. Nog een; op de maan heeft slechts een handjevol mensen een handjevol woorden gezegd. en daar is hoegenaamd geen lucht. Derde bewijs, wellicht het sterkste.

In onze zoektocht naar ander leven waar mee valt te communiceren moeten we dus zoeken naar lucht. en voor het probleem van de overbevolking heb ik ook al een oplossing die, gezien de bewijslast, erg eenvoudig is. Dat gaat zo; positioneer op de maan een groep mensen die veel praten. Dan zal er voldoende lucht worden gemaakt en toekomstige bewoning versneld mogelijk zijn.

Welnu; wie moeten daar dan gaan zitten is de vraag. Bij voorkeur politici. Dat heeft te maken met de aard van de gesproken woorden. Het moeten schone, ongeladen woorden zijn. Immers; vieze woorden geven vieze lucht. Dus 06-lijn-medewerkers zijn voor het overgrote deel uitgesloten van bevoorrechte positie van maanpraters. Ook dat kan ik bewijzen. In steden, waar vele mensen dicht opeengepakt wonen, ontstaan sneller irritaties en vuile woorden dan, laten we zeggen, op het Zimbabwaanse platteland. In de steden is erg veel vuile lucht. Lijkt me een goed bewijs. Verder denkend stel ik voor dat bij wijze van proef in een aantal grote steden een strikt vloekverbod wordt afgekondigd. De lucht zal daar verbeteren naarmate er meer schone woorden worden uitgesproken. Op die manier is de luchtverontreiniging goedkoop aan te pakken.

Zelf heb ik de lucht nu al wat verbeterd met al deze schone woorden, en omdat ik van evenwicht houdt rest me alleen nog te zeggen; GodverdeGodverdeNomdedieu en adieu!

type : verhalen
title : Mythologica
De waarheid is in mythologische verhalen vaak ver te zoeken. Een reconstructie.
fragment : Het gebeurde in de dageraad der geschiedenis, dat een boerendochter, zeer klein van stuk, die daardoor de bijnaam 'Meter' had gekregen, ruzie kreeg met haar vader Cronus. De ruzie ging eenvoudigweg over de afwas. Maar wat Metertje daardoor allemaal meemaakte staat hier beschreven. Let wel, dit is de waarheid, uit betrouwbare bron vernomen.
De afwas en de ruzie waren zo hoog opgelopen dat onze kleine dame besloot haar heil te zoeken bij Zeug. Door een schrijffout is deze persoon in de latere literatuur terug te vinden als Zeus. Feit was dat hij Zeug heette, en hij deed zijn naam eer aan. Feesten kon hij als de besten, of eigenlijk als de beesten. Zeug had een paleisje op een berg in Griekenland, en Meter kwam na een lange zwerftocht op zoek naar het paleis, aan de voet van de heuvel. Daar lag een groot graanveld, waar ze zich doorheen moest worstelen om bij de ophaalbrug te komen. Ze vroeg om een audientie bij meneer Zeug, en hij stond dit toe omdat ze ondanks haar lengte zeer bevallig was. Vanwege de tocht door het graanveld stak nog menige aar in heur haar, Zeug zag dit als een voorteken van haar vruchtbaarheid en verleidde haar. Ze hebben het nooit over de afwas gehad, maar door de overweldigende charme kon ze de juiste woorden niet vinden en liet de afwas de afwas. 's Avonds op een feest vertelde Zeug aan zijn zuipvrienden Bacchus en Dionysus over 'De Meter'. Zo is haar huidige naam geboren, en tevens haar dochter Persepho. Deze dochter bleek al ras een rasechte Wildebras, een punker van de bovenste plank, temeer omdat ze in tegenstelling tot haar moeder zeer veel lengte had. Meter moest haar erg vaak nee verkopen; "Persepho, nee!". Hieruit blijkt alweer dat de geschiedschrijvers niet al te snugger waren, bijna alle namen die we zullen tegenkomen zijn door onkunde veranderd. Meter verliet het paleisje en zwierf met haar dochter door het wijde land der Grieken. Ze hadden weinig geld, en het Formule-1 hotel was reeds volgeboekt. Zuchtend en steunend bereikten ze in de avond een grot, en ze besloten aldaar de nacht door te brengen. Toeval wil dat deze grot het voorportaal was van het rijk der schimmen waar Des heerste. Des kwam 's avonds, geDesillusioneerd, naar buiten om een luchtje te scheppen. Echter, zodra zijn oog viel op Persepho legde hij zijn schepje neer. Persepho werd wakker en gaf Des zijn oog terug. Meter lag diep in slaap, en merkte niets van dit alles. Des was zeer gecharmeerd van Persepho en nam haar mee de grotten in. Hij zag al snel in dat ze zeer handig was, door haar lengte kon ze met haar hanekam goed bij alle hoeken en kieren, zodat eindelijk alle spinrag werd verwijderd. Des was zeer in zijn nopjes met de nieuwe schoonmaakster, en Persepho zag die nopjes aan voor liefde en bleef. Op een gegeven moment kwamen enkele vrienden van Des op bezoek;"Ha, Des!". Ook hieruit blijkt de griekse snuggerheid. Meter werd in alle vroegte wakker en vond een leeg hoopje mos naast haar. Persepho was vast en zeker ontvoerd. In feite werd ze goed gevoerd maar dat kon Meter niet bevroeden. Meter besloot maar weer eens op zoek te gaan naar haar ouders.

Die waren echter in de tussentijd verhuisd vanwege een grote reorganisatie. Op haar zoektocht via internet kwam Meter in contact met Odyssea, en ze spraken met elkaar af. Toe ze elkaar hadden gevonden bleek Odyssea een nicht van het zuiverste water. Hij was zeeman en had op een van zijn tochten een scharreltje meegenomen, de egyptenaar Siris. Deze Siris was na het verdwijnen van zijn kater, flink geschrokken van het feit dat Odyssea een man was, en keerde zich tot Meter, een Romance bloeide op. En dat kon geen kwaad, beide waren van eenvoudige komaf, Meter een boerendochter met aren in de haren, Siris een herdersjongen met staf en gesel. Siris vertelde overigens niet dat hij getrouwd was met zijn zuster Is. De romance ging heftig tekeer, maar wat wil je met zo'n gesel. De term SM-relatie komt oorspronkelijk dan ook van Siris-Meter-relatie. Op een goede dag besloten Siris en Meter naar Egypte te gaan. Dochtertje Persepho ging mee, want de liefde van Des was haar niet in de koude kleren gaan zitten, sterker nog, ze had een dochtertje gebaard, het beroemde Des-dochtertje. Op hun reis naar Egypte zonk hun boot, de Exxon-Valdez, zodat ze nog een flink eind zwemmen moesten. Maar ze hielden het hoofd boven water. In Egypte, land der pyramiden en andere Nijldeltawerken, logeerden ze bij de broer van Siris, Sef, later terug te vinden als Seth, prototype Gaaikema. De zus -tevens vrouw- van Siris heette Is, en omdat ze nogal stotterde stelde ze zichzelf voor als IsIs. Afijn het werd een leuk feestje. Na flink wat gehijs en geblow waren de aanwezigen flink stronken. Is had al driemaal op de schoot van Meter gekotst toen de vonk tussen Persepho en Siris oversloeg. Ze schrokken hevig maar konden de aardlekschakelaar niet vinden. Daarom besloten ze in het achterkamertje kortsluiting te hebben. De vonken en spetters vlogen er van af. Persepho riep keer op keer "Oh, Siris, Oh, Siris!" waaruit zijn huidige naam valt af te leiden. Siris kraamde allemaal onzin uit en Persepho wederom een dochtertje. Is had niets van dit alles in de gaten, maar Meter voelde zich niet in haar kruis getast en dus flink bedrogen. Zij spande samen met Sef, en besloten Siris eens flink op zijn stuk te zetten. Toen Siris van zijn stuk afviel, stopten ze hem in een kist en de kist werd als chemisch afval in de Nijl gedumpt. Helaas bleef het leeghoofd drijven. Hij werd wakker bij de stormvloed kering. Is werd wakker in haar kamertje, met een flinke kater. Ze miste haar geliefde en ging op zoek. Snel vond ze hem, maar helaas, hij was op een levensteken na dood. Is klom bovenop hem en raakte flink drachtig. Een vriendje van Is deed aan zwarte magie (al zijn patienten werden na verloop van tijd vanzelf zwart) en toverde hem weer terug naar het land der Levenden. Hij kwam aan en zag de dikke buik van Is. "Van wie is dat kind?" vroeg Siris verbaasd. "Van jou!" riep de blije Is. Siris geloofde er niets van. "Hoe zal ik het kind noemen?" vroeg Is. Siris werd flink kwaad en zei "Ja, hoor 'es, dat kind is niet van mij". Het kind werd dus Horus genoemd. Meter en Sef waren niet blij met het feit dat de overspelige Siris nog leefde en knipten hem in veertien stukjes. Die verspreidde ze over het hele land. Omdat er nogal wat aren uit de haren van Meter aan de bloederige stukjes waren blijven hangen dacht iedereen dat Siris erg vruchtbaar was, overal waar een stukje Siris lag onstproot spontaan een bosje graan. In feite moeten we hier dus Meter voor bedanken (Dank, Meter).

Ze word nu dan ook de godin van de landbouw genoemd. Maar goed, Is ging wederom op zoek naar Siris. Na een flinke zoektocht had ze dertien stukjes Siris, en plakte die zover haar anatomisch inzicht reikte, weer aan elkaar. Siris kwam bij en zei met hoge stem "Dank, lieve zus, kun je dat laatste stukje ook even zoeken?". Is besloot dat niet te doen zodat hij ook niet meer overspelig kon zijn. Siris was flink kwaad op Meter, en trapte haar in een keer de Middellandse Zee over. Voor hem een kleine moeite, hij was vroeger al sterspeler bij het plaatselijke rugby-elftal. Deze ontzettende trap maakte diepe indruk op Meter, tevens op de Trojanen, wier stad plots van de aardbodem werd gevaagd. Odyssea zag alles gebeuren en vertelde alles aan sportverslaggever Homerun. Deze is daar later onder het peudoniem Homerus nog flink bekend om geworden. Afijn, Meter was flink onder de indruk en besloot verre van Egypte te blijven. Ze ondernam en tocht naar het Hoge Noorden. Eindelijk aangekomen in de buurt van de zee bouwde ze een kleine terp, die noemde ze Olympus. Deze terp is heden ten dage nog te bewonderen achter de studentensoos aan de Hereweg 40 te Groningen. Meter huist daar nog steeds in een oude boom, en de studenten hebben hun vereniging "Demeter" genoemd. Helaas, in de bange dagen voor kerst blijken de studenten plan opgevat te hebben om te fuseren met twee andere verenigingen, en onder de naam Osiris verder te gaan. Dit was onze Meter natuurlijk teveel. Ze liep op het verbindingskanaal af en stortte zich met al haar kracht in het water, alwaar de bouw van het Groningen Museum druk gaande was. Omdat ze niet goed terecht kwam, het Oostelijk deel van het Museum gaat nu verder onder de volksnaam 'auto-ongeluk'. Gelukkig weten wij wel beter.

type : verhalen
title : Politie
geen commentaar...
fragment : Ik woon tegenover het politiebureau en kijkuit op kantoortjes waar mensen de hele dag aan hun hondenpenning zitten te sabbelen. Van 9 tot 5 turen ze naar een beeldscherm of de plantjes in mijn vensterbank. Gelukkig kijken ze niet verder dan hun tenen lang zijn, want aan mijn muur hangt een aantal kilo verboden wapenbezit. Allemaal zwaarden. 's Avonds, 's nachts, dan zit er niemand. Eigenlijk zonde. Je kunt zo iets jatten. Dat heb ik laatst dan ook gedaan. Ik stond op mijn balkonnetje, die vierkante meter frisse lucht die mijn huisje rijk is, fris biertje in de voorpoot, mijmerend dat ik die vlag wel van het dak wilde halen. Er komt een agent aan, in pannenkoekenbeslag genomen fiets in de hand. Plots gaat het grote buffelhek open (oh, zeldzaamheid) en er komt zo'n blik met knipperende lichtjes en toeters naar buiten, een soort interactieve bonensoep zeg maar. De auto stopt, en er komt (om in deze metafoor te blijven) een rookworst uit het raam kijken en sputtert iets tegen de legale fietsenjatter. De laatste kwakt de fiets neer, sprint naar het blik en duikt er hongerig in. Sirenes stierven weg terwijl ik naar die mooie fiets keek. Even later stond het ros in mijn schuurtje. Dom. Niemand achter de vensters om mij een slecht rapportcijfer te geven. Volgende dag hing er een groot vel aan de binnenkant van mijn raam; hoi LUI! Stel je voor er had iemand bloemtjes zitten tellen dan had ik zo'n geel wc-papiertje gekregen. en die krengen zijn behoorlijk duur. Dat kan best goedkoper, dat politie-apparaat. Als die penningdragers nou eens aan werktijdspreiding deden! Immers: 65% van de dag staat het pand leeg. Gewoon ploegendienst, een computer een lamp en een bureau voor drie mensen. Dat kost wat meer verwarming, maar het schijnt dat je hersenen in koele omgeving beter werken. Minder kantoren, de rest is niet nodig. Slopen dus, of verhuren aan plaatselijke krakers. Dat scheelt klauwen met geld, dan kan die bon voor lichteloos fietsen ook goedkoper worden. Die bon stuur ik terug want het was hun fiets!
type : verhalen
title : Politiek
DigiDichter for President.
fragment : Het gisteren gehouden overleg tussen de regering en de vorige week overleden rebellenleider heeft volgens een woordvoerder zijn vruchten afgeworpen. Ik was toevalligerwijs in de buurt dus ik raapte die vruchten rap op en verkocht ze aan het nabijgelegen vijfsterrenrestaurant. Daar werden ze, flink zwart geblakerd, aangeboden als Warme Vrede. Helaas was het niet te pruimen; de witte duif was zwart alsof ze op hoogspanningsschrikdraad had gezeten en gezeken. Om de oorzaak van dit debacle op te helderen toog ik naar het dichtstbijzijnde weiland met een dergelijk afschrikdraadafrastering.

Aangezien het om een vijfsterrenrestuarant ging zocht ik natuurlijk naar meteorietinslagen, welke lustig verspreid lagen in het groene gras. Op een der stukjes ruimtepuin vond ik de afdruk van een ruimtelaars, en uit de indruk die daar was achtergelaten stak een klein papiertje, welke ik natuurlijk er uit haalde.

De ondertiteling vermeldde de boodschap; 1 ons knoflookkaas, 2 boterhammen nierzalf, 5 kilo bijziende kikkeroogjes. Ik ging al die zaken maar even kopen bij de plaatselijke grootgrutter en kon nog net de eerste subspaceraket naar Nergens halen.

Daar aangekomen trof ik Captain Picard en verontschuldigde me voor de aanvaring en overhandigde hem zijn benodigdheden. Helaas miste ik de laatste citybus naar Balkonia Begonia maar de crew was zo cru me een stel ruimterolschaatsen te lenen. Op de terugweg echter struikelde ik over de urn van de schrijver van StarTrek, meneer Roddenberry. Ik raapte de urn op uit de gewichtloosheid en hield haar aan mijn oor aangezien er een duchtig kloppen klonk. 'KlopKlopKlopKlop'.

De heer Roddenberry bleek ondanks verhitte pogingen hem in de ruimte te vereeuwigen nog in leven. Dankbaar kroop hij uit zijn kleine urn en beklaagde zich over het feit dat ze hem geen klaptop hadden meegezonden. Daarna nam hij plaats op de rolschaatsbagagedragers.

Aldus kwamen we behouden maar enigszins verlaat aan op Planet Earth. En omdat Roddenberry natuurlijk niet onder zijn eigen naam terug kon keren begon hij een lang gewilde politieke carriere zoals het een Bekend Amerikaan behoort. De nieuwe ster aan het firmament koos de naam Rottenberg, sindsdien ben ik erelid van de Partij van de Arbeid, al arbeid ik niet veel maar dat kan de partij niet helpen. Daarom ging ik maar studeren. Het was een waarlijk zeuvenjarenplan maar dat mag de pret niet drukken. Aangezien ik geen beurs kreeg gezien mijn al wat rijpere leeftijd stond mijn rekening immer rood maar dat is immers de kleur van de Partij. En omdat jullie hier ook van de partij zijn lijkt het me logisch dat jullie het verdere verloop van dit verhaal wel kennen dus lijkt me de tijd aangekomen het Woord aan jullie te geven.

type : verhalen
title : Proza over Poezie
Het rozenloze leven van een dichter.
fragment : Zo was ik onlangs voor een optreden in een etablissement geheten De Roze Olifant, alwaar de Bijbelse opmerking Man En Vrouw Zijn Voor Elkaar Geschapen met de voeten wordt getreden, of met enig ander lichaamsdeel, daar heb ik niet nader naar geinformeerd. Het favoriete TV-programma van de vaste klanten is dan ook het Medische AVROprogramma Vinger In De Bips. Ik heb blijkbaar een gave om een optreden regelmatig met een foute opmerking te beginnen en die keer begon ik met Een Dichter Prostitueert Zijn Stem. Prompt komt er een onooglijk ventje, lelijk als zijn eigen lijk, met vette smile en dito kapsel op me af en stopt een geeltje in mijn laag uitgesneden decollete;. Ik zeg Mijn Dank Is Groot maar dat kon hem niet boeien, als mijn lul groter was dan mijn ego dan wilde hij wel een keertje. Vooralsnog laat ik me daar niet over uit.
Het was een leuk optreden; de kerels verdrongen zich aan me, ik kreeg veel geld en bijval. Zeker toen ik een lieflijk gedicht over de Heemelsche Liefde Tusschen Man en Vrouw bracht waren velen het kotsen nabij.
Na afrekening besloot ik nog even te blijven want de kroeg deed me denken aan mijn oude kleuterschool waar de jongens ook achter de jongens aan renden en niets van de meisjes moesten hebben. Zo ziet u maar; de mens is in aanleg verre van Hetero.
Achter in de kroeg stond een biljart alwaar drie dames hun uiterste best deden zo slecht mogelijk te biljarten hetgeen hun zeer wel lukte. Omdat ik, hoe symbolisch voor de Roze Olifant, ook graag een balletje stoot, toog ik groenelakenwaarts en ging zitten toekijken. Enkele nichten volgden me op de voet. Of dit nu was omwille van het biljart, mijn literaire kwaliteiten of vanwege mijn bevallige verschijning is me niet geheel duidelijk. Een der biljartende, of gezien hun moyenne tafelvoetballende, dames gaf me een vette knipoog. Ze deed haar uiterste best de speelbal dusdanig te positioneren dat ze zeker met haar in zwaar zijde verpakte derriere pontificaal voor mijn neus moest gaan staan, hetgeen haar reeds binnen tien minuten lukte. Ze kijkt me aan, hoofd licht schuin, sensuele blik in haar langbewimperde ogen, het lange haar bevallig over haar ontblootte schouder en zegt "Sorry Baby, Mag Ik Er Even Bij?". Ze had een zwoele baard in de keel, dat moet gezegd worden. Omdat ik de charme wel in zag van drie travesterende kerels gaf ik ze alle ruimte, en zodoende belandde ik op straat. Daar had de gladheid hevig toegeslagen zodat ik wel snel een zeer nader onderzoek verrichtte naar de staat van Rijksch Plaveischel. Een der ontaarde kerels, die van het geeltje, volgde me schuchter. Omdat ik geen zin had in een duistere steeg gepakt te worden dook ik een duistere kroeg in. Hij volgde.

Om het kereltje nog enigszins waar voor zijn geld te geven bestelde ik voor 25 piek Gin. De barman begreep mijn bedoeling en zette de nog bijna volle fles onder de neus van het vaseline-ventje. Ik heb overigens nooit begrepen dat Gin is bedoeld om te drinken, volgens mij is het gemaakt om in je haren te smeren, Berken Haarwater is er niets bij. Het ventje vraagt Hoe Zit Dat Nou Met Die Lengte? Ik zeg dat als hij zijn Gin op heeft ik hem er meer over zal vertellen. Het werkte. Zodra hij de Gin op had kun ik rustig over hem heen stappen. Er kwam geen geluid meer uit hem. Ik verruilde de schemering der kroeg voor de schemering der straat. Omdat ik onderhand geen idee meer had van de tijd vroeg ik een stoephoer die verscholen achter een lantaarnpaal wachtte op betere tijden Hoe Laat Is Het? Ze zei 75 piek. Echter, ik wilde haar geen haar krenken. Geen enkele. Daarom hielden we maar een boeiende discussie over de symbolische dichtekunst tijdens het Interbellum. Het was tijd geworden om een bal met gele kledder achter de huig te schuiven. Ik zag dat de VenD reeds was geopend en begaf me naar het restauratieve gedeelte om onder het dubieuze genot van een mondverbrandend kopje koffie te ontnuchteren en enkele nieuwe gedichten te schrijven. Zoals u ziet; het leven van een Dichter gaat niet over Rozen.

type : verhalen
title : Sjakie
Sjakie heeft een moeilijke jeugd. Nog steeds.
fragment : Ik heb een probleem. Ik ben Sjakie en ik heb een moeilijke jeugd gehad. Ja lach maar. Altijd had ik ruzie met mijn vader. en hij met mij. Op een dag besloot ik dat we elkaar maar niet meer moesten zien. Ik was toen drie. Dat was dus vrij moeilijk, pas rond mijn achttiende was het zover; hij ging op kamers. Ik sprong een gat in de ozonlaag.

Niet lang daarna liep ik ook weg. Er volgde een lange stilte.











Na jarenlang verwoed stilzwijgen besloot ik mijn vader maar eens te zoeken. Misschien was hij in de tussentijd wel veranderd. Dus ik trok de wijde wereld in. Maar; hij was onvindbaar. Ik vraag aan iedereen die ik tegenkom; Meneer hebt u mijn vader ook gezien? Nee mijn zoon, niet gezien. LEUGENAAR! Hij zegt dat ik zijn zoon ben! Daar trap ik niet in, hij was vast een kinderlokker. en wel een vieze; hij had zijn kruis om zijn nek hangen.

Dus ik zwierf verder. Ik heb ooit gelezen dat een misdadiger altijd terugkeert naar de plek des onheils dus ik ging naar het vroegere ouderlijke huis. Daar was hij niet. Twee weken lang heb ik op de stoep zitten wachten, tot ik werd weggestuurd. Verder, de wijde wereld in. Totdat iemand wist waar mijn vader had gewoond. Ik ging op het adres af en belde aan. De zenuwen gierden in de keel. Mevrouw, kent u mijn vader ook? De vrouw zegt dat ze met hem getrouwd is geweest. Ik zeg Moeder, wat ben je veranderd! Ze zegt met zwaar Surinaams accent; Ach nee jongeh, ik ben je moeder helemaal niet weetje! Nee, dat lijkt me ook. Ze wist ook niet waar mijn vader nu was.

Vier weken later was ik erachter gekomen. Hij had zich verstopt. Hij was blijkbaar erg bang voor me want hij had zich wel heel goed verstopt. Maar ik ga naar zijn schuilplaats en graaf hem op. Hij was nooit knap, maar nu zag hij er dus echt niet uit. Hij rook ook vreemd. Ik zeg tegen hem "vader" zeg ik, "vader, geef me een hand." Hij zei niets dus ik pakte zijn hand. Nou heb ik altijd geweten dat hij losse handjes had. Ik schud zijn hand en gooi hem weg. Ik tilde hem op want hij was te moe om zelf op te staan. Hij was altijd al een leegloper. en losse zeden had hij zo te zien ook nog steeds. Zo te zien had hij er veel. Een hele berg losse zeden op de grond. Feitelijk bleef er niet veel meer van hem over. Maar goed, ik wilde het bijleggen, dus dan doe je niet kieskeurig. Hij zei nog steeds niets. Ik liep met hem naar de uitgang van het park, enkele mensen snelden weg toen ze ons aan zagen komen. Ze dropen af, net als mijn vader. Zulk een hechte band hadden ze zeker nog nooit gezien, want mijn vader kleefde flink op mijn jas. Het enige restje waarmee ik thuis kwam was dit zwartje hoopje hier. Het moet zijn ziel zijn, gezien de kleur.

type : verhalen
title : GroteStadsPoezie 1
column over Groningen
fragment : Ik hou van de grote steden. Ze hebben een charme in hun chaos, inherent aan het volgepakte karakter dat hoort bij massacongesties. Maar er is meer dat me in steden aantrekt. Juist hier, waar mensen het te druk hebben om op het kleine te letten, juist hier ga je als je er oog voor hebt kleine dingen zien, herkennen en waarderen. Zo zag ik laatst een jong meiske dat in een gat op een parkeerplaats (een of andere eenzame kraker wilde demonstreren, of het was toch de gemeente geweest, wier budget ten einde was en net een steen miste voor dat plekje) een bloem plantte. Dat is echte Natuur van de Stad! De stadsecoloog zal het met mee eens moeten zijn dat stadsnatuur zeer opwindend zijn kan. De rolstoelduif is niet het charmantste voorbeeld, de Hemaworstkauw is al beter. Wat dacht u van de Busmus? Of de Biobakbuizerd, Grachtgrutto, Martinimerel? Maar het toppunt van stadsnatuur is toch wel de Universiteitsuil. Deze bebrilde boekenwurm nestelt zich na de colleges nog dicht bij de lessenaar, alsof hij niet genoeg krijgen kan van het studentenleven. Met trage wiekslag domineert dit dier de skyline der tentamencijfers, voedt zich met aangeschoten tempobeurs-slachtoffers, jaagt op resten college-agenda, maar bovenal laat hij zijn wijze ogen vallen op de immer aanwezige feestnummers. Om al deze inspanningen te boven te komen en het geheel weg te spoelen heeft de universiteitsuil een grote smaak ontwikkeld voor goudgeel bier, hetgeen in grote hoeveelheden over de Grote Markt vloeit, om af en toe in vliegende vlucht het vocht te lozen boven de hoofden der zaterdagse Herenstraatgangers.

U vraagt zich waarschijnlijk af wat het waarheidsgehalte is van dit verslag der Stadsnatuur. Welnu, als u eens een druppel in de nek voelt vallen terwijl u met de hele familie de Herenstraat doorslentert, ga dan na of deze druppel warm of koud was. Was het koud, dan was het van de regen.

type : verhalen
title : GroteStadsPoezie 2
column over Groningen
fragment : Al zeven jaar woon in deze stad, en het is mijn stad geworden. Gekomen uit het heuvelachtige Limburg schrok ik even van de ongebreidelde weidsheid van het ommeland, maar nu ik mijn ogen steviger op een verder weg gelegen einder kan zetten behaagt deze platte provincie me zeer goed. En de stad, als het hart in al die leegte trekt me helemaal. Hier ben ik begonnen de stad te beschrijven. Zeer dankbaar werk als je aan de vooravond van Binnenstad Beter binnen komt vallen. De grote groei van Groningen begon toen ik hier kwam. De Poelestraat kreeg als eerste gele steentjes, het Museum (dat auto-ongeluk in het verbindingskanaal), de Gasunie, de grote zandbak in de hele stad die een aanvang nam met het Requiem voor het Stadhuis, en inmiddels is de woestijn opgerukt tot mijn voordeur. En met recht is het een woestijn te noemen, je raakt de weg kwijt door alle onbegaanbare routes, het stuivende zand en niet in de laatste plaats omdat je regelmatig zonder water komt te zitten. Maar dat is Siberische Romantiek, als een oud anti-kraakpand in de stad. Dan blijkt je huis, na een weekendje heuvelen, ineens omringd te zijn door bouwhekken vanwege zeer spoedige sloop. Dan vertrek je met wat dozen een container in, om later in onderhuur een kamertje inclusief aquarium te betrekken. De stad leeft, omdat ik me in een woelige periode hier vertoon. Natuurlijk zijn al deze verbanden causaal, toch mag ik geloven dat ik er niet ben voor de stad maar andersom. Om mijnentwille verbouwen ze de stad, veranderen ze grijze tegels in maisbroodjes, bouwen ze een museum, sluiten ze het water af. Met recht kan Groningen een unieke stad genoemd worden.
type : verhalen
title : GroteStadsPoezie 3
column over Groningen
fragment : De stad is eigenlijk een grote doos. Ook al loop ik hier al wat jaartjes door allerlei straten en stegen, net als in een grote doos die je nog niet volledig hebt uitgepakt zie je op iedere hoek iets verrassends. Zoals gisteren, een dag met wat zon en wind zoals het behoort vlak onder de zeehondjeszee, liep ik door de stad en hoorde een meisjesstem, neuri
type : verhalen
title : GroteStadsPoezie 4
column over Groningen
fragment : In feite hoorde ik het omdat ik de muziek goed kende, dus deze toon die er niet in thuis hoorde m
type : verhalen
title : GroteStadsPoezie 5
column over Groningen
fragment : De vrieskou heerst weer in de stad, op het platteland zal het niet veel anders wezen. Ik heb immers zelf op het legeland gewoond, en wel in het dorp der dorpen Baflo. Waarlijk, als stadsmens was dat een openbaring; iedereen Moit wat af op zo'n dag, of ze niets beters te doen hebben. Dat Moi is volgens mij een sociaal controle woord, in de zin va "ik ken jou, pas maar op dat je geen stadse fratsen uithaalt hier, dan weten we je te vinden, dus je blijft van mijn fiets af, mijn dochter laat je ook met rust". Als een toverwoord uit de Hobbit, "Ik heb jou gemoit, pas maar op". Maar goed, het vriest weer een beetje. Tijd om de roestige kunstschaatsjes uit de kast te laten vallen, tijd om uit te kijken naar de eerste mutsen. Al jaren lang vraag ik bij de eerste nachtvorst wanneer het nou eindelijk eens sneeuwen gaat. En als het dan maanden later eens sneeuwt, dan wil ik direct de stad in, even zien of het echt is, of de feestverlichting al werkt, of ik al een sneeuwbal gooien kan naar de Martinitoren, dat soort dingen. Oude mensen helpen opstaan als ze ten prooi zijn gevallen. Maar voorlopig blijf ik wachten op die eerste betoverende witte vlokken, die de stad zo'n serene indruk geven kunnen als je voorbij de bruine prut kijkt, voorbij de pekelvlekken op je broek, voorbij de schoongeschoven winkelentree, warm en drooggeblazen door die grote ontkenners der Hollandsche Winter, voorbij de gele urinevlekken. Hmm, winter in de stad, niets mooier dan dat.
type : verhalen
title : GroteStadsPoezie 6
column over Groningen
fragment : Sinds een week of drie ben ik weer muzikaal bezig. Met andere mensen dan, want digitaal maakte ik al voldoende herrie. Maar nu zijn er twee zeer levende wezens mijn appartementje binnengedrongen om mijn po
type : verhalen
title : GroteStadsPoezie 7
column over Groningen
fragment : Ik liep vanmorgen weer eens door de stad. Ik stalde mijn fiets op een veilig plekje in de Polevky Dum Ulice omdat ik geen zin had mijn fiets later ergens in het Spojeni-kanaal op te moeten duiken. Ik liep de Zidle vytocit Ulice in, richting Rybi Namesti. Daar kwam ik een vriend tegen en op de hoek van de A-hrbitov stonden wat te praten over de nieuwste veranderingen in deze mooie stad. Ik mag graag op Rybi Namesti komen, er hangt daar een zeer gemoedelijke sfeer, niet het uitgaansleven zoals op de Velky Trh, nee, hier komt meer het winkelende volk. Op zoek naar iets lekkers van het platteland. Hier komt men niet om dure kleding te kopen, of zich te laten zien, dat gebeurt door de toeristen in de Ulice Panska. Dat soort mensen vergapen zich dan aan de weidsheid van Velky Trh, terwijl Rybi Namesti werkelijk veel imposanter is. Ook de Stare Sedy wordt bekeken, eventueel zelfs beklommen. Afijn, we staan daar wat te kletsen, prompt komt er een fikse prehanky opzetten. Omdat we nog lang niet uitgepraat zijn, besluiten we zo snel mogelijk naar de Panske Tvistova te gaan voor een goede bak koffie. Helaas hoorden we de bourka al toen we bij het Ochladi Gat waren, en in de Vysoky Ulica kwamen er flink wat narazovy vitr bij, dus we besloten de eerstvolgende kavarna in te duiken. Gelukkig was het daar warm, maar mijn fiets stond nog in Polevky Dum Ulice. En het zag er niet naar uit dat het de rest van de dag mokro zou blijven. Terwijl het vanmorgen nog wel zo slunecno was...

Ja, dat was weer een gewone dag in Groningen. Groningen? Ja, af en toe vertaal ik de straatnamen om me een eeuwig vakantiegevoel te geven. Zo zie je maar, Groningen op zijn Tsjechisch is zo gek nog niet...

type : verhalen
title : GroteStadsPoezie 8
column over Groningen
fragment : Sint de kindervrind is weer gearriveerd. Ik liep door de stad toen ik overal politie op de been merkte. Hier en daar zag ik kinderen die hun ouders begeleiden naar de intocht van de beschermheilige der zeelui. De sterke arm der wet voerde het verkeer alle kanten op, ver van deze Klaas vandaan, alsof het een hoogwaardigheidsbekleder was. Zouden alle krakers van te voren zijn gearresteerd, of blijkt Groningen inderdaad ver van Amsterdam te liggen. Is dat bericht hier wel doorgedrongen? Even verderop zag ik een zeldzame hanekam rondlopen, dus de Groninger alternativo's zijn lief genoeg om vrij rond te lopen. Of verwachtte onze burgervader dat de Sint de stoute mensjes toch eens in de zak ontvoeren zou?
De tijd van Sint Nicolaas wordt tegenwoordig met kerstbomen ingeluid. Ver voor de speculaasbakker zijn noeste decemberiaanse arbeid verrichten gaat staan er doodbloedende dennenbomen in woonkamers, gevuld met glanswerk van Aziatische komaf, bosgeuren uit de chemische industrie, wordt er gedroomd over een wit uiteinde. Deze dromen zijn overbodig, omdat zowel de Sint als de Kerstman geheel wit zijn, een kleurspoeling is uit den boze. En omdat de natuur ook een feestje in stijl wil vieren daalt de temperatuur tot onder nul zodra onze Goedheiligman voet aan wal zet. Het is maar goed dat Sint op 6 december jarig is, en niet op 6 augustus. Dan zou de winter immers al in de zomer beginnen en de overheid veel meer geld kwijt zijn aan ondersteuning van minima met hoge stookkosten.

type : verhalen
title : GroteStadsPoezie 9
column over Groningen
fragment : En dan is er ook nog het heidense kerstfeest. Bedoeld om de boze geesten weg te jagen zodat de zon weer terug komen zal. Dat hebben we tegenwoordig niet meer nodig, de reisbureaus zeggen al jaren "De zon komt naar u toe deze winter". Maar toch wordt het gevierd, het is immers middenstandsfeest nummer
type : verhalen
title : GroteStadsPoezie 10
column over Groningen
fragment : Wat ook bij Grotestadspoezie lijkt te horen; concurrentie. Natuurlijk ben ik niet de enige dichter in de stad, er zijn er vele. Bekend en onbekend. Tussen de onbekende dichters hangt onderling een gemoedelijk sfeertje. De wat bekendere gaan minzaam met elkander om, het kan zo een sc
type : verhalen
title : Wilt u wat drinken?
Cabaretesk verhaal; geen touw aan vast te knopen.
fragment : Nonsens ofwel; Wilt U Wat Drinken Zegt De Gek
Wilt u wat drinken, zegt de gek.
Nu verwacht iedereen dat een stukje te kunnen lezen over een gek die iemand iets te drinken aanbiedt. En eigenlijk is dat zo gek nog niet, dus laat ik maar doorschrijven, dan komt er tenminste nog een verwachting uit in jullie korte zielige leventje.
Dus...
Wilt u wat drinken, zegt de gek.
Oplettende lezers zien direkt dat de gek niet vraagt of iemand iets wil drinken, nee, hij zegt het. Hij wil dus in feite niets te drinken aanbieden, hij zegt het maar voor de vorm. Althans, dat denkt hij dan weer.
Dus...
Wilt u wat drinken zegt de gek.
Ja graag zegt het opperhoofd, doe mij maar een portie spaghetti.
Gek denkt de gek, nooit geweten dat je spaghetti drinken kon. Hij zegt, u raad het al;
Dat heb ik niet in huis.
Oh, zegt het opperhoofd, lichtelijk teleurgesteld. Doe ma dan maar een kopje koffie....en een portie spaghetti.
Komt voor mekaar zegt de gek. Even later komt hij terug met een glaasje spaghetti.
En dat is nogal knap, oplettende lezers merken dat ik niet eens had geschreven dat de gek weg was gegaan.
De gek vraagt; Hebt u wat in de koffie?
Het opperhoofd kijkt naar de tafel, ziet geen koffie staan en zegt; nou, in ieder geval geen melk tot nu toe.
Oh, dat wordt moeilijk zegt de gek. De melk is op.
Nou nou nou nou zegt het opperhoofd. Nou, doe dan maar zonder room.
Dat kan, die heb ik wel nog.
De gek gaat weg en geeft het opperhoofd een kopje koffie zonder room. Even later komt hij terug.
Ja dat klinkt erg gek, ik weet het, maar de gek is niet zomaar een gek. Hij kan terugkomen zonder weg te gaan. Dat zit zo; hij koopt al zijn huishoudelijke spullen bij de Kwantum. Snelle denkers hebben het al door. Inderdaad, de gek is een kwantumgek. En zoals u wellicht weet gaat de Quantumtheorie er van uit dat iets op een moment twee waarden kan bezitten en ook op twee plaatsen tegelijk kan zijn. Vandaar.
Er is overigens nog meer aan de hand; een persoonsverwisseling. Het opperhoofd is namelijk gek, en de gek is zichzelf. Twee in een dus, een soort wasmiddel. Maar wat het geheel nog erger maakt; de gek en het opperhoofd zijn broers. Nou ja, ze hebben wel twee verschillende vaders en drie verschillende moeders, maar toch zijn ze broers. Dat bleek namelijk uit de bloedtest. Ze moesten allebei een glaasje bloed afstaan.

Ze gingen naar een drukke winkelstraat en zetten de glaasjes op tafel, met kartonnen kokertjes om zichzelf heen. Doe de bloedtest, yeah! En omdat niemand enig verschil proefde hebben ze hetzelfde bloed en zijn dus broers. Nou is het wel zo dat niemand durfde proeven, of het moet die ene gek uit de Karpaten, de Tatra of voor mijn part de minder toeristieke delen van Transsylvanie zijn geweest. Maar die had geen verblijfsvergunning dus zijn stem werd ongeldig verklaard.
En dat ze broers zijn dat kan best kloppen. Ik kan ze ook nooit uit elkaar halen. Maar volgens mij is die rooie toch iets langer dan die blonde. En die rooie, dat is nou het opperhoofd. Hij is opperhoofd omdat indianen nog nooit iemand met rode haren hebben gezien. Dat klopt natuurlijk ook weer, want hij heeft zelf nog nooit een indiaan gezien. En een onzichtbaar iemand met rode haren is een SuperMegaFlippoUnicum, dus hij moest wel tot opperhoofd uitgekozen worden. En omdat alle verdere rollen in deze tekst reeds waren bezet werd zijn broer maar de gek.
Alles is relatief natuurlijk. Dat heeft overigens, nu ik er aan denk, Einstein ook al bewezen. Einstein is nu dan wel dood, maar alles is relatief. Dat heeft Einstein zelf bewezen. Want die foto van hem, met die lange tong, die is onsterfelijk. Alles is relatief, dat heeft hij zelf bewezen, want laatst heb ik die foto in de fik gestoken, en die foto leeft niet meer. Fik ook niet. Zo'n foto in zijn reet is hem niet helemaal goed bevallen. Het arme beest begon helemaal op te zwellen. En na twee dagen belde ik maar de dierenarts op. Die zei dat Fik verstopt was. Nou, mooi niet! Het beest lag naast me op de bank, op het vloerkleed, op de salontafel, op het parket en op de stoel die daar dan weer stond. En ik zat op de grond want hij was een beetje dik. maar in ieder geval niet verstopt. Ik wordt kwaad op die dierenarts en gooi de haak op de hoorn. Ik loop naar Fikkie toe en zie een restje van de Einsteinfoto uit zijn reet steken. Alleen nog een stukje van die lange tong. En ik pak het stukje beet en trek eraan. Nou zeg die foto zag er niet meer uit! Overigens vloog Fikkie met een flink gespetter drie rondjes om de schemerlamp, door de deur en PFFFRRRTTT!!! zo de deur uit, tegen het huis van Kosto Baaaffff! wat een ravage zeg. RaRa hoe kan dat nou. En zo ziet u maar, dit verhaal dat kant noch wal raakt, de plank finaal misslaat en nergens op slaat heeft nog een verwachting doen uitkomen. Ik ga er weer vantussen, het is tijd voor mijn dagelijkse glaasje spaghetti.

gedichten
title : BedBlues
Onaangeroerd ligt mijn dekbed glad
gestreken te wachten smachtend naar
mijn streling. Het hoofdkussen kijkt
lijdzaam naar de klok die seconden
wegblaast die tot
uren verworden. Geen
kreuk in het laken de hemel
licht reeds aan de einder zacht
klinken de vogelkwinken door het
onbeslagen raam. Treurnis der kussens het
boek ongemoeid de
klok tikt mijmerend de tijd voorbij. Geen
beweging tot de kat moe van de nacht
haar fluwelen vacht op het satijn zacht te rusten legt. Een
onbeslapen bed dat vannacht geen
kraak produceert het kussen is geduldig
wacht op de tijd dat mijn oor naar
haar luistert. De tijd strijkt de
nacht glad de
wekker gaat.

title : Bomans 2.0
Ik zit mij achter 't beeldschermglas
stierlijk te vervelen
Ik wou dat ik twee muizen was
dan kon ik samen mailen

title : Catonische Goden
In de plooien van de steeg
waar de echo van mijn tred
de regenglans
van facades ontmoet
herken ik de glans
der catonische goden.

Zojuist nog waren ze hier
de rode ogen gloed ebt weg
hun afdruk nog in de regen
het parfum nog in het zand.

Steeds vaker ontmoet ik tekenen
van hun aanwezigheid
de reflectie van hun adem
de essentie van een knipoog
en weet me verzekerd
van hun aanwezigheid
want zij
zijn mijn eigen diepe angsten.

title : Dagboek
Vanmorgen bedacht ik me dat
wanneer een ander over me schrijft
in een dagboek ik ineens opnieuw
geboren wordt.

title : De Mens
De Mens
is
een Sandwichtoaster
Witbrood erin
en
bruin eruit

title : Deze dag
Deze dag was niet
wat ik me er van voorgesteld had.

Slechts een klein deel was zeer prettig.
De rest verliep in het geheel niet naar mijn zin.

Niet getreurd;
ik nam een schaar
knipte het kleine
deel uit de dag en
plakte het op mijn hart.

De zwarte restvorm
gooide ik weg,
op straat
opdat een ander zien kon
"wat een rotdag"
en dat maakte mijn dag
dan weer goed.





title : Dichter
Vanavond

onder genot van
goede herinneringen aan
een avond, een glaasje
Egri Bikaver, kaarslicht
Strijkkwartet nr 15 in Es (op 144)
van Sjostakowits de
vulpen, lege paginas
en volle agenda

Voel ik me
Dichter.


title : Diepste
Het vel van mijn borstkas
rol ik opzij
zaag twee ribben door
ontwar de spieren en zenuwen
die als een stoffig spinrag
tussen de spaken wonen en
duw ze opzij.

In het zo ontstane gapende gat
plaats ik een kleine lijst
met fijn houtsnijwerk en
achter het glas, de passe-partout,
is mijn hart te zien.

Nu is zichtbaar voor eenieder
de roerselen van mijn hart
mijn kloppende levensmachine
mijn diepste ik.

Echter;
mijn hart zit zo diep verzonken
dat ik hem zelf niet zien kan
en anderen vragen moet
wat er beweegt
in mijn roerige binnenste.






title : Dierentuin
Vanmorgen weer een
kater geboren in mijn
hoofd. Zo jong als hij is
reeds een vogeltje gevangen en
op mijn tong gelegd. Gerookte
paling in de longen een egeltje in
de keel. Sidderalen in de benen en
een stinkdier op het hoofd, een haai in
de maag en een nijlpaard in de darmen. De
dierentuin die wodka heet is
heden geopend.
title : Digitale poezie
Digitale poezie
Emoties
omgevormd tot
enen en nullen
De droom van elke psycholoog

title : Donder
Donder in de straten
Geweld in de hemel
Water in de goten
Duister is de lucht
Mijn ribbenkast vult zich
Met overtollige kracht
Rommelt in mijn maag
Trilt door de longen
Stembanden vibreren
Keelgat wijd gesperd
Schreeuwend recht naar boven
Verslikkend in een druppel.

title : Liefdesliedje
Hij;
Ik zoek je nu al tijden op de grote wijde aarde
het diepste punt der oceaan waar ik in de verte staarde
wachtend op het ogenblik dat ik je blik aanschouw
het enige waar ik op wacht dat is een glimp van jou

Zij;
Op de hoogste toppen die er in de wereld zijn
tussen wolken wit en sneeuwvlokken klein
kijk ik uit tot je komt maar nog steeds geen beeld
nergens ben je te vinden; ik raak verveeld

Hij;
Niets kan me hier nog boeien want ik ben hier alleen
met scheepswrakken en wat rotsen om me heen
een luchtbel drijft naar boven, met eenzaamheid gevuld
ik weet dat je er bent maar je blijft in mist verhuld

Hij en Zij;
ik staar naar de einder, naar de horizont
ik heb je al gezien, al was het in de nacht
want ik heb je gedroomd en zie de wereld rond
kijk naar de kim tot je komt en wacht
title : Duivel
Razend over het zwarte asfalt
in de diepe donkre nacht
witte strepen schaars verlicht
door een koplamp, en ik denk;
wat nu als de duivel aan de rand
van de middenberm staat
en zegt

Ik bied je alles
rust en vrede of
drukte en genot
wat je hebben wil
zolang je me maar een lift geeft
op weg naar huis

Wat nu als de duivel
roem en geld biedt...
Geef me de hand en ik help je

Wat nu als de duivel
uit de berm schiet...

De strepen suizen onder me door
ik tuur in de schemrige verte
raas over het zwarte asfalt
in de duistere diepe nacht
witte strepen schaars verlicht

Bump
Dag duivel...
Vaarwel...

title : Emotio
Emotioneel ben ik
een wezekind
ontworstelde mij
aan de ingewanden van mijn moeder stortte
me in de krochten van
deze aardkloot voelde
de krachten van Gaia
vocht mijn weg door tegenspraak
en slag
alleen
ontdeed mijn schouders van
sleur van sloof
vermoordde mijn
ouders reeds als kleuter
voelde Freud en bedenk
na jaren van stilte en schreeuwen
geen hond die me ooit hoorde
huilen



title : Ex
Ik zat op een terrasje
achter zonnebril
te schrijven
keek af en toe wat rond
naar mensen
ontblote lijven
langzaam werd ik dronken
van wodka
en zon
en zag daar een dame
die eenieder
overwon
ik liep op haar toe
en zei
kwil sex
maar toen zij dus omkeek
bleek ze
mijn ex



title : FeboMayo
Grijze straten
Kinderkopjes
Rode baksteen
Roze klinkers
Alles omgevormd
tot uniforme gele klinkers
en blauwgrijze medeklinkers
Waar een ding hetzelfde blijft
uitgesmeerde plakken illegale stront
zwellen op in de regen
en kauwgum vermengd met
Febomayo
title : Figsbury
Figsbury Ring zo
oud en handgemaakt
geen sterveling waarneembaar
vanaf de verweerde top.
Ik waan me terug in
Neolithicum de
mensen gebukt onder stenenlast
de heuvel langzaam bouwend.
Daarna de Romeinen,
de weg langs de voet,
Figsbury Ring reeds verlaten
tot ik haar hier vond
in maagdelijke tijd.
title : Fogtelo
Zomp onder de voeten verdoe ik mijn tijd in het
Fogtelo
title : FuckHell
Fuck Hell staat geschreven
in de straten van de stad
sluimert creativiteit
merendeel analfabetisme
van viltstiftgestoorden
Sommigen echter brengen het
tot het Groninger Museum.
title : Stille Grazer
In alle vroegte, gele schemer
stond ik in de kamer uit te rekken
koffie was klaar, pruttelend aroma.
Ik opende de lamellen, ruisend zonlicht
zag een konijn, stille grazer
zo groot als mijn hand
verbaasd als ik.
Keek me strak aan, snorhaar trillend
rennen of grazen, oren de lucht in
en vond het veilig, rustig knabbelend.
De koffie gedronken, warme geur
het brood gesmeerd, knisperende zak
de fiets gepakt, rammelend ros.
Daar was het konijn, grijze donsbal
in stukken op straat, onverwacht verrast
de eksters al ter plekke
kleine hapjes.
title : Groot Hart
Ik heb geen angst want
Ik heb een groot hart
Zo groot
Dat ik bang ben
Mezelf erin te
Verliezen

title : Gulden voor Gulden
Gulden voor gulden
legen we beurzen in
kroegen
Slokje voor slokje
legen we glazen in
rauwe kelen
Beetje bij beetje
verdunnen we maagsappen
met vodka
Stapje voor stapje
komen we nader tot
de oplossing
Seconde voor seconde
vermageren we de leeuw
in ons binnenste
Gram voor gram
krijgen we de wildheid
wel tam

Het uitgemergelde divankleed
stort in....

title : Handleiding
Beknopte Handleiding Tot Het Bedrijven Van Hogere Po
title : Hemellichten
Ik lig in het duister
achterover in de bus
te mijmeren op het matras.
Hotsend over nachtelijke snelweg
bekijk ik de sterren
door het stoffige raam.
hoewel wij met redelijke vaart gaan
blijven de hemellichten stilstaan.
Waarom rijden wij zo snel
naar een andere plek
als de hemel hetzelfde blijft?
title : Hypnos Liefde
De droom
die zichzelf in slaap suste
heeft amper gevoeld
Hypnos lichte lippendruk
op haar rozige wang.

De leden geloken
de iris roze
van vermoeienis
bekeek zij haar binnenste,
haar intrinsieke zelf.

Een diepe slaap
overgolfde haar leden
en nam als de zee
haar bewustzijn mee
naar haar diepten.

Zij, die levenslang
in de slaap verpoosde,
verwerd tot zichzelf
en bezag zich
met rappe ogen.

Zich mensenmengend
had ze visioenen ontwaakt
door daden onpeilbaar
en zag ze had
een troebel oog.

Ze viel in nachterust.

Een traan ontwaakte.

Zij die zo graag
onder mensen wezen mocht
bezag haar lichaam
en kon niet spreken
over haar vormen.

De droom nam geheel
zichzelf in beslag
en hoopte op ontwaken
uit het spiegelbeeld
van haar leven.

Ze was eindelijk zichzelf.

Nimmer had ze kunnen dromen
dat in sluimerslaap verschenen
de wereld zich vervormde
dat ze anders werd
dan ze was.



title : Ik
Ik
pen en inkt
wijn en vodka
bloed en tranen
IK
geboeid aan mezelf
altijd mezelf
ik





title : Ik ben
Ik trek sporen door het leven zeul
met zware ploegen om
de bovenste laag te keren. Het
onderste te zien en te laten zien
at ik er ben. Mijn hoofd zit
vol inkt en laat die
danig vloeien als spiegel van
Mijzelf. Ingegeven door onblusbaar
verlangen op een dag mezelf te
ontmoeten, de hand te geven en
te kunnen zeggen
Ik Ben.



title : Ik ben
Ik ben kwaad, vervuld van verdriet,vul de einder, overal eender met
gitzwarte dreigende stapelwolken
die optorenen om mijn toorn in beeld te verwoorden,
ik ben ademloos stil voor de uiteindelijke uitbarsting...
Ik ben regen en donder, dender over daken
van een angststad, vul de goten
van daken en straten
met levend borrelend ziedend spetterend water
en de lucht met mijn machtig donkerdonderend stemgeluid
als was ik daadwerkelijk almachtig...

Later, als ik in stilte huil, komen kinderen
mijn tranen vangen, doen de vreugdedans in mijn verdriet
om die te verzachten,
Mijn hart is na het uitstorten van mijn leed ledig,
de wereld weer schoon & fris...
De zon, mijn geliefde zuster, kust de wolken weg,
en samen bouwen we een drievoudige regenboog,
van tranen en nikkelstalen zonnestralen
fragmentarisch weerspiegelend
in het lijdenswater dat ik achterliet...



title : Jack
Oh eenzaamheid van lange dagen die
slepen door het leven
en sporen trekken in dit boek
Oh weemoed van verlangen
naar de warmte van vroeger
die er nooit was
Vrienden, niet zo velen maar
kortstondig en hevig als
een lucifer in de nacht
Oh, vriend van het leven die
jarenlang trouw bleef niet
tegensprak niet morde en
nooit opdrogen zou
Partner in treurnis die
avonden vulde met
warmte van binnen een
goed oor en een roes in het hoofd
Oh, eenzame tijden door
jou opgevuld met
je naam voor mijn ogen die
Jack Daniels was

title : Kibbel
Gekibbel in de verte;
een stelletje heeft onmin
en gooit het op straat.
Ze lopen verder.
Ik raap de onmin op
en leg het in mijn boek,
sla het dicht,
goed dicht.
Na een weekje persen
en drogen
sla ik het boek weer open
zie de verdroogde onenigheid,
haal het flinterdunne plakje
uit het boek en zie
de sappen in het papier getrokken.
Zwarte vormen;
een nieuw gedicht staat geschreven.
Hoe simpel,
de po
title : Lakens
We bedrijven de
Liefde tussen
Lakens van
Papier de
Pen ons
Genot
title : Landschap van je Lichaam
Mijn allerlangste reis
was niet naar de evenaar
of de ijsvlakten van de pool
niet de oevers van het drooggevallen Aralmeer
maar de wandeling
in het landschap van je lichaam.

Ik posteerde me ongegeneerd
in de schaduw van je wimper,
veroorzaakte een korte
windstilte in je kuiltjes.
De tocht waaide echter door
de bochten van je glimlach
en ging bruisen achter je oorschelp
tijdens de wandeling
in het landschap van je lichaam.

Ik zocht een veilig heenkomen
achter het stokken van je hartslag
en weerspiegelde mijn blik
in de groene poel van je iris
waar ik mijn dorst kon lessen.
Tussen haren door zwierf ik
en klampte ik me vast
als de huid onder me schudde
als je lach door de wereld galmde.

Mijn reizen over de aardse wereld
hebben me veel doen zien,
de diepten van de zee,
ruggen van versleten bergketen,
weidsheid van toendra en poesta,
nooit nog was een wolkenlucht zo mooi
als vanaf de uitkijkposten
in het landschap van je lichaam.

Ik zocht beschutting onder je boezem
kon me laven aan je navel
doorklom kliffen van je middenrif
bewandelde de duinen van je dijen
om de dag te eindigen
in je druipsteengrottenstelsel.


title : Lente
Grijze wolken worden wit
waar een blauw gat tussen zit
waar een zwaan haar vleugels spreidt
omdat de hemel weer uitdijt

Een krokus geeft zich bloot
de zonsopgang kleurt rood
wat een mooie dag belooft
dus het zindert in mijn hoofd;

Ik wil naar buiten gaan
weer in de velden staan
want de lente komt er aan
niet ver meer hier vandaan

De lente breekt weer aan
laat bloemen opengaan
laat mij de deuren openslaan
want de lente komt er aan

Ik wil niet meer binnen zijn
de winter maakt me klein
ik lach de lente lekker toe
van de schemer ben ik moe

Deze dag met zonneschijn
zou veel langer moeten zijn
die mijn moeheid heeft geroofd
dus het zindert in mijn hoofd;

Ik wil naar buiten gaan
weer in de velden staan
want de lente komt er aan
niet ver meer hier vandaan

De lente breekt weer aan
laat bloemen opengaan
laat mij de deuren openslaan
want de lente komt er aan

De doorstart van het leven
die de lente is
veegt de lei van het jaar
blinkend schoon & fris

Ik wil naar buiten gaan
weer in de velden staan
want de lente komt er aan
niet ver meer hier vandaan

Ik wil naar buiten gaan
weer in de velden staan
want de lente komt er aan
want de lente komt er aan

title : Lontje
Er zit een klein zwart lontje
aan mijn hart en
ik ontsteek het met mijn lucifer.
Het lontje brandt en
versmelt mijn hart
zet het om in warmte die
naar mijn hoofd stijgt.
Het zwakke rode licht
straalt tussen ribben door
de wereld in.
Mijn hart vervormt en
wordt kleiner
steeds kleiner
tot het
na een laatste flakkering
opgebrand is.
De rook kringelt omhoog
prikt in mijn ogen en
trekt aan de tranen
title : Maandans
Achter de duinen dansen de golven
zoet en zilt ruisend in nachtelijke stonde,
ik dans met de maan, huil met de wolven.
In glinsterzand draai ik een nachtelijke ronde
in een windvlaag weet ik me bedolven.
De mensheid ligt reeds uren op de sponde,
in het ritme van de hypnotische golven
dans ik met de maan en huil met wilde honden.

Ik tover in de rondedans, zing in hypnotrance,
bezweer je in stralenkrans dans in mijn seance,
huil met de wolven dans met de maan
tot je hart een moment zal overslaan.

Het zand stuift op onder mijn tred
in een dans waarin ik de liefde bezweer,
gekruid met jeneverbes op een mosbed,
zing ik met de wolven in het onweer.
En nu ik met mijn magie de zonsopgang belet,
de lange dagen tot de nachten bekeer,
prevel ik spreuken, bereid ik een vangnet
ontvang glimpen van hetgeen ik zo begeer.


Ik tover in de rondedans, zing in hypnotrance,
bezweer je in stralenkrans dans in mijn seance,
huil met de wolven, dans met de maan
tot je gevoelens je laten gaan.

Achter de duinen dreinen de golven
in de regen janken de wolven
achter de duinen dreigen de golven
in de maandans prevel ik mijn woorden
achter de duinen drijven de golven
het ritme op tot bezweringen.


Ik tover in de rondedans, zing in hypnotrance,
bezweer je in stralenkrans dans in mijn seance,
huil met de wolven, dans met de maan
tot je ogen voor me open gaan.



title : Meesterwerk
Mijn gehele oeuvre
samengevat
in een pagina;
ABCDEFG
HIJKLMNOP
QRSTUVW
X
Y
Z

title : Menu Touristigue
Ons restaurant is fraaie aan het waater geleegen.
In de Umgeving kun U geniet van een natuurlijke
rus. Op het teras, die boven het waater is gebouw,
kun U geniet van een verkoelende drinkje, maar ook
tevens kun U het er eten. Speciaal voor de tourist
heb onse kok een Menu Touristique samengesteeld.

-Groenesoep met een scheetje rom
-Huisgemaakte gehakbal in jagersous
-Begakken ardappelen
-Frise salaade
-Aardbijenromijs met slagrom

Wij wensen U smakkelijk eten en een aangenaam
verzopen in onze restaurant.
Bedank voor U bezoek en tot zoens.




title : Mona Lisa
Voor mij ben jij
De Mona Lisa;

Je glimlach
(die nooit je ogen bereikt)
je afgemeten tred
(welke altijd eenzaam lijkt)
je zuinige stem
(die iedereen afzeikt)

Voor mij ben jij
De Denker;

Je draagt een masker
(van duimendik staalbeton)
een aangemeten air
(gelijk een luchtballon)
en een vast leefpatroon
(alsof je ooit veranderen kon)

jij bent Kunst

Voor mij ben jij
de Arc de Triomphe;

Je staat fier overeind
(een archa
title : Muze (fugit amor)
een oude vrouw gekluisterd
tussen muren als marmer wit
de dag heeft ze befluisterd
alle jaren die zij hier zit

afgunst van de grote geest
verblind door eigenwaan
zijn muze ben je geweest
doch kijkt je niet meer aan

verstoten vergeten
verslagen gebeten
vereeuwigd verstenigd
gevoelens gelenigd

in stilte denk je aan Parijs
de beelden in je hoofd
gegoten in een bronsmatrijs
het smeltvuur nu gedoofd

ik zie-

Camille


de dagen zijn zo stil
en niemand die je hoort
je zwijgen is zo kil
je liefde zo vermoord

ik zie je-

Camille



title : Nachtkroppels
Zwergelend verdraal ik in knatsende voertuigsels
op het begonsde vokkel naar het bragende land.
Aldaar verzweelt het bos met krogende boomgnorren die
groen uitgesloft enige vliegzworken vergralen.
Kwerselende lichtbrasen vormen een koor van
oorkwerrelende braten die busselend grepelen.
Ik garp mijn vehikelen in de snitspielen en stap uit
om wat te gnallen.
Na een krottel verbiest een boomgnor mijn sknier ik wordt
vregel en doe de zwegel open.
Van ellende brort de gnor en het blauwe steppeltje
dat ernaast hapselde vertoogt in wapschap.
Neerflierend boelt het graam geworden gnorreltje en swieft
naast de deurbalser waar zeker vijftig kroezels op klaten.
Ik hoor een knoppelend geswippel en kijk over mijn snoppel achterom
daar staat een grote bleggl die met de zwakkels in zijn briel zegt
GoereGoml
Ik duik in de zwolk en wordt fikel naast mijn bed.

title : Noodlot
Het Noodlot wacht
ik zeg
ik heb geen tijd, kom nog eens terug
Het Noodlot wacht
flink vermagerd staat hij voor mijn deur
Vandaag niet, zeg ik,
effe geen zin
Het Noodlot wacht
op mijn stoep tot hij een ons weegt
Ik heb geen tijd zeg ik wederom
maar een Noodlot van een ons
stelt ook niets meer voor
Het Noodlot,
ziek en verzwakt, stort in,
vergrijpt zich aan zichzelf.

title : Oneerlijk
Het lijkt zo oneerlijk
ik alles jij niets
Als je de essentie zou kennen
van het 'alles' dat ik kreeg
-Drama der bovenste plank-
zou je niet willen ruilen
Maar ik ook niet.

title : Onnatuurlijke vormen
Je giet een mal en
probeert me erin te persen
hoewel ik vrij beweeglijk ben
zal ik nooit precies
passen in de vorm die jij
wenst.
Gooi de mal weg, verander
de mal of
pers een ander
in je beeld.
Onnatuurlijke vormen zijn
niet mooi want
spanning doet ze breken.
title : Onweer
Heb je niet gemerkt
het onweer vanavond?

in alle hevigheid
spleet de hemel haar zwarte laken
en liet met denderend geraas
haar hamer, vuist van Thor
stuiteren tussen de wolken.

Heb je niet gemerkt
het onweer vanavond?

Al deze ontladingen
komen niet van boven
in diepe nacht
maar uit mijn diepe verlangen
naar een glimp van jou
dikke druppels regen waren warm want
zoete tranen ontsprongen
uit mijn hart
de donderslag mijn hartspier

Heb je niet gemerkt
het onweer vanavond?

title : Patio
De zon staat laag met
Bronzen stem.
Het stof waait op
Op de patio
Een oude schommelbank
Daar liggen wij
Krap maar zij aan zij.
Het huis met bladderverf
Trilt in warme zomerstralen

We doen niets
Reeds genoeg.

Een provencaalse geur
Drijft over velden
Waar krekels luisteren
Naar onze harteklop.

Zo liggen we gedachtenloos genietend
Al kon het net zo goed wezen
Op jouw oude kamer,
De katten op schoot,
De muziek is stil.


title : Pluk de dag
Ik werd wakker op een ochtend
als zovele dagen
en liep mijn kleine tuin in.
Daar stond een bloeiende boom,
een der bloesems
begroette me;
dag, vreemde jongen
Ik plukte de dag en
stopte haar in mijn revers
zodat de dag ook eens
iets anders zag.
De dag begroette eenieder
die mijn pad kruiste
en allen lachten
behalve de bloesem
langzaam verwelkend.
In de late avond
hing ik mijn jasje op
gaf de bloesem der dag de vrijheid.
's Nachts kwam ze terug
en ze plukte mij.
Daar zat ik dan
opgeprikt op het
revers
van de dag ervoor.

title : Po
Niets
zo
aandoenlijk
als met je pen
peuteren
in
andermans oren.
title : Puinhoop
De puinhoop ontvlucht ik
ben de enige nuchtere wil mijn
stem sparen voor
het optreden loop
doelloos door de buurt
en hoor mijn oren zingen.
Ik duik op zoek naar urinoir
een vage kroeg binnen waar het

God zij dank

erg stil is. In
gesprek rakend met de barman
blijkt zijn interesse voor mijn werk we
stoten een biljartje en verkoop
zomaar een bundel de
koffie was gratis.
title : R
Zo pril nog het leven, en flonker in de ogen
zoveel nog te geven, de zon in het gelaat.

Zo pril nog de liefde, de jeugdige charme
die mijn hart doorkliefde, de wind door het wezen.

Zo pril nog de herfstzon als goud in de straten
ik dacht dat ik alles kon met jou aan mijn zijde.

Zo pril nog de dag, die alles scheen te geven
je mooie lieve lach; het drama voltrok.

Zo pril nog de dood, met geweld in mijn leven
mijn wereld wordt rood, mijn hart gestorven.

Tien jaar nu het graf mijn lief rust zacht
jij die alles gaf je leven te vroeg geblust.

Zo pril zilte tranen gesprenkeld op het mos
de liefde gaat tanen maar laat nooit meer los.
title : Het Raam
De zon wil ik je geven
maar weet niet hoe haar in te pakken.
Door het raam schijnt ze
om je te voeden met haar warmte
en je dag te verlichten.

Een boom wil ik voor je planten
zodat ze schaduw geven zal
wanneer je verkoeling of steun zoekt
onder ruisend bladergroen.
Je kunt haar zien groeien
vanachter je raam.

Een nachtegaal wil ik voor je temmen
zodat ze je bezingen kan
vanachter het raam
in zoete tonen
en je tonen
hoezeer ik van je hou.



Een ster zal ik voor je plukken
en planten boven je raam
zodat ze naar je knipoogt.

Een ster zal ik laten vallen
en leggen onder je bed
zodat je mij ook vasthoudt.

Een ster zal ik voor je worden
en zingen over je lach
en jij je tranen afdroogt.



Dan huur ik de maan
en hang haar er naast
zodat haar zilveren stralen
je in slaap sussen en over je waken
als je bang bent in het duister.

Een bloemenveld zal ik zaaien
zodat haar geurenpracht
je weldadig omgeeft
en de kleuren reflecteren
in je raam.



Een ster zal ik voor je plukken
en planten boven je raam
zodat ze naar je knipoogt.

Een ster zal ik laten vallen
en leggen onder je bed
zodat je mij ook vasthoudt.

Een ster zal ik voor je worden
en zingen over je lach
en jij je tranen afdroogt.



Een hart wil ik voor je stelen
zodat ze kloppen zal
in gelijk ritme
en jij het raam kan verlaten
en de rode lichten
verruilt voor liefde.


title : Requiem voor Demeter
Nu zo in de donkerte van
vroege avonden
het Eind van het jaar
tastbaar is
wordt het beendergestel van
Demeter
uitgehold
Een beenmergtransplantatie heeft
plaatsgevonden.
Demeter
ondanks de moeizame relatie
Demeter
op haar laatste tandvlees
Vanavond nog eenmaal
in volle kracht aanwezig
straks prikte ze lek en vliegt ze weg.

Reeds cirkelen de Raven
hun klauwen uitgestrekt
hun ogen wijdgesperd
zo cirkelen de Raven

Nu trekt de caravaan
met slopersgerei
Demeterwaarts, langzaam naderbij.
De ramen rinkelen onder de nadering
een schaduw vliegt voorbij
de aarde kreunt onder het gewicht
sta Demeter bij.

Reeds cirkelen de Raven
hun klauwen uitgestrekt
hun ogen wijdgesperd
zo cirkelen de Raven
De sloperskogel rukt zich los
rammelende kettingen in de vlucht
-een doffe dreun-
scheuren in de ramen
een gil doorbreekt de nacht

Reeds cirkelen de Raven
hun klauwen uitgestrekt
hun ogen wijdgesperd
zo cirkelen de Raven

De plaats waar ik uren verdeed
biljartend, vergaderend, schrijvend
socializend
Demeter-
ondanks de moeizame relatie
Demeter
op het laatste tandvlees
De spanten begeven krakend
de deurpost geforceerd
Demeter staat op instorten
fundering blijft gespaard

Reeds cirkelen de Raven
hun klauwen uitgestrekt
hun ogen wijdgesperd
zo cirkelen de Raven.

Eerste stenen weer gelegd
een nieuw gestel gebouwd
en niets blijft bij het oude
Demeter
ondanks moeizame relatie
Demeter
ik heb van je gehouden.
title : Romanticus
Ik ben
om zo te zeggen
een Romanticus van het
Zwarte soort
een podiumdichter
wil mijn roerselen kenbaar maken
opdat men me begrijpt.
Soms de Dionysus en dan weer Orpheus
Met Prometheus voer ik discussies
Tristan is mijn vriend
Lancelot komt boven als ik mijn
Daphne ontmoeten mag
Dan verander ik
van whiskeyfles
naar wijnglas van
vreugdevuur naar kaarslicht
Een Romanticus
opdat men me begrijpen zal.
title : RozeRood
Rozen zijn rood
viooltjes zijn blauw
mijn rechteroog ook
geslagen door jou.

title : Scheurwind
Hagel Zon en Zware wolken
die langs de hemelkoepel kolken
brengen geuren mee van verre
van Kiev of misschien Auxerre...

Wind scheurt door duizend straten
verkeert in alle staten
aan grenzen heeft ze zo het land
bouwt een luchtkasteel met wat zand.

Ze giechelt in de schoorsteen
danst lachend om de mensen heen
een luchtballet van grauwe ganzen
laat de bladeren vrolijk dansen.

De storm brengt vreemde geuren mee
van verre landen over zee
misschien dat ik jouw geur herken
terwijl ik ergens anders ben.

Balorig rukt ze lakens van lijnen
laat bomen meedeinen
ze windt geen doekjes om haar kracht
ze is de laatste die lacht.

Maar in de nacht gaat ze liggen
vleit zich naast je neer
drinkt de dromen van je lippen
en vertelt mij die dan weer.

Hagel Zon en Witte wolken
die langs de hemelkoepel kolken
strooien verre geuren in het rond
van Lhasa of misschien wel een zoen van jouw mond...


title : September
Fragiel getrokken zenuwdraden
treden binnen
in mijn met
ondefinieerbare gevoelens gevulde ziel
Schrijdend
licht schrijnend
schijnen zij op mijn gedachten
negatief en positief scheidend
Als kleverige visceuze draden
hangt een gespannen sfeer
tussen linker en rechter hersenhelft
Archa
title : Sorry
Sorry zeg je nooit eens tegen mij
zwijgen brengt je ook niet dichterbij
van schelden ben ik moe
het laatste dat ik doe
is wijzen naar de deur met ogen dicht.

Je troost me niet als ik verdrietig ben
hoewel ik je al dertig jaren ken
met tranen op mijn wang
staar ik naar het behang
als jij zo ijskoud naast me ligt.

Gedoofd is het vuur
verdroogd is je lach
hard is de muur
en eenzaam de dag
want
sorry zeg je nooit eens tegen mij.

Het is niet altijd zo stil geweest
het is niet altijd zo kil geweest
gelachen hebben wij
al staat me niet meer bij
in welke eeuw dat moet zijn geweest.

Samen wilden wij het leven in
nu ga je er alleen maar tegenin
ik voelde me rijk
nu haal jij je gelijk
maar sorry zeg je nooit meer tegen mij.

Gedoofd is het vuur
verdroogd is je lach
hard is de muur
en eenzaam de dag
want
sorry zeg ik nooit meer tegen jou…



title : Spookrijders
Spookrijders
Zijn Spookrijders
Omdat ze nooit worden aangetroffen
title : StadStaStil
Langs de spoorlijn loop ik langzaam
(zacht druilend regenweer)
mijn gedachten dwalen eenzaam
(echo heen en weer)
ik schop een steentje van zijn plek
(een muisje vlucht snel weg)
aan bezigheden geen gebrek
(een merel in de heg).

Het hoorngeschal maant mij opzij
geluiden van de industrie
de goederentrein raast vlak langs mij
staal en kabels stadschemie
de aderen kolken vol benzines
de lucht is hier verzwaard
de doffe dreun der persmachines
het ritme van de welvaart!


De wind giert door de spijlen
van de kranen aan de havens
aan de grenslijn van de stad de metropool

Stad Sta Stil!

Sirenes en alarmbellen
wolken worden uitgebraakt
uit de grond komt olie wellen
de aardse stof wordt hier gekraakt
pvc en kerosine
geen rust wordt nog bewaard
harde munten te verdienen
voedsel van de welvaart!

De wind giert door de spijlen
van de kranen aan de havens
aan de grenslijn van de stad de metropool

Stad Sta Stil!



Betoverd lijkt de wolkenlucht
als zij niet meer bewegen kan
bevroren in haar vogelvlucht,
ik kijk en wordt er stil van.
Een vogel lijkt versteend
de tijd lijkt vervlogen
de stilte is geleend
de wereld onbewogen.

Het hoorngeschal maant mij opzij
geluiden van de industrie
de goederentrein raast vlak langs mij
staal en kabels stadschemie
de aderen kolken vol benzines
de lucht is hier verzwaard
de doffe dreun der persmachines
het ritme van de welvaart!

Sirenes en alarmbellen
wolken worden uitgebraakt
uit de grond komt olie wellen
de aardse stof wordt hier gekraakt
pvc en kerosine
geen rust wordt hier nog bewaard
harde munten te verdienen
voedsel van de welvaart
title : Stad in Steigers 1
Strompelde de kroeg uit
mijn ogen gewend aan
aangenaam duistere omgeving
Het zonlicht van
de lentedag
bescheen mijn grauwe gelaat en vulde mijn
arme ogen
Verblind door de kracht van de gloeilamp
aan het firmament
zocht ik mijn weg
met halfdichte ogen onzeker
over het ongelijke plaveisel
Kermend door de overdaad aan licht
die ik ontwend was
struikelde ik over te laat
bemerkte afrastering
de gele bouwput in richting
diepere delen der stad.
Stad in Steigers
de opgebroken straten
een stad met open rug
eiste haar tol
stoffig krabbelde ik overeind

Mijn God, wat was ik toe
aan een borrel!


title : Stad in Steigers 2
Werd wakker
-uit de droom waarin ik verkeerde
omdat mijn wereld
begon te bewegen.
Angstig opende ik de ogen
wederom verblind
door zonlicht
-amper bijgekomen van het vorige gedicht-
-kneep de ogen haastig tot nauwe spleetjes dicht-
en zag de wereld vervormd
door kokervisie
De ogen uitgewreven bleek de wereld te bestaan uit
gigantische rioolbuis
bewogen door de kranen welke haar op de plek brachten
Zo zweefde ik over de bouwput van eens zo drukke Zuiderdiep
Hoe kom ik hier nou weer terecht
Mijn God wat was het tijd
voor een borrel!
title : Stad in Steigers 3
Overwelmd door dreunende herrie
van onwereldlijke machinerie
dwaal ik als dronken door mijn stad
vrachtwagens rijden de ochtend plat
toeterende taxi's die door het straatbeeld schallen
ergens hoor ik een huisdeur zachtjes dichtknallen
Stad in Steigers, een angstdroom
Stad in Steigers, een angstdroom
Ronkende motoren, knetterende uitlaten
Scheurende Vespa's verscheuren de straten
Ik sla de handen op mijn oorschelpen
al mag dat het kwaad niet verhelpen
mijn longen trillen door de resonantie
van graafmachines der intolerantie
Rammelende kettingen ketenen de nog jonge dag
het stof vult de straten waar mijn hart eens lag
Stad in Steigers, niets dan kilte
Stad in Steigers, nergens stilte
Dan word het me teveel, dat ijver gehijg
en roep ZWIJG!!!!!!

plots stilte in de straten
en zie slechts etalagepoppen op de stoep
een hap zand hangt stil in de lucht
een fietser balanceert op zebrapad
een stofwolk bevroren in de vlucht
Stad in steigers, eindelijk stilte


title : Storm
Deze morgen bij
het vallen der
bladeren
goudgeel tapijt
rooddooraderd
realiseerde ik me
de herfst
begonnen.
Bewonderde de opbouw van
naakte bomen en
mistige flarden
om me heen.
Zo de herfst
een fase
van ingetogen rust is
zo ik een rust
in mijzelf vond.
Gelukkig blijft het stormen.

title : Straten
De straten der steden bezaaid met leed

Bos rozen, weggegooid
en siert nu een prullenbak
Een meisje dat huilt
om verloren Liefde

De straten der steden bezaaid met leed

Een duif, aangereden
geplet, bloedvlek
Kinderbril, verloren,
versplinterd, vertrapt

De straten der steden bezaaid met leed

De straten die huilen
vervuild met kauwgom
Oude dame, beroofd
huishoudgeld, gebroken heup

De straten der steden bezaaid met leed

Zwervers, geen geld meer
bedelen om kwartjes

De straten....




title : Stront op tafel
Het restaurant is bevolkt met
kakkers die geen
Franse wijn durven bestellen maar
de Pat
title : Tarantula
Ik leef wel maar ben verdoofd
je kunt het zien in mijn ogen
er waart een windhoos in mijn hoofd
wat ik hoor lijkt wel gelogen.

Ik draag een masker zo vlak en kil
ik weet zelf niet wie er achter woont
zelfs voel ik niet meer wat ik wil
noch waar het leven mij mee beloont.

Ondanks de werelden in mijn geest
dwarrel ik langzaam weg
ondanks de lente die is geweest
vagen kleuren langzaam weg.

Ik zie het in je ogen; liefde is voorbij
de tijd sluit zich om mijn brein
kleurt gevoelens grijs en bruin in mij
hoe anders kon de wereld zijn.
in een eeuwigdurend getij
leek mijn toekomst jouw refrein.

Besluiten liggen in jouw handen
eenzaam buiten mijn leven
je zult verstikken en verbranden
wat ik jou nog had te geven.

Te vallen is wat ik verwacht
zonder je warmte aan mij zij
maar de donder die raast in de nacht
raast alleen voor jou en mij.

Ondergronds lijk ik wel geboren
weggedoken in de tijd
maar als de druk stijgt in mijn oren
weet dan dat ik bijt.




title : Tinkel
Tinkel
een
Lach in mijn oren
Schenk
een
Woord in mijn kop
Ontsteek
een
Bloem in mijn hart
Knip
een
Rib uit mijn kast
Stop
een
Licht in mijn fiets
Maar blijf weg,
weg,
blijf weg uit mijn Buik

title : Trieste schoonheid
Zwijgend kijk ik door het vuile raam naar buiten
waar de wereld zich afspeelt
en wederom is regen hetgeen ik zie
Het kozijnhout neemt het vocht al niet meer op
het loopt er slechts langs
tikkend via de ruiten aangevoerd
spetterend op het plaveisel
druppend van de bomen
borrelend in de goot
Mijn rode gaskachel tikt een eigen ritme
aangevuld door de statische dans der blauwe vlammen
achter het vergeelde ruitje
Deze compositie
van drie primaire kleuren
verwarmt mijn hart en woonkamer
En ik aanschouw niet slechts
de druilerige wereld maar
de Schoonheid van het Trieste

title : VadersZoon
Vragen had ik al niet meer te stellen,
gestorven reeds alle grote kwesties,
geen daden die ik je moest vertellen
of alle pijn in de stilte, die ik verkies.
Verbrand waren reeds alle schepen
lang geplukt de bladeren van hoop,
veld geploegd, vrucht uitgeknepen,
gedood is alle tijd die ik niet ontloop.
Nu rest mij na het gebeuren slechts het bitter gevoel waarin ik leegte ontwaar
gesloten achter de deuren, wier vacu
title : Vesperlicht
De zon rond deze tijd van
het jaar geeft zilveren licht
en geeft de stoffige stad
een betoverend mascara.

Haar oogopslag werd warmer
ondanks beginnende vorst.

Ik fietste langs verstilde gracht
praatte amper met de
passagiere; een moment
te mooi om te doorspreken.

Een klassiek stuk, -hymne-
aan het jaar dat sterft
en nachten die vroeger ontwaken.

Romantiek langs stinkend water
gecamoufleerd door vesperlicht.

title : Vlinders
Ze kweekt hem rupsen
hopend dat de flonker
in zijn ogen herschijnt

ze voedt hem cocons
opdat de honger verdwijnt
uit zijn treurgezette ogen

ze biedt hem vleugels
nodigt zijn bevliegingen
terug op aarde.

Ze wil hem de wereld
blindelings vergeven.

Hij vangt de vlucht
met lege handen
vleugels kreukend

hij verslindt vlinders
met blote tanden
kleuren verschalkend

hij smult van de lucht
die lente aankondigt;
kriebels doen hem lachen


title : Vonk der liefde
Een houtvuur brandt op aarde in de schemering
en werpt haar stralen op gelieven die minnekozen
terwijl zij zich ook van binnenuit verwarmd weten
en zich koesterend in elkanders armen verpozen.

Het hout is vers en jong gelijk der liefde zelve
zodat rook en vonken ontsnappen in zachte knetteringen,
in vreugde dansen zij boven het ritme der vlammen
een ode aan de warm aangelichte jongelingen.

Dan knettert het vuur een eerste liefdeslied
een vonkenregen stijgt hemelwaarts, gloeiend zacht
twee vonken, voor beide jonge mensen
title : Vreemdeling
Je bent de vreemdeling die
zwerft bij
Nacht en Ontij
door de gemoederen van mijn Ziel
Ongrijpbaar als een waterval
niet te stoppen
vul je mijn hoofd...

een eenzame traan sijpelt naar buiten

Je bent de vreemdeling die
zwerft bij
Nacht en Ontij
door de spelonken van mijn Geest
Ongrijpbaar als een mistflard
niet te vangen
vul je mijn hoofd...

een gedachte wordt omfloersd

Je bent de vreemdeling die
zwerft bij
Nacht en Ontij
door het druipsteengrottenstelsel
van mijn Leven

title : Vroeger
Vroeger dacht ik van
Ik ben mijn hele leven
lang alleen en de waarheid
lag dichtbij, een enkeling
die langs kwam keek door het
raam van mijn leven binnen liet me
snel weer alleen.
Vroeger dacht ik van
Als ik nou die Ander
zijn kan dan ben ik
Ergens anders maar een
Ander zijn is ook Ik zijn
en Elders heet dan
Hier.
Vroeger dacht ik van
Ik ben alleen voor het leven
maar het leven is alleen
voor mij.

title : Vulkaan
De aarde houdt haar adem in
de wolken hangen stil
als ik mijn lange reis begin
de berg bedwingen wil.

De aarde gromt me zachtjes toe
schudt me bijna van zich af
als ik haar mantel open doe
stuurt ze lava op me af.

De aarde houdt haar adem in en opent zich voor mij
ze werpt me warme lava toe in kolkend hete brij.
Rook en stoom verhullen me ieder op zijn beurt,
zachte plooien worden scherp, de ondergrond verscheurt

Brokken lava zijn aan me verslingerd

Ik dans op de vulkaan
in het landschap van de maan
ik dans op de vulkaan
het ritme van de vlammen
kan ik nu verstaan
ik dans op de vulkaan

Ze sputtert heftig tegen, ik zie de vlammen stijgen
stenen gooit ze in het rond, laat het niet bij dreigen
de aarde beeft en gromt en sist en spuugt met al haar vuur
het ritme dat ik met haar dans maakt haar overstuur

De aarde houdt haar adem in ze trilt nog zachtjes na
als ik haar flanken snel verlaat, duikelend naar voren
de schemering is roodgekleurd, gesis laat zich nog horen
aan de voet van de vulkaan waar ik aan de vloedlijn sta

Het basalt is afgekoeld, verhardt onder mijn tred
de lavastroom verstart waar ik mijn voeten zet
beneden mij de zilte zee waar ik mijn huid verkoel
het water wast de stoflaag weg in golven zacht en zwoel

Brokken lava zijn aan me verslingerd

Ik dans op de vulkaan
in het landschap van de maan
ik dans op de vulkaan
het ritme van de vlammen
kan ik nu verstaan
ik dans op de vulkaan

title : Water
Ik ben ijs
hard als steen
ik wacht op je warmte
ontvries mij nu
ik gebruik mijn gladheid
je te dragen.

Ik ben water
en zo koel
ik wacht in een karaf
tot je mij drinkt
ik gebruik mijn tranen
je dorst te lessen.

Ik ben water
glashelder
ik wacht op je handen
was je aan mij
ik gebruik mijn druppels
je te verzachten.

Ik ben water
en zo koel
ik wacht op je kussen
droom zacht van mij
ik gebruik mijn zachtheid
je huid te strelen.

Ik ben water
vloei met mij
ik wacht op je woorden
die je verzwijgt
ik gebruik mijn warmte
je te verwarmen.

Ik ben water
zacht als jij
ik wacht op je glimlach
en als die komt
gebruik ik mijn tranen je thuis te brengen.


title : Wekker
De wekker gaat
ik ben te laat
ik heb geen tijd
voor het ontbijt
de kleren aan
ik moet nu gaan
de deur op slot
de fiets kapot

De wekker gaat
ik ben te laat
geen strippenkaart
met grote vaart
daalt regen neer
op het verkeer
mijn hart dat bonst
mijn hoofd dat gonst

De wekker gaat
ik ben te laat
gesprek gemist
telefonist
die vraagt althoos
wat is er loos
met zwakke stem
zeg ik ad rem;

ik ben ziek


title : Wijnschaduw
De schaduw
van een wijnglas
kruipt rood
over ruwgestukte
geelgerookte muur
bewogen door kleine
kaars die flakkert
op het binnenwaaien van mensen
op zoek naar vertier.

Ik zoek slechts afleiding
van de muren die
de weinige momenten dat ik
in het koude huis ben
op me af komen en
eindig hier
in gezelschap van stilte
starend naar de wijnschaduw
op
alweer een muur.





title : Winterbloem
Een bloem, die in late herfst
haar hart laat open gaan,
de bladeren rusteloos ontvouwt
om in zonneschijn te staan

Ze draalt begerig in 't licht;
de krullen in de bladen dansen
in zwoele bries die driest
speelt met laatste kansen.

Ze spreidt haar vingers uit
zo voor de kille winternacht
maar de zon heeft niet de kracht
te stralen boven kaarsen uit.

Tocht beroerde het teder hart
dat stralend wilde wezen,
toen de zon kon haar niet zien;
neeg haar kopje neer en rilde.

De sneeuw laat zich al ruiken,
de winter meldt zich aan,
een grijze wolk in diepe lucht
laat de kelk aan haar voorbij gaan.


title : Witte duif
Witte duif

Vlieg op

Van het prikkeldraad

Wordt niet zwart

Er komt een stroomstoot



title : Zoete wraak
Wacht
op mijn fiets voor het
groene stoplicht en
frummel
wat aan mijn zak
probeer de knoop los te krijgen.
Het plan heeft postgevat
onbehoorlijk, wellicht macaber.
De knoop is los
het licht weer rood.
Ik glimlach, voorpret.
Dan; het groene licht en
steek het drukke kruispunt over.
Halverwege leeg ik mijn zak,
het zaad verspreidt zich
over het warme asfalt.
Aan de overkant stap ik af,
de eerste duiven storten zich op het
duivenvoer, al snel zie ik
twintig van die krengen.
Plots starten de auto's, en trage
duiven krijgen snelheid als ze
op de bolidebumpers smakken
of met gil en kraak onder de
wielen verdwijnen, tevoorschijn
komend als glibberige darmmassa.

Mijn wraak is zoet;
geen duif die het nog
in zijn botte zaagselkop haalt
op mijn jas te schijten!


title : Zwarte Haren
Vele woorden reeds
Heb ik gefluisterd
In de diepte van je zwarte haar
Ze hangen er nog in
Je kunt ze horen
Als je goed luistert
Naar mijn hart.

Vele woorden nog
Zullen volgen
In je onpeilbare zwarte haren
En echo
title : ZeulZiel
Hij rondt de hoeken van de straat
zonder ooit eens af te slaan
hij kent de bomen van de stad
je ziet hem alles gadeslaan.

Hij draagt een tasje met wat kleren
een hesje van de VenD
en als de meeuwen samen scheren
dan eet hij lekker mee.

Hij is een afspraakje vergeten
dus loopt door wind en weer
maar waar hij nu zou eten
dat weet hij ook niet meer.

Zijn schoenen zijn niet waterdicht
zijn veters zijn allang vergaan
gerafeld als zijn oud gezicht
de tand des tijds niet doorstaan.


Hij wast zijn handen in de vijver
en zijn haar in de fontein
ook al staat het dan wat stijver
zijn wensen zijn zo klein.

In een beker vangt hij regen
lest zijn dorst met het weer
heeft hij zonnenschijn gekregen
legt hij zich daarbij neer.


Langs de stoeprand staat zijn voetstap
want hij moet ergens heen
hij verdwaalt in betonlandschap
maar hij wil ergens heen.

Hij heeft de hele stad gekregen
hij houdt zijn handen nooit eens op
zal je zakken nooit eens legen
gelukkig met een halve dop.

Gevoel voor richting is hij kwijt
overal de horizont
ook mist hij gevoel van tijd
de wijzer draait maar rond.

Hij teert zijn longen met een sjekkie
gekregen op de boulevard
is hij niet op zijn vaste stekkie
loopt hij langs dit of dat trottoir.


Hij wast zijn handen in de vijver
en zijn haar in de fontein
ook al staat het dan wat stijver
zijn wensen zijn zo klein.

In een beker vangt hij regen
lest zijn dorst met het weer
heeft hij zonnenschijn gekregen
legt hij zich daarbij neer.


Hij rondt de hoeken van de straat
zonder ooit eens af te slaan
hij kent de bomen van de stad
je ziet hem alles gadeslaan.

Langs de stoeprand staat zijn voetstap
want hij moet ergens heen
hij verdwaalt in betonlandschap
maar hij wil ergens heen.


Hij wast zijn handen in de vijver
en zijn haar in de fontein
ook al staat het dan wat stijver
zijn wensen zijn zo klein.

In een beker vangt hij regen
lest zijn dorst met het weer
heeft hij zonnenschijn gekregen
legt hij zich daarbij neer.


Langs de parken blijft hij zwalken
hij moet toch ergens heen
de tijd zal hem verschalken
hij moet eerst nog ergens heen
hij blijft de straten stalken
maar hij weet niet meer waar heen...

title : Wilgen
Onder wilgen rust je zacht
in de schaduw van de nacht
je slaakt nog niet de lichtste zucht.
Als deken draag je de zwarte nacht.

Wilgenvingers strelen door je haar
het zachte mos draagt je stille naar
de droom van 's levens banen
en vervult me met stille tranen.

Onder wilgen rust je teer,
naast je handen kniel ik neer,
vingers verstrengelend prevel ik zacht;
wens verscheiden van de nacht.

Geen ademtocht beroert je lip
zacht lig jij aan worteltip
je slaakt niet meer een diepe zucht
als deken slechts de zwarte lucht.

Mijn vingers op je zachte huid.
Mijn kus die stil je ogen sluit.
De spijt dat jij moest slapen gaan.
De slaap die niemand op doet staan.

Je slaakte laatste diepe zucht
je adem vloog in de zwarte lucht
de liefde leefde voor een dag
en eindigde in laatste lach.

Onder wilgen rust je zacht
in de schaduw van de nacht
je slaakt nog niet de lichtste zucht.
Als deken draag je de zwarte nacht.

title : Rotsvlakte
In het begin was ik een rotsvlakte
Waar wind en regen me liefkoosden
Met hun ruwe onbeholpen vingers
Zodat ik zachter werd in aangezicht.

Langzaam vormden zich gelaatstrekken
In harde ondergrond bestemd voor eeuwigheid
En een glimlach ontlook tussen hoeken
Waar de elementen in gierden

Na myriaden van tijd begon ik te zien
Tot wie ik aan het verworden was
En begon te giechelen en schudden
Zodat mijn bewoners haastig heil zochten

Waarom zoeken ze veiligheid bij hun Goden
En niet bij mij, die nader is dan de onzichtbaren?
Waarom zoeken naar wat ver weg is
En negeren waar ze van leven?

Mijn lach werd breder en ronder
Ik hoorde eerste woorden
En luisterde naar hun gebrabbel
Vermaakte me een eeuwigheid.

Toen kwam de dag dat de eerste houweel
In mijn huid werd geslagen
Zouden ze mij werkelijk verwonden willen
In hun speurtocht naar antwoorden

Mijn innerlijk werd blootgelegd en ontgonnen
De onstilbare honger was gaan rammelen
En in hun nieuwsgierigheid
Werd ik ruw opengereten

Later werden de operaties preciezer
Doch ingrijpender van aard
Een bypass operatie, een stoma
Het droogleggen van mijn traanklieren

Mijn glimlach was reeds lang verworden
Tot grimas van diepe pijn en nijd
Jegens hen die ik gekoesterd had
Doch beten in de hand die hen voeden moet

Ik begon terug te vechten met huilbuien
En onderhuidse trillingen werden voelbaar
Het leven werd dooreen geschud
Doch nog steeds zochten ze hun heil ver van mij


Zouden die kleine wezens werkelijk blind zijn
En niet zien willen wie de moeder was
Die hen wiegde en verzorgde
Voedde en een dak bood?

Mijn grimas stond gegrift in hun huis
En zelfs vanaf de maan, mijn naaste buur
Zagen ze niet wat ze aangericht hadden
In hun blinde speurtocht naar de oorsprong.

De zandkorrels knarsten tussen mijn tanden
En in een laatste poging me te genezen
Begon ik koorts te vatten, mijn adem werd warmer
En ik zweette mijn virus de wereld in

title : Flora
liliacea
Laat mij je lelie zijn
die trilt in het tegenlicht
waarin jij je beweegt
met je spreukendicht

astera leucanthemus
een witte aster, kleine blaadjes
oplichtend in 't gras
waar je voetstappen stonden
toen je eenzaam was

nemophila atomaria
Je bosliefje, tussen hoge bomen
een bosvogeltje, kruipend op de aarde
het zomerzotje
je vrouwenkoren om je te bekoren

saxifragacea
een porseleinbloempje,
tinkelend en kwetsbaar
laat me koesteren
in je wildernis

silene, recedacea, coronilla et tagetes patula
een silene, kroonkruid
fluweeltjes om je neer te vleien

succisa pratensis
je mag me geven
je duivelsbeet

diely spectabilis
als ik maar niet ben
jouw gebroken hartjes

title : Warme lucht
Langzaam,
Zeer langzaam
Drijft de warmte
De kamer uit.

Een koelere luchtdeken
Bereikt mijn voeten
Terwijl twee groene kaarsen
De luchtdeken optillen
En tegen het plafond laten stuiteren.

De deur staat open,
De warme lucht kruipt
Onder het raam door
De gang in
Richting kapstok
Waar twee jassen converseren,
Naar de voordeur
En gaat daar
Met de koude lucht die er woont
Lekker een potje darten.

title : De Dwaas
Als ik iemand ben
laat me dan de dwaas zijn
die zich verwonderd
over zijn voetstappen
op het strand
waar water in de afdruk staat.

Als ik iets doe
laat me dan verbazen
over wie ik ben
dat ik nog leef
bijna alle mensen zijn dood
het ultieme afscheid.

Als ik iets wil
laat me dan dit willen;
het lange uitstel van het afscheid
en daar verwonderd over zijn
gelijk de dwaas.
title : Voor een seconde
Voor een seconde dan
eindelijk even
was ik,
ja ik,
het brandpunt
van belangstelling
in de dagelijkse gang.

Ik zat daar
op een bankje
in de zon
op mezelf
in gedachten
en die van anderen.

Iedereen keek
en keek
naar mij.

Even zelfs
stond het verkeer
een ademtocht stil
om mij.

Helaas helaas
maakte ik dit pas mee
toen ik onder de auto was gekomen…

title : Schikgodinnen
De Schikgodinnen
strekken hun armen
reiken begeertig
grijpgrage vingers
trillend naar het voetpad
dat ik betreed
op mijn wandeling
door het leven
met een eigen doel
afgeweken van de kaart
die ze voor mij
alleen mij
ontworpen hadden.

De Schikgodinnen,
wever, weger, knipper,
trekken vermoeid
aan mijn draad
knippen willen ze niet
weven doe ik zelf
wegen mag een ander.

De Schikgodinnen
hadden niet gerekend
op hun eigen lot.

title : Landschap
Zwevend over een landschap
van lang of nooit geleden
ruines schaars verspreid
rokend na de strijd

Zwarte golven wellen
op vanuit de diepzee
breken zich op de kust
verder alleen rust

Omgeworpen bomen in het bos
alles overhoop gehaald
enkele raven in de duinen
die naar voedsel struinen

Er is duidelijk veel gebeurd
in dit gewonde landschap
dat in 't maanlicht ligt te bloeden
ik begin reeds te vermoeden

Dit landschap is me welbekend
herken nog enk'le punten
daarachter in 't kasteel
was ik vroeger veel

Ik heb zelf die strijd geleverd
om opnieuw te beginnen
vernielde wat me niet beviel
in het landschap van mijn ziel

title : Als
Als in een droom waaruit
je niet wakker kunt worden
Als in een toren waaruit
ontsnappen ongedaan is
Als in een auto waaruit
de remolie is verwijderd
als in een ruimte waaruit
de lucht is ontsnapt
Als in een spel waaruit
de regels ontbreken
Als in een stoel waaruit
de zitting is gesneden

Zit ik vast
aan het leven
title : OnderWereld
De onderwereld
is zoet en
vol gevaar

De onderwereld
haalt binnen en
verstoot

De onderwereld
is duister en
kil

De onderwereld
is drukte en
ook hitte

De onderwereld
heeft energie en
houdt koest

De onderwereld
blaft niet en
bijt des te harder

De onderwereld
is verzwelgend en
verzengend

De onderwereld
duikt onder en
komt boven

De onderwereld
heeft regels en
wetten maar

De onderwereld
staat boven
De Wet

title : ZomerOchtendZonneschijn
Ik ben van steen
grijsblauw graniet
leef al eeuwen
verhard maar ook
verweerd.

Je vingers tasten me af
zoeken de scheuren en
barsten in mijn
verdediging tegen de tijd.

Zoekend en wroetend
graven je vingers zich in
het dunne laagje humus
dat in de loop der tijd
aan kwam waaien.

Scheuren worden langzaam groter
verbreden zich tot je er
grip op krijgt om ze te breken.

Zo kom ik
kaal tevoorschijn van binnen
uit de rots en aanschouw
zomerochtendzonneschijn.

title : Solitude
Mijn
Solitude is mij
zeer veel waard maar
kan ook niet zonder
anderen.
Veranderen
zal ik niet licht
terwijl roesten een
doorn in mijn oog
is.
Ook is
oppervlakkigheid een
Bron waaruit ik niet
drinken wil;

liever
drink ik mijn tranen dan
te ruiken aan
een leeg glas.

Toevalligheden als de
weg van sneeuwvlokken doen
mijn weg vormen weinig
parkeerplaats maar
veel zien. Misschien
dat mijn Solitude ooit
volledig is.

title : Kaarsjes
Het moment dat ik besefte
ik wil mijn vader niet meer zien
was het moment dat ik dacht
over een jaartje of tien
zo ging mijn gedachte door
kap ik er helemaal mee
en ik blies de kaarsjes uit op de taart
even tellen; een, twee!

title : Wegen van Woorden
De wegen van de
woorden
zo zoet door je gesproken
geven paden aan als lucifer
in duist're nacht. Een
witte laag op de
auto's weer krabben geblazen
verwarmt van binnen mij
deert geen vorst. Je
geeft jezelf bloot als
spinrag bij mist zo
fragiel ik
hou mijn hand thuis
bewonder de vormen die je
gewrocht hebt weet dat hier
Schoonheid in woont.


title : Boswandeling
Ik zwerf door het schemerige bos en
ontdek mijn Nietigheid tussen
bemoste bomen en scharrelende
eekhoorns. Een oude open plek waar
verdroogde berenklauw
haar plek vond laat me voelen
als kabouter tussen madeliefjes.

De tijd staat stil hier.

Rust groeit hier aan de bomen-
varens als ruisend dekbed tussen
heldere stroom en omgevallen
reuzen, mastodonten van het
woud. De zon schijnt en zet de
Tijd stil.
Ik klauter in een vliegden en
bezie het Leven. Een wandelaar
loopt ongezien onder me door en
de hond ruikt mijn stille
aanwezigheid. Stilte van vogels,
stilte van tijd.
Verzonken in eenvoudig genot
daalt de zon en eindigt een
dag. Mijn horloge stopt haar tikken.

title : Zomer
De Zomer
roest weg tot
roodbruine Herfst
vergrijzing slaat toe
tot stille witten
der Winter.
Het witte licht
ontleedt tot kleuren
van de Lenteregenboog,
verhardend tot het
blauwe staal van
onze Zomer.

title : bfm
Ben je tegengekomen op
avond in een kroeg
raakt in gesprek en
tekende een idee

De drang tot schrijven
raakte me diep
ook ik ken de drang
onbewust lijnen te leggen
geschreven in zwarte inkt

title : Oorsprong
Van de Zaan ben ik gekomen
naar heuvels van het zuiden
droge voeten de reden
het Hollandsche Veen te verlaten.

Zo kwam ik in Geuldal aan
en tot mijn grote schrik zag ik enkel water
tot de kerkklokken toe

Ik trok dus verder, Noordwaarts
door zand en veen en klei
zag de grijze toren
liet mijn wortels vallen.

Bruisend uitgaansleven
ik loop door straat en kroeg
waar men bier vloeit en knoeit
op mijn droge voeten.

title : Waar denk je aan
Geen woord in staat
uit te drukken wat ik denk
als ik staar
ik ben reeds eeuwenoud
doch wordt wekelijks geboren
was er eerder dan de mensheid
doch heb mij eraan aangepast
In fragmenten van seconden
zie ik beelden als
Daverende paardehoeven op het zachte mos dat
de stenen bedekt waar veren tussen liggen
vlak voor ze de rivier induiken
Sterrenstelsels die exploderen en tot warme
stofwolken verworden
Speigels, reflecterend en re-reflecterend tussen
zware gordijnen de beelden van een rouwende
jonge weduwe in het Russisch platteland
Het niets waarin een lucifer ontbrandt
Een glas wijn dat kringen maakt op mijn
schrijverstafel in het toekomstige leven.

Al zijn zich beelden te vormen
bij deze tekst
geen beschrijving benadert de binnenzijde
van mijn gedachten
wanneer ik staar
Was reeds hier toen Paloelithicu
werd ingeluid door verduistering
Vraag dus nooit Waar denk je aan...


title : Lentedag
lentedag-
Het leven is mooi, de zon op mijn gezicht
wind doet verse bloemen
naar me wenken
een meeuw kraait van plezier
lentedag-
het leven is mooi, zoete geur in mijn neus
geen wolk in de lucht
een kikker zoekt zijn weg
lentedag-
het leven is mooi, de wind in de haren
zachtblauwe hemel
vliegtuigstrepen
lentedag-
het leven is mooi, gras onder de voeten
een veldleeuwerik verkondigt het lied
van de lentedag, het mooie leven


title : Warme nacht
De warme nacht kroop door het kiertje
van het raam mijn slaapkamer binnen en
begroette me zacht,
sloop onder het laken en
fluisterde in de oren, verwonderd
gaf ik een droom terug met beelden van
vallende sterren in het
stille duinlandschap
kreeg een weerwoord van
kwinkelerende staartmeesjes
zoemende aardhommels die
het zonlicht begroetten, de
warme nacht begon
licht te geven, de zon bleek
onder het laken te liggen
schijnend door dunne stof,
het kiertje van het raam
de warmende ochtend in.

Zo werd ik wakker met
het zoete licht in de armen.



title : Uit
Voorbij - Verleden - Vergaan
Onze liefde eindigt haar bestaan.

Ooit;
l'amour
Nu;
geen moer

title : PassePartout
Het vel van mijn borstkas
rol ik opzij
zaag twee ribben door
ontwar de spieren en zenuwen
die als een stoffig spinrag
tussen de spaken wonen en
duw ze opzij.

In het zo ontstane gapende gat
plaats ik een kleine lijst
met fijn houtsnijwerk en
achter het glas, de passe-partout,
is mijn hart te zien.

Nu is zichtbaar voor eenieder
de roerselen van mijn hart
mijn kloppende levensmachine
mijn diepste ik.

Echter;
mijn hart zit zo diep verzonken
dat ik hem zelf niet zien kan
en anderen vragen moet
wat er beweegt
in mijn roerige binnenste.

title : Gemis van Brons
Ben reeds gewend aan de geluiden
van de nachtelijke stad, stilte doorbroken
door geklater van urinerende kroeghanger
onder mijn raam, gebral van vrienden
met een glas teveel hersencel te weinig.

Herontdekking;
de kerkklok in de straat slaat,
nog eens, derde maal, overgenomen door het
donkere timbre van de scheve toren.

De Rust van de Stad...

De bronzen stemmen laten je door de
nacht drijven, vuurtorens in de slaap
echo der dromen, voer mij terug naar het
nest torenvalken welke ik jaren terug ontdekte
op transen van een mergelkerk.
Opfladderend wanneer de Stem door de
heuvels raasde en weerkaatste tussen
ru
title : Gelijk de herfst
Geen liefde meer te vinden
geen afdruk of verfrest
geen woord.

Als een herfstblad toon je niet je
vroegere groen
slechts het afsterven,
herkent de boom niet waar je ooit
jezelf aan vast klampte, bang voor de grond,
ontkenning, g
title : De Tijd
In dit doosje zit Tijd.
Iedere dag, de afgelopen zes jaar
heb ik een seconde gestolen
van de Wereld.

Gespaard heb ik dus een half uur.

Op een dag heb ik een dag,
voor mij en niemand anders!

Maar nieuwsgierig als ik was
opende ik het doosje,

een half uur lang stonden alle klokken
en horloges stil, over de hele wereld,
en wat deed ik?

Staren naar de klok,
verbaasd dat het zomaar kon.

title : Vulpen in mijn reet
Ik ben geboren
met een vulpen in mijn reet
moeilijke bevalling
verwondde mijn moeders innerlijk
en al snel volgde het behang
verbruikte meer inkt dan alcohol
al doe ik nu een inhaalslag
stond meer op podia dan in sportzalen
schrijf mijn vingers lam en gespierd
omdat ik inkt in mijn bloed heb
en bloed in mijn inkt.

title : Groningen
Verzwierf mezelf
in de enige stad
waar mijn stenen staan
hervond mijn voetstap
tussen heipaal en bouwput.

De klinkers versgebakken
maisbroodjes.

Geen ziel had hier nog gelopen
geen voetstap ook.

Bij iedere stap weerklonk
het zingen der tegels
los in de voeg
de gele klinkers
en blauwgrijze medeklinkers.

Dit is mijn stad want
vol muziek!


title : Geen Woorden
Geen woorden
spreken de gevoelens uit
die je losmaakt

Is het een manestraal
Reflecterend en re-reflecterend
een uitzinnige menigte
spetterend door de branding?

Zodra de woorden gevonden
reeds afgedaan
onwaardig bevonden.

Geen woorden
spreken de gevoelens uit
die ik heb wanneer ze er zijn
in plaats van de woorden.


title : Groningen 2
De oorlogstaferelen in de binnenstad
verplaatsen zich langzaam noordwaarts
gelijk hogedrukgebieden en wintertaling.
Het zuidelijk deel van de stad
waar stofwolken de straat regeren
wordt langzaam genezen,
een gapend gat
metersdiep vol smerig water
is straks de laatste herinnering.

Boven de Markt waar de tegels
langzaam aaneengroeien
bepaalt puin het straatbeeld.

Tussen nieuwe kauwgomvlekken
en oude barsten
trekt de zomer een warmere jas aan,
waait de wind herfstluchten
door de spijlen van de hijskranen.
Zacht fluitend componeert ze
het nieuwe lied van de stad
waar beton en bladgoud hand in hand
luisteren naar kinderstemmen
die opklinken uit de hernieuwde huid.

De stad verft haar gezicht
een nieuwe bril, andere ring.

Waar uiterlijk drastisch ommezwaait
blijft het hart bonzen
in vertrouwd ritme maar ingevuld
door nieuwe melodie.

title : De Zee
De zee
golft in het gras waar
bladeren hun laatste spel genieten
voor zij in hoeken hun gewicht verzamelen
en de late najaarslucht opnieuw vervullen
omgezet van nerf naar herfstparfum.

Snel razen nu de vlagen
en spelen met spaken en shawls
fluisteren in mijn haren en
zingen vrolijk dansend door de stad.

Wederom grijzen in de lucht;
dan worden mijn pijnen gewassen
mijn hart gelucht en
de hartstocht kan weer toeslaan.

title : Tijd
De tijd is als een vriendelijke draak;
afschrikwekkend als hij vreemd nog is
maar als ik aan zijn karakter gewend raak
worden zijn daden minder catonisch.

Dan leggen de stofnesten van het geheugen
een verzachtende deken over herinnering
al verwordt geen pijnlijke waarheid tot leugen;
iedere lach metamorfoseert tot een gouden ring

die zich aan mijn vinger zal gaan hechten.
De dagen worden mooier wanneer er velen zijn
zelfs al heb je angstaanjagend slechte,
dan warrelt
title : Camminghaburen
Wenkend
waaieren de windmolenwieken
achter
't roerloos ruisende riet.

Daarachter
schijnen zilveren zonnebanen
over
groene graspartijen vrolijk.
Hier
schijnt de zon nu even niet.

Schuilgaand
op naargeestig NS-station
boven me
dreigend donkere regenwolken.

Een spat
verfrist mijn vermoeide gelaat
je lach
verfrist mijn gelaten gemoed.

title : Dichterlijke vrijheid?
Vanavond weer
de kaarsen ontstoken
de vulpen gevat
papier klaargelegd
de kat kwam op schoot
en heb geschreven
enkele vellen vol
met ingevingen vlot en veel
idee
title : Voor de lezer
Kriebeldekriebel
doe ik, krabbel,
zet geen zinnig woord
op de witte ondergrond
stempel mijn voetjes niet
in maagdelijk strand.

Kriebeldekriebel
schrijf ik, krabbel,
en ben wat verder
van de leegte verwijderd
heb eerste schreden gezet
tussen knerpende bladen.

Kriebeldekriebel
lees je, krabbel,
en snapt in het geheel niet
wat ik zeggen wil
snapt geheel niet
dat ik niets zeg.

Kriebelgeheelnietskrabbel.

title : Voor wie het zien wil
Zo wandel ik
met mijn zwarte puntschoenen
de lange grijze jas
kraag opgezet
door het vuil van de ranzige stad.
Een junk vraagt om een gulden
voor zijn zieke moeder
een zwerver peutert blij
ingedroogde mayonaise uit
vertrapt patatbakje.

De maan schijnt in de goten
title : Op de maan geboren
Op de maan ben ik geboren
lang geleden,
en toen een meteoriet
de maan een navel gaf
werd ik het ledig duister
in geworpen
om te zweven
mijn ronden
als maar nader
tot de blauwe aarde.

Enkele duizenden ronden
bezag ik het leven
op de turkooise schemerbol
voor haar dampkring
me tot zich nam.

Een daverend gat sloeg ik
in de zeebodem
en dreef
naar Hollandse kustwateren
langs Delta en Dijk
tussen Wad en Pier
kwam tot stilstand
in jouw armen
vannacht.

title : Spoorstaven
De spoorstaven trekken hun lijnen
knopend aan de einder
waar verre levens woelen
op diverse stations
bielzen de dwarsliggers
als regelmatig obstakel
in mijn enkele reis door de tijd.
Mijn kaartje reeds vaak geknipt
er is weinig kaart te zien
tussen de ronde gaten
sommige uitgescheurd
zo dat de vormen lijken
op het landschap
dat ik doorkruis
met blikken op de einder
maar belemmerd is mijn zicht
door de machinist in mijn hoofd
die mijn rit richt op einders
die ik wil bereiken
maar nimmer zien kan.
title : Zerken
De zerken
Gestorven
lange tijd
geleden
hebben zij
leven lang
dood geweest
met barsten
scheef gezakt
door de tijd
vervlogen
de scheuren
vol droog mos
de teksten
vervagend
als de mens
begraven
onder de
zware steen
aardse last
op schouders
gesloten
de ogen
ontstolen
is hun licht
de zerken
gestorven
doder dan
de mensen
bedolven
onder hun
zware last
duisternis
geen vlammen
koud en stil
de zerken
gestorven
de zerken
scheef gezakt
de zerken
gebarsten
de zerken
gestorven
boven mij

title : Heden in Verleden
Ik slenter door de straten
de eeuwige straten
van de Eeuwige Stad.
Twee meter beneden mijn schreden
ligt het voetpad
betreden door de marktkoopman
overvallen in het duister.
Nog ligt zijn bloed te vergaan
onder de harde huid
van de Eeuwige Stad.
ik daal af;
dieper en dieper
de tijd glijdt langs me;
ik daal af in de geschiedenis,
de roltrap kilgroen verlicht
(het verleden in tl-licht),
naar het metroperron
ben de enige hier
slechts de tonen van de
saxofonist, die door het riet,
verlengstuk van zijn hart,
de onnatuurlijke galm plaatst
in duizenden jaren
en ik laat het over me heen vloeien.
Op het perron ben ik de enige
die het bordje ziet;
vier minuten wachttijd
hoe betrekkelijk in deze context.
Aan de buitenkant
van betonnen metrobuis
liggen de doden
de jager-verzamelaars
die streden tegen de zee,
ze krassen met hun nagels
naar de toekomst
nu zo dichtbij.
Langs me raast de metro
boven me raast
de Eeuwige Stad.

title : Een Steen
In mijn vorig leven
was ik een steen,
groot blok basalt
deel van een bergketen
geteisterd door wind en regen
begroeid met woekerende planten
betreden door hijgende dieren
en het was goed zo.

In mijn vorig leven
was ik een steen,
sterk, voor eeuwig bedoeld,
tot de mens mij liggen zag,
versleepte naar de stad
in stukken hakte
gaf mij een gezicht
plaatste mij hoog op een gebouw
waarbinnen men zong en bad
tot diegene die het verst verwijderd is
niet tot mij.

In mijn vorig leven
was ik een steen
bekeek de stad
met door mensenhanden
gevormde ogen.

Hoog boven de mensen
had ik mijn zetel
en de duiven zetelden
op mijn hoofd.
Niemand die naar me omkeek
zelfs niet de duiven
die scheten
op mijn aangezicht.

Hun zure uitwerpselen
beten in mijn ogen,
vervormden mij
verzachtten mijn gelaatstrekken.
Ik werd lelijker dan de mensen
die mij verminkt hadden.

Verzwakt als ik was
stortte ik in een storm
ter aarde
de lange val mijn redding;
in stukken lag ik voor de poort;
ik kwam tot mijzelf.

title : Lege beker
Liever drink ik
eigen tranen
dan te ruiken
aan een lege beker.
Jouw beker is
voor mij
goed gevuld en
bittere wijn drink ik niet
maar je smaak is
welgevallend.
We gaan diep maar
ik laat niemand
verdrinken. Je
zegt reeds
flink dronken te zijn
ik
geef je de hand.
Sommige bekers zijn
amper gevuld met
restjes schraal bier
anderen tot de rand
met mede.
Al drinkend vullen wij
onze bekers de
smaak vermengend de
geur
bedwelmend.

title : Niets Raakt
we rijden zwijgend
onder grijs bedauwde luchten
langs de koeltorens
waar zelfs witte wolken vluchten
ik zie de wereld
door ogen onbewogen-
niets raakt me
niets raakt me
niets kan me nog raken


geboren voor de wereld
en gehard als stalen spie
verloren voor de aarde
van alles dat ik zie
dit is de wereld voor jou
maar minder nog voor mij-
want niets raakt me
niets raakt me
niets kan me nog raken


ik ben als steen
tranen heb ik geen
ik ben alleen

wat heeft de wereld me gelaten
zelfs een lieve stem klinkt fel
ik zie kille gelaten
bleker nog dan hel
ik bezie het zo gelaten
maar begrijpen doe ik wel-
niets raakt me
niets raakt me
niets kan me nog raken


niets kan me nog raken

title : Stille Grijzen
De verstilde herfstzon,
die laag aan de hemel staat
duwt haar zilverstalen zonnestralen
door bevroren waaierwolk,
laat ze scheren over het verse zand
en benadrukt
nieuwe voetstappen
en sporen van fietsband
in contrastvolle schaduwspelen.

Later, de reflectie van reflectie
tussen de huizen in
bereikt de zonnebril
die ik draag als enige nog.
Oh, herfst, als wijn je kleuren,
zilver je geuren.

Dan kleurt bronskoperen licht
het verlaten zand.

Later weer, de roodpaarse gloed
tekent zwarte silhouetten van huizen,
kleine raampjes geel verlicht
of blauw van televisieschicht.
De eenzame schoorsteen tekent
een donkere horizontale pluim
tussen ijsflarden en vliegtuigstrepen.

Een eenzame ster die flonkert,
een knipoog naar mij, de toeschouwer,
lopend over het verse zand
omgewoeld reeds door velen,
die zich naar de kleine ramen haastten,
geurend naar dikke jus en koffie
of de geur van het nieuwe bankstel.

In vroeg duister doe ik
nog immer mijn ronde
aanschouwd door heldere hemel
gekleed met een haarnet van sterren,
door het park dat fluistert
met haar omslaande bladeren,
de strijkstokken van haar sprinkhanen
met een maansikkel op haar voorhoofd.

De dag ten einde
de herfst begonnen.

Ik ruik de storm en regen
die vannacht over het verse zand razen zal
sporen wissend.
Een nieuwe lei
voor een nieuwe dag
onder herfstlucht in
stille grijzen.
title : Kostersgang
Onlangs in de
Kostersgang
ben ik wederom gestorven.
Vond mijn
ontzielde lichaam in de avond
naast me een leegbloedende vulpen
en papier met deze tekst.

Met vermoeide ledematen
prepareerde ik mijn doodskleed
en deze koffietafel.
Droeg mezelf ten grave
wierp de eerste hap aarde op de kist.
Een bloem wierp ik na richting
levenloze kistvulling
waarin mijn knoken straks bloot komen te liggen
mijn huid zacht zal worden
de lippen zwart en vloeibaar
de ogen naar binnen zullen kijken
en naar binnen vallen.

Mijn gebeente zal
verweerd door de tijd
boven komen drijven
een ellepijp zal uit de aarde steken
in de holte nestelt zich een hommel.

Dan zal ik opstaan
en mezelf vinden
in de avond
in de Kostersgang.
title : Veren van een ander
Was ik geweest
als Cassiel
- geen kleuren gezien -
of Damiel wellicht
- geen koffie had zich
aan me voorgeschoteld -
dan was jij de trapezeprinses
met kippeveren
die ik in de club opzocht
nadat ook ik mijn veren had ingeruild
voor de dood
en bewegingsvrijheid
voor jouw liefde
je kleuren gezocht
en niet meer door
andermans gedachtengangen
gelopen.

Nooit had ik zulke vleugels,
wel heb ik een
staartje en een grijze jas,
ook Berlijn vertoonde zich aan mij,
maar vliegen leerde ik pas
in jouw ogen.

title : Kleine Marcel
De kleine Marcel
is door de tijden heen
goed bewaard gebleven
in mijn diepe gronden.

Met zijn grote ogen
staart hij naar buiten
door mijn ribben heen
en klemt zijn kleine vingertjes
stevig om
rib en ruggegraat
onbevangen ongevangen.

Soms steekt hij
zijn blonde koppie
naar buiten
en leeft voor mij,
overleefde in mij
door mij
en ik door hem.

Ik koester mijn jonge alter ego
als mezelf
want jezelf
moet je koesteren.

title : De liefde kent 3 wegen
De liefde bewandelt drie wegen
laat zich soms eenvoudig duiden
en soms verstopt in een regen
van verhullende geluiden.

Drie is van een mens tot zijn naaste,
zij die wandelen lang je levenspad,
al zijn het soms de geksten en raarsten;
zonder hen is 't leven leeg en mat.

Twee is van minnaar en gelieve,
twee mensen die samen leven,
die handelen naar hun gelieven,
soms iets nemen, dan weer geven.

Een is die van moeder tot kind
van allen het volst van kracht;
zij, die onvoorwaardelijk bemint,
maakt stenen zielen zacht.

Toch is dit lijstje niet compleet
en moet ik er nog eentje in kwijt,
al weet ik niet of dat echte liefde heet;
dat is de liefde voor schoonheid.

title : Kaarslicht
Druppelend kaarslicht
geeft af op mijn handen.
Ik draag de gouden schijn mee
de slaapkamer in
waar je rustig ligt te slapen.

Weet je...
dan ben je ook zo mooi,
puur,
onbereikbaar.

Ik draag de gouden schijn mee
plakkend, zwevend in mijn handpalmen
en strooi 't zachtjes over je uit.
Naar 't schijnt, schijnt je lieve gezicht.

Je straalt van rust
en stilte.
Ik straal van liefde.

Ik betrapte me op de gedachte
dat ik bijna zou willen
dat je altijd sliep.